Voor ieder medisch probleem een app. Worden we er daadwerkelijk beter van?

Je bloed testen, bijhouden hoe veel calorieën je binnen krijgt, en het advies om naar de huisarts te gaan; er zijn duizenden medische apps. Vorige week presenteerden wij al een kleine greep uit de lijst. Al deze applicaties pretenderen te helpen, en het aantal neemt gestaag toe. Maar dragen de programmaatjes daadwerkelijk bij aan een goede gezondheid? Huisarts Bart Timmers volgt ontwikkeling nauwgezet. “Er is wel heel veel kaf onder het koren.”

De smartphone biedt tegenwoordig voor alledaagse problemen een uitkomst, en geeft antwoord op veel van onze vragen. Ook op medisch gebied. Zo stelt Google tegenwoordig diagnoses, en maakten onderzoekers van de Universiteit Twente en de Universiteit van Amsterdam deze week bekend een een app te hebben gemaakt die de gebruiker van een verslaving af helpt. Niet meer in de kring bij Jellinek, maar gewoon thuis op de bank afkicken.

Bart Timmers is huisarts, en werkt veel met medische applicaties, al is het om de ontwikkelingen in zijn vakgebied bij te houden. “Er zijn inderdaad behoorlijk veel apps waar je uit kunt kiezen, en ik sta er redelijk positief tegenover,” meldt hij.

bart640
Bart Timmers

Bovendien vindt Timmers deze medische hulpmiddelen nuttig. “Ze versterken het zelfmanagement van mensen. Patiënten hoef ik geen informatieboekje meer mee te geven. Ik kan ze nu gewoon wijzen op een bepaalde app waar dezelfde informatie wordt gegeven.”

Al betreft dat de informatievoorziening van patiënten. Recent nog verscheen het bericht over een applicatie waarmee bloed kan worden getest op hiv. “Zo’n app stelt een hele serieuze diagnose en de vraag is dan ook hoe betrouwbaar die is. Er zijn gelukkig wel richtlijnen voor dergelijke applicaties. In Nederland krijgen ze bijvoorbeeld een CE-keurmerk. Die hiv-app, die gepresenteerd wordt als een medisch hulpmiddel, moet dan wel doen wat het zegt te doen.”

Spelenderwijs
Breindebaas, de app die mensen van een alcoholverslaving af moet helpen (in de vorm van een game) klinkt Timmers goed in de oren. “Ik geloof heel erg dat dit werkt. Door verslavingshulp in de vorm van een game te gieten, is het voor mensen makkelijker om te doen en om eraan te beginnen. Mensen vinden het niet altijd leuk als de huisarts hen op het goede spoor wil zetten, want het kan confronterend zijn. Met een app wordt het wel leuk en krijgen patiënten ook gelijk feedback, of in het geval van dit spel, krijg je gelijk te zien hoe goed je speelt.” En dat heeft invloed op de terugval, want het is wel aangetoond dat de terugval in het eerste jaar met 10 procent verminderd kan worden, als die denkpatronen doorbroken worden.

Timmers gebruikte zelf een applicatie om controle te krijgen over zijn snoepgedrag. “Ik was een enorme zoetekauw. Dat is niet echt een verslaving, maar ik at wel heel veel snoep. Dat ben ik eens gaan bijhouden op een app. Ik moest invoeren hoe veel ik snoepte en kreeg dan feedback op basis van het aantal calorieën dat ik naar binnen werkte. Daar schrok ik van, en dat maakte het voor mij makkelijker om een nieuw voedingspatroon te vinden.”

Deelnemers krijgen tijdens het spelen van Breindebaas foto’s te zien van alcoholische en niet-alcoholische drankjes. Met een swipe-beweging kan de deelnemer de foto’s van zichzelf wegschuiven of naar zich toe halen. Volgens de onderzoekers worden op die manier de onbewuste denkpatronen van verslaafden doorbroken. De drempel om naar een therapeut of arts toe te stappen is soms hoog, en dit zou een manier kunnen zijn om zelf een eerste stap te zetten. Timmers denkt dat in de praktijk apps een aanvulling zullen worden op de bestaande geneeskunde. “De arts wordt meer een coach, denk ik. Hij zal mensen adviseren, anders dan nu. Een face-to-face-behandeling zal blijven bestaan, maar het zal een mengeling worden.”

app640

Enige voorzichtigheid is natuurlijk geboden. Timmers adviseert om eerst te kijken wie een app heeft ontwikkeld, en om de vraag te stellen of de ontwikkelaar belang heeft bij de gegevens die hem worden toevertrouwd door de consument. Timmers: “Hier komt namelijk ook privacy om de hoek kijken. Naar zo’n verslavingsapp moet je kritisch kijken, omdat het maar zo kan zijn dat derden je gegevens kunnen achterhalen. Zo kan iedereen erachter komen dat je verslaafd bent.”

De medische apps schieten als paddestoelen uit de grond. “Er is wel heel veel kaf onder het koren,” zegt Bart Timmers. “Er is een aantal goede apps, maar ook minder goede, want voor werkelijk ieder probleem is er tegenwoordig een app. Maar het aantal apps dat daadwerkelijk zoden aan de dijk zet is echt nog op één hand te tellen.” Zo lijkt de app Moet ik naar de dokter (ontwikkeld door huisartsen) wel handig, maar schijnt de app die bepaalt of je acné hebt (de telefoon geeft een kleur aan om te vergeleken met de kleur van de huid van de gebruiker) niet echt te werken. Een minpuntje aan de overvloed aan applicaties, aldus Timmers: “Je krijgt er een smartphoneverslaving voor terug.”