Samenwerking PvdA en GroenLinks: uit nood geboren

Krimpend links praat met elkaar, meldt NRC Handelsblad vandaag. Ditmaal gaat het om een toenadering van GroenLinks en de PvdA. “De linkse partijen moeten gaan samenwerken, (–) de krachten bundelen tegen het grootkapitaal,” aldus PvdA-partijvoorzitter Hans Spekman. “PvdA en GroenLinks verschillen nauwelijks,” laat Kamerlid Mei Li Vos optekenen. Vanuit GroenLinks-kringen zijn positieve geluiden te horen, waaronder van oud-leider Femke Halsema en coryfee Maarten van Poelgeest. Achter de schermen zouden serieuze gesprekken gaande zijn.

Toeval is het niet. Beide partijen staan er belabberd voor. GroenLinks is met vier zetels klein in de Tweede Kamer, de PvdA staat er dramatisch voor in de peilingen. Van de electorale afstraffing van de PvdA bij de Provinciale Statenverkiezingen in maart wisten de SP en GroenLinks maar mondjesmaat te profiteren, onder de streep kromp de steun voor de linkse partijen.

Dergelijke pogingen tot samenwerking zijn altijd uit nood geboren, zo leren ook samenwerkingen (oprichting CDA en GroenLinks) uit het verleden. De partijen willen helemaal niet bij elkaar zitten, maar ‘moeten’ wel. Daarom houdt de SP zich nog afzijdig, daar gaat het helemaal niet slecht mee. Ook een grote PvdA of GroenLinks zou niet bij de ander aankloppen. Eerder sprak men bij GroenLinks ook over samenwerking met D66, maar die partij ligt inmiddels op premierskoers en wordt nu te rechts bevonden. Waarschijnlijk heeft vooral D66 zelf geen interesse. Waarom de grootste partij worden met een ander als je het misschien ook op eigen kracht kan (ten koste van onder meer GroenLinks)?

Het is jammer dat politieke samenwerking nooit voortkomt uit kracht, zoals in het bedrijfsleven gebeurt. Daar komt het regelmatig voor dat partijen fuseren als het goed met ze gaat, in de verwachting dat één en één twee is. De aangekondigde overname van TNT zorgde voor een boost in de financiële beurspeiling. Voor een politieke partij betekent het altijd dat men de wanhoop nabij is.

De woorden die Femke Halsema kiest spreken boekdelen. Ze vindt het ‘onverteerbaar’ dat links ‘permanent met elkaar in concurrentie is’. Volgens La Halsema komt groei van de PvdA ‘altijd van andere linkse partijen’, wat ‘ineffectief, weinig geloofwaardig en machtsstrategisch heel dom’ is. En ‘een links stembusakkoord bij de volgende verkiezingen is toch het minste.’

Dergelijke woorden hoorden we niet van Halsema toen het onder haar leiding beter ging met GroenLinks (en minder slecht met de PvdA). Maar uit nood geboren of niet, een partij minder in het politieke spectrum zou in ieder geval goed nieuws betekenen voor de bestuurbaarheid van het land. Want als de Provinciale Statenverkiezingen ons iets hebben geleerd is dat er iets moet veranderen aan de status quo in de Nederlandse politiek. Als de grootste partij nog maar goed is voor 17,5 procent van de zetels dreigt het land bij volgende Tweede Kamerverkiezingen onbestuurbaar te raken.