NPO-baas en staatssecretaris in de clinch over kosten tv-programma’s

NPO-voorzitter Henk Hagoort heeft zich niet populair gemaakt bij VVD-staatssecretaris Sander Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. Die eist van Hagoort dat hij openbaar maakt wat de kosten per programma zijn op de publieke omroep, maar daar heeft de NPO-baas totaal geen trek in.

In De Telegraaf stelt Hagoort dat de publieke omroep zich op een commerciële markt begeeft. “Als we alles in detail bekendmaken, dan wordt onze concurrentiepositie enorm verzwakt en worden de kosten voor de publieke omroep alleen maar hoger. Daar is ook het publiek niet bij gebaat.”

Daarnaast vreest baas van de Nederlandse Publieke Omroep dat de politiek zich gaat bemoeien met programma-inhoudelijke en financiële keuzes als de gegevens bekend worden. “Bij transparantie op programmaniveau is de verleiding te groot dat de politiek ook iets gaat vinden van wat een programma mag kosten. Daar zijn we niet gerust op. We melden wel de kosten per net en per genre, zoals nieuws, opinie, sport, enzovoort. (–) Het gebeurt nergens anders in Europa dat de publieke omroep van programma’s individueel moet gaan vertellen wat ze kosten en dat gaan wij hier zeker ook niet doen,” vertelde Hagoort woensdag tegen BNR.

Is dit een te grote betutteling van de overheid die de vrijheid van de NPO beperkt? Of moeten publiek gefinancierde instellingen gewoon tot in detail openheid van zaken geven? De VVD vindt in ieder geval dat laatste. Kamerlid Arno Rutte meldt vanochtend in De Telegraaf dat ‘je bijna zou denken dat hij (Hagoort – EvS) wat te verbergen heeft’ en wijst erop dat de cultuursector uiterst transparant is over hoeveel gesubsidieerde producties hebben gekost en hoeveel mensen ernaar kijken. Rutte: “Hagoorts houding is niet van deze tijd”.

De zaak wordt ongetwijfeld vervolgd. De redenering van Hagoort over de commerciële markt die verstoord wordt door bekendmaking van de gegevens is in ieder geval een omkering van de feitelijke situatie nu. Daarin is de NPO de gesubsidieerde partij die een verstorende werking heeft op een commerciële markt, niet andersom. De angst voor bemoeienis van de politiek met het specifieke programmabeleid lijkt wel terecht. Eerder liet staatssecretaris Dekker zich verleiden tot het noemen van programma’s die wat hem betreft puur amusement zouden zijn en daarom zouden mogen verdwijnen, zoals Bananasplit.

[poll id=”326″]