Waarom Ruud, Doutzen en de rest van Nederland zo lang zijn

Met m’n één meter tweeënzeventig ben ik voor Hollandse begrippen niet bijzonder lang. Slechts een centimeter boven het gemiddelde, om precies te zijn. Maar steek als Nederlander de grens over, en mensen moeten al gauw hun hoofd naar achter buigen om je fatsoenlijk in de ogen te kunnen kijken. Waarom ‘wij’ toch allemaal zo lang zijn, wordt me met enige regelmaat gevraagd. Soms hang ik dan een vaag verhaal op over de Nederlandse koeienmelk. Bij gebrek aan een ander antwoord, want ik houd niet eens van melk.

Het onderwerp blijft fascineren. We vragen ons al jaren af waarom we langer zijn dan bijvoorbeeld de Britten of de Amerikanen, en lanceren zelfs websites om het wel en wee van de lange medemens te bespreken. De lengte-discussie is weer in volle gang nu in het wetenschappelijk tijdschrift Proceedings B ook uitgebreid wordt ingegaan op die lange Hollanders.

De gemiddelde Nederlandse vrouw is dus 1,71 meter lang; de Nederlandse man gemiddeld 1,84 meter. Honderdvijftig jaar geleden was dat anders, toen behoorden we tot één van de kleinere volken van Europa. In anderhalve eeuw groeiden ‘we’ gemiddeld twintig centimeter. Inwoners van de Verenigde Staten werden in diezelfde periode gemiddeld maar zes centimeter langer. Gert Stulp van de London School of Hygiene and Tropical Medicine onderzocht hoe dat kan. Hiervoor verzamelde hij de gegevens van 42.616 Nederlanders.

Zaken als goede voeding – waaronder lactose (dus tóch die melk) –, welvaart, gezondheidszorg en toegang tot sanitaire voorzieningen spelen mee. Maar dat verklaart niet alles. De studie wijst uit dat vooral natuurlijke selectie een rol speelt. Lange mannen krijgen gemiddeld meer kinderen en de overlevingskans voor kinderen van lange ouders ligt iets hoger, waardoor de genen van lange mensen beter worden doorgegeven.

Nederlandse media pikten het gepubliceerde onderzoek gretig op, maar ook in het buitenland (onder andere in België, Verenigd Koninkrijk) bleek men nieuwsgierig naar waarom die Hollanders toch zo hard groeien. De Spaanse krant La Vanguardia verwijst naar lange, in het buitenland succesvolle Nederlanders, zoals Doutzen Kroes en Ruud van Nistelrooij. De correspondent van El País verbaast zich over ‘dertienjarige pubers die soms al schoenmaat 44 hebben’. Als afsluiter van het artikel grapt Isabel Ferrer over de holandeses die het hoofd al eeuwenlang boven de dijken moeten uithouden om niet te verdrinken: “Een goede oefening, in een land waarvan bijna tweevijfde onder zeeniveau ligt.”