Mark Rutte en Alexander Pechtold winnaars van de verkiezingscampagne

Het feest van de democratie duurt nog even; tot vanavond 21.00 kan er gestemd worden. Waar de uitkomsten van deze verkiezingen precies voor staan is echter onbekend. Vandaag worden uiteraard de verhoudingen in de Provinciale Staten en Waterschappen bepaald, maar er gaan vele redenen schuil achter de uiteindelijke keuze.

Voor sommige kiezers is het een afrekening of steunbetuiging aan het kabinet (‘reken af’, of ‘koers houden’), voor anderen zal het een ideologische of religieuze kwestie zijn (christelijk, liberaal), weer anderen laten zich leiden door een specifiek onderwerp waarvoor zij meer aandacht willen zien (dieren, ouderen) of stemmen strategisch.

Wat mensen werkelijk bezielt is een van de lastigste vragen binnen de politieke wetenschappen. Voor mijn eigen studie Politicologie schreef ik twee scripties: de een ging over de invloed van positieve danwel negatieve berichtgeving op de partijkeuze van kiezers; in de ander analyseerde ik op basis van kiezersonderzoek waarom de kiezer op een bepaalde partij had gestemd.

Hoewel de invloed minder groot is dan je zou verwachten (of tot op heden niet overtuigend genoeg wordt aangetoond) blijkt uit dergelijk onderzoek in ieder geval dát er invloed is, en het er dus toe doet hoe politici presteren in debatten. Vrijwel niemand leest partijprogramma’s om hun keuze te bepalen, en ook het percentage kiezers dat op basis van een algemene ideologie of identificatie voor een partij stemt is beperkt. Op de 1001 andere (onbewuste) redenen om te stemmen kunnen politici op allerhande wijze invloed uitoefenen.

De ondergrens
De uitslagen van de verkiezingen zijn weliswaar nog niet bekend, maar we kunnen al wel de balans opmaken van de afgelopen campagne, waarin voornamelijk de landelijke kopstukken de partij-eer mochten verdedigen. Wie blonk uit en wie zakte door het ijs? Om met dat laatste te beginnen: er was eigenlijk niemand die door ‘de ondergrens’ zakte. Geen van alle debaters maakte een Roemertje (zoals Emile in in 2012), noch zagen we een  Job ‘casino wit’ Cohennetje. De een was beter dan de ander, maar geen van de partijen verloor vanwege de campagne een enorm zetelaantal.

Wie deden het goed? Wat mij betreft waren Mark Rutte en Alexander Pechtold de uitblinkers. De uitgangspositie van de VVD was abominabel. Twee moeilijke jaren hervormen, aftredende Kamerleden en bewindslieden in campagnetijd, onhandige uitspraken van ministers – er leek geen einde aan te komen. En toch straalt het maar niet af op de premier, zelfs wanneer hij dubieuze uitspraken over jihadgangers doet. Teflon-Mark mag dan ook persoonlijk verantwoordelijk worden gehouden voor het (vooralsnog) fictieve herstel in de peilingen. ++, in Louis van Gaaltaal.

Ook Alexander Pechtold leverde puik werk. ‘Het kereltje’ kon meerdere keren de degens kruisen met aartsrivaal Geert Wilders (overigens weten beide partijen dat ze allebei winnen bij dergelijke debatten). Bij EenVandaag kon Pechtold zich de staatsman tonen en de kritiek van de bij tijd en wijlen bijna schreeuwende Wilders van zich af laten glijden. Ook in het NOS-debat van gisteravond spreken ze een-op-een, ditmaal koos de D66-leider voor het onderwerp energie. Wilders was duidelijk uit zijn comfortzone, en deze uitstekende zet leverde zowaar een vermakelijk inhoudelijk debat op waarin de verbitterde retorische stijl werd vervangen door een opgewekte.

Vanavond zal duidelijk worden in hoeverre de kiezer zich door de campagne heeft laten leiden in de stembepaling, en is het aan de politicologen – al dan niet in opleiding – om dit met data te ondersteunen. Mogelijk blijkt de afterparty leuker dan het feest zelf. Op NPO 1 kunt u vanaf 20.30 de uitslagen volgen in het programma Nederland Kiest.