Vechtsportkeurmerk moet korte metten maken met excessen

Vechtsporten winnen aan populariteit in Nederland, maar de verschillende disciplines worden over het algemeen niet positief belicht in de media. Vechtsporten, en bijbehorende evenementen worden dikwijls in verband gebracht met agressiviteit, overlast, (georganiseerde) criminaliteit en de losse handjes van Badr Hari.

Het is makkelijk om te vergeten dat vechtsporten meer zijn dat. Een middel om de jeugd zelfdiscipline bij te brengen, bijvoorbeeld. Maar weinig sporten zijn zo intensief als de gemiddelde vechtsport, en er komt heel wat meer bij kijken dan louter iemand tot pulp slaan in de boksring, zal eenieder kunnen beamen die weleens een bokstraining volgde.

Maar excessen zijn, hoewel misschien wat gehyped door de media wat, een feit. Zo heeft ongeveer de helft van 600 criminele jongeren in Amsterdam in het verleden een vechtsport beoefend. Beter toezicht in de sportwereld zou kunnen voorkomen dat deze types hun vuisten buiten de sportschool of boksring gebruiken.

En dit is precies wat minister Edith Schippers (Sport en Welzijn) wil. Zij heeft een voorstel ingediend voor een heuse vechtsportautoriteit en een keurmerk voor vechtsportscholen. Het plan zal in de komende vier jaar uitgevoerd worden en gaat 500 duizend euro kosten. Schippers heeft het NOC*NSF gevraagd om hierin het voortouw te nemen.

Het plan moet ertoe leiden dat de sport veiliger wordt, en stelt onder meer dat er bij vechters onder de zeventien jaar geen trappen of stoten tegen het hoofd gegeven mogen worden. Daarnaast komen er duidelijke richtlijnen voor vechtsportevenementen, een vergunningplicht voor vechtsportgala’s en moeten trainers, coaches en scheidsrechters een licentie krijgen. De medische en sportieve geschiedenis van sporters zal daarnaast ook worden bijgehouden in wedstrijdboekjes.

Op papier lijkt het plan een opsteker voor het soms slechte imago van sporten als (kick)boksen en karate. En als de Badr Hari’s van ons land zich dan daadwerkelijk buiten de ring koest gaan houden, ziet de toekomst er voor de Nederlandse vechtsporten rooskleurig uit.