Hoogopgeleide verdringt laagopgeleide. Wat nu?

Grote steden doen er alles aan om hoogopgeleiden aan te trekken, maar laagopgeleiden hebben daar niet altijd baat bij. Sterker nog, hoogopgeleiden zorgen voor veel banen, maar pikken die banen vervolgens ook zelf in. Dat staat in een onderzoek van de Rijksuniversiteit Groningen en Platform31, waarover de Volkskrant dinsdag berichtte.

De komst van hoogopgeleiden (geschoold in het hoger beroepsonderwijs of op de universiteit) zorgt voor nieuwe werkgelegenheid, vooral in de vrijetijdssector. Het zijn dikwijls baantjes die door laagopgeleiden (maximaal het vmbo afgemaakt of mbo niveau 1 behaald) ingevuld kunnen worden, melden de onderzoekers, maar in de praktijk werkt het zo niet. Het zijn juist de hoogopgeleiden die er met die baantjes vandoor gaan, en daarmee de lager opgeleiden van de markt verdringen. En de werkloosheid onder laagopgeleiden is hoog in de stad.

HP/De Tijd sprak hierover met Maurice Limmen, voorzitter van vakcentrale CNV.

Pech voor de laagopgeleide?
“Dat is op z’n zachtst gezegd inderdaad het geval. Het onderzoek is voornamelijk gericht op de horeca en als je als laagopgeleide niet eens meer in de horeca aan de slag kan, dan heb je een probleem. In grote steden is veel horeca ingericht op hoogopgeleiden, die het aantrekkelijk vinden als het personeel dat ook is. Ik moet er wel bij zeggen dat dit soort problemen ook versterkt wordt als er veel werkloosheid is. Als er geen of nauwelijks werkloosheid is, dan is er niet echt sprake van een dergelijke verdringing. ”

maurice961
Maurice Limmen

Is het beeld dat hoogopgeleiden de lager opgeleiden verdringen een beeld dat u herkent?
“Dit beeld herken ik zeer. We zien dat de werkloosheid mondjesmaat daalt, maar er is nog een lange weg te gaan. Het onderzoek is voornamelijk gericht op de hoog- en laagopgeleiden, maar wij zien ook een grote middengroep is, die overal buiten de boot valt. Veel mbo’ers bijvoorbeeld hebben nog wel een baan, maar lopen qua inkomen achter. Ze doen dus hetzelfde werk als een hoger geschoold iemand, maar verdienen minder.

“Het is echt het recht van de sterkste op dit moment. Hoogopgeleiden zijn in toenemende mate bereid om werk te doen waarvoor geen hoge opleiding is vereist. Zo wordt de hele markt scheefgetrokken. Het rapport beveelt aan om het minimumloon af te schaffen, om zo de positie van de laagopgeleiden meer concurrerend te maken. Daar zijn wij erg op tegen, want het minimumloon zorgt er namelijk voor dat mensen een fatsoenlijk bestaan kunnen opbouwen door middel van een baan. Er moet voor gezorgd worden dat er meer werkgelegenheid is, zo kan dit probleem worden opgelost. Het zal de positie van de laagopgeleide verbeteren.”

Toch schijnen laagopgeleiden uiteindelijk ook te profiteren van de komst van hoogopgeleiden.
“De kloof tussen hoog- en laagopgeleiden wordt steeds groter. Het worden twee verschillende werelden. Voor de lager opgeleiden wordt het steeds moeilijker om een baan te vinden. Los van dat is de bedrijvigheid wel goed voor een stad.”

U sprak zojuist van het middensegment. Vindt u dat het onderzoek te weinig aandacht aan deze groep besteedt?
“Dat wil ik niet zeggen, maar in het middensegment zijn weinig banen. Dit komt door technologische vernieuwing en het verdwijnen van lokale ondernemingen. Aan de onderkant zijn die banen er wel, maar die zijn dus ingenomen door de hoogopgeleiden. Als de economie weer aantrekt, dan zouden de lageropgeleiden die banen weer terug kunnen krijgen, omdat de hoogopgeleiden dan weer in hun eigen kring gaan werken.”

Is de verdringing een randstedelijk probleem?
“Het beperkt zich niet tot de randstad, al wordt het verschil tussen het platteland en de stad wel steeds groter. Veel bedrijven gaan naar steden toe en in kleine dorpen is het moeilijker aan werk te komen, al helemaal voor laagopgeleiden.”