Recensie: ‘Koningin Lear’

Romeo in een Hawaii-bloesje. Hamlet die een taxi aanhoudt op Fifth Avenue. Het Romeinse volk dat via televisieschermen en een ticker op de hoogte wordt gehouden van de senaatsrellen – en van de tussenstanden in de eredivisie. In moderne Shakespeare-bewerkingen kan alles. Moet alles, lijkt het af en toe. En soms verlang je naar wat pas écht gewaagd zou zijn: een Shakespeare-bewerking die zich keurig aan de tekst en de instructies houdt.

Koningin Lear van Toneelgroep Amsterdam doet dat dus niet. Op verzoek van regisseur Eric de Vroedt schreef Tom Lanoye een nogal vrije interpretatie van King Lear. Om te beginnen is het verhaal verplaatst naar het heden: Lear is geen koning maar een CEO. Het is niet Lears koninkrijk dat opgedeeld wordt, maar het familiebedrijf. Een gigantische multinational. Er wordt overlegd, geruzied en gevochten in de boardroom van een penthouse. Een essentieel personage, de Graaf van Gloucester, is geschrapt. En er was nog iets. Een detail. O ja. King Lear is een vrouw.

Grote vrouwenrollen
De titelrol wordt vertolkt door Frieda Pittoors. Dat idee was zo’n beetje het uitgangspunt voor het stuk. In een interview met Trouw legt Eric de Vroedt uit: “Het klassieke repertoire kent geen grote vrouwenrollen voor oudere actrices en ik wilde dolgraag eens met haar werken.”

Niet alleen Lear is van geslacht veranderd, trouwens. Ze verdeelt haar bezit niet onder haar drie dochters, maar onder haar drie zonen. De secreten Goneril en Regan hebben plaatsgemaakt voor de proleet Gregory en de bleekneus Hendrik. Lievelingsdochter Cordelia is lievelingszoon Cornald geworden.

Moeders en zonen
Het zijn gelukkige keuzes, stuk voor stuk. Het idee van een enorm bedrijf als moderne versie van Shakespeares koninkrijk is niet helemaal nieuw. Het werd eerder gedaan in Michael Almereyda’s filmbewerking van Hamlet. Maar het werkt, op een handvol al te technische ruzies na – hoe hoog de gemoederen ook oplopen, het is lastig om echt mee te leven met conflicten vol bedrijfs- en beursjargon. Verder levert het een paar geweldige vondsten op: de enorme digitale landkaart bijvoorbeeld, waarmee CEO Lear duidelijk maakt welke zusterondernemingen naar welke zonen gaan.

De combinatie Lanoye-Pittoors is bijzonder geslaagd. Geen wonder: als er iemand venijnige, tegelijk bikkelharde en diep ontroerende moeder-zoon-ruzies kan schrijven, is het Lanoye wel, zoals we zagen in zijn autobiografische roman Sprakeloos. En als iemand tegelijk hard en zacht kan zijn, lief en woedend, is het Frieda Pittoors. We voelen Lears verdwazing, haar spijt en schuld en machteloosheid. De tragiek van een moeder die de liefde van haar zoons verspeelt. Heel veel pijnlijker krijg je het niet.

Koningin Lear is nog t/m 18 april door het hele land te zien.