Recensie: Leon Verdonschot – Alles van elkaar

Misschien wel net zo stereotypisch mannelijk als de macho-man, is de dweperige nerd. De obsessieve fan, de feitenkenner, de eeuwige puber die de halve wereld over reist, alleen om een volkomen terecht vergeten jeugdheld nog één keer te zien optreden.

Alles van elkaar, het romandebuut van journalist Leon Verdonschot, draait om een vriendschap tussen twee van zulke mannen. Dertig jaar zijn ze al bevriend, Martin en de ik-persoon, van wie we pas op het laatst te weten komen dat hij Leon heet. Dertig jaar van samen Rocky kijken, Star Wars-weetjes uitwisselen, en van heel veel, steeds gewaagdere, seksuele escapades.

In Martin en in Leon komen de macho en de nerd, de Star Wars-fetisjist en de seksverslaafde, samen. Hun opwinding over een perfect gewillig vunzig meisje wint het nauwelijks van de opwinding over de nieuwe lichtsabelgevechten in deel één van de tweede trilogie.

Alle smerigheid
De vriendschap komt onder druk te staan vlak vóór Martin, Leon en een derde vriend met vakantie gaan, naar Thailand. Wat een viering had moeten worden van het triomfantelijke driemanschap, wordt een aaneenschakeling van angst, onbegrip en wederzijdse verwijten. Martins vriendin heeft namelijk al zijn mails gelezen. Inclusief die van en naar Leon, de mails waar alle smerigheid in stond: ‘Alles wat we ooit hadden gedaan, van plan waren te doen of nooit hadden moeten doen.’
Oeps.

Misschien komt het omdat Verdonschot de jarenlange band behoorlijk overtuigend neerzet. Misschien komt het omdat Leon wel érg rigide, om niet te zeggen kinderachtig, reageert op Martins twijfels en verwarring. Maar het dreigende conflict voelt zelden als een definitieve breuk. Hoogstens als een klein barstje. Daardoor wordt de roman maar heel af en toe écht aangrijpend.

Niet terughoudend
Dat is op zich geen enorm probleem – de spanning zit ‘m niet zozeer in wat er nog kán gebeuren tussen Leon en Martin, maar vooral in wat er allemaal ís gebeurd. Een op het eerste gezicht vrij alledaagse behoefte die steeds minder alledaags blijkt. Verdonschot onthult in een soepele reeks flashbacks, en flashbacks in flashbacks, hoe ver de twee vrienden zijn gegaan.

Dat doet hij vakkundig en vermakelijk, op precies de juiste toon. Niet terughoudend maar ook niet overdreven exhibitionistisch. Niet koud, maar ook niet al te hedonistisch. De momenten van totale vervoering worden afgewisseld met momenten van totale onverschilligheid. Alles van elkaar schetst zo een geloofwaardig beeld van een geslaagde, tikje vreemde vriendschap. Twee mannen die zich in een fascinerend schmutzige wereld storten, een galaxy far, far away – drie of vier muisklikken en één creditcardbetaling.