Cashloze wereld benadeelt kleine ondernemer

In de Volkskrant van dinsdag bespreekt columnist Peter de Waard in het kielzog van Harvard-econoom Kenneth Rogoff het interessante idee van een wereld zonder contant geld. In zo’n wereld is er minder ruimte voor zwart werk en criminaliteit. Beunhazen en drugshandelaren ontvangen hun vergoeding meestal handje contantje. Daarnaast zou de afwezigheid van contant geld belastingontduiking tegengaan.

Na het lezen van de column moest ik denken aan een van mijn favoriete buurtcafés waarvan ik nog weleens vermoed dat de drie eigenaren er een flexibele belastingmoraal op nahouden. Het café heeft immers geen pinautomaat, de kassa lijkt minstens dertig jaar oud en de wirwar aan bonnetjes is voor de leek of belastinginspecteur ongetwijfeld een doolhof. Bovendien is het mij een raadsel hoe de bierprijs al jaren stabiel is gehouden op een onamsterdamse twee euro, terwijl de nabije concurrentie 15 tot 50 procent meer voor een vaasje gerstenat rekent. Tel daarbij op dat bierverkoop boekhoudkundig sowieso wat ruimte laat voor de café-eigenaar (een goede tapper zal minder bier verspillen en zo meer biertjes uit een fust krijgen) en je hebt de fundering van mijn vermoedens.

Toch voel ik geen aandrang om mijn vermoedens hard te maken. De sympathieke bierprijs houdt het café toegankelijk voor mensen met een kleinere beurs. Veel kroegbazen zitten bovendien gevangen tussen hoge accijnzen vanuit de overheid en wurgcontracten met bierleveranciers. Belangenvereniging stopbierbelasting.nl stelde vorig jaar dat de accijnzen op bier sinds 2000 met 80 procent waren verhoogd (alhoewel de verslavingsexperts van Jellinek in 2013 betoogden dat de accijns op een glas bier slechts een dubbeltje was). In zo’n – gepercipieerd – klimaat is het afromen van de omzet ten einde de belasting deels te omzeilen misschien begrijpelijk, maar nog niet legaal. Mocht mijn buurtcafé daadwerkelijk de belasting ontduiken, dan loopt de gehele samenleving geld mis.

Uit idealistisch oogpunt zou ik dan ook niet rouwig zijn als de pinautomaat in de buurtkroeg verplicht wordt gesteld. Voordat we buurtkroegen en andere kleine winkels het recht op contant geld ontzeggen zouden we eerst een ander probleem moeten oplossen. Boekwinkels, kroegen, koffietentjes en andere kleine zelfstandigen kunnen mogelijk een klein deel van de omzet buiten de boeken houden, maar dit is kinderspel vergeleken met de mogelijkheden die multinationals tot hun beschikking hebben. Bedrijven als Amazon, Starbucks en Heineken hebben de ruimte om tussen buitenlandse takken te schuiven met winsten, royalties en dividenden. Daarnaast kunnen grote partijen individuele afspraken (rulings) met de Belastingdienst maken. Mede dankzij deze legale mogelijkheden betalen zij percentueel gezien minder belasting dan kleine ondernemers. Zodoende kunnen zij de prijzen nog lager houden en deze kleinere ondernemers verder uit de markt drukken.

Deze belastingontwijking is weliswaar niet illegaal, maar wel in het voordeel van multinationals. Bovendien kan deze belastingontwijking prima plaatsvinden zonder contant geld. Kleine ondernemers kunnen de belasting niet ontwijken (legaal), maar wel ontduiken (illegaal) door omzet buiten de boeken te houden. In een wereld zonder cash wordt kleine ondernemers deze illegale daad van verzet ontnomen. Misschien terecht, maar voor een eerlijker belastingsysteem hebben we aan een wereld zonder contant geld niet genoeg. Universele belastingtarieven zijn dan onontbeerlijk.