Homomannen weigeren als bloeddonor: veilig of de reinste discriminatie?

Het Europese Hof oordeelde gisteren dat het onder bepaalde voorwaarden is toegestaan om mannen die seksueel contact hebben gehad met anderen mannen te weigeren als bloeddonor. Tegelijkertijd concludeert het Nederlandse College van de Rechten van de Mens dat het permanent uitsluiten van homoseksuelen een vorm van discriminatie is. HP/De Tijd sprak met homobelangenbehartiger COC en bloedbank Sanquin.

Het beleid van Sanquin – dat verantwoordelijk is voor de voorziening van donorbloed in Nederland – is al enige jaren onderhevig aan felle kritiek als het aankomt op mannelijke bloeddonoren die seks hebben met mannen. In 1999 veroordeelde wijlen oud-minister Els Borst (Volksgezondheid) Sanquins donorbeleid van destijds. Sanquin weerde alle seksueel actieve mannen die seks hadden met andere mannen uit de bloedbank in plaats van allen degenen die onveilige gemeenschap hadden.

In 2006 diende D66 een motie in om het permanent weigeren van homoseksuelen tegen te gaan, maar tot op heden is er niets veranderd in het beleid van de bloedbanken. Nu is de discussie opnieuw opgelaaid, want wat nu het College van de Rechten van de Mens en het Europese Hof elkaar tegenspreken?

Permanent uitgesloten
Volgens het Hof is het toegestaan msm (mannen die seks hebben met mannen) te weigeren, mits kan worden aangetoond dat zij nog steeds een verhoogd risico lopen op hiv. In eerste instantie lijkt dit gemakkelijk: uit cijfers van het Monitoringrapport 2014 Humaan immuundeficiëntievirus (HIV) infectie in Nederland blijkt dat er in Nederland per jaar 1.100 nieuwe gevallen van hiv worden gediagnosticeerd, waarvan 700-750 onder mannen die seks hebben met mannen.

Hiermee lijkt de zaak af, maar afgelopen januari onderzocht de Universiteit van Maastricht, in samenwerking met Sanquin het huidige beleid. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat dat permanente uitsluiting van mannen die seks hebben gehad met mannen niet langer noodzakelijk is. In navolging van het onderzoek heeft minister Schippers (Volksgezondheid) afgelopen maart de Tweede Kamer ingelicht en roept zij op tot een heroverweging van het beleid. Hierbij benadrukte ze dat het beleid pas aangepast kan worden na zorgvuldige overwegingen en voorbereidingen door Sanquin, waardoor de veiligheid van het bloed geven gewaarborgd moet blijven.

Besluit
Sanquin geeft aan de uitspraak van het College mee te nemen in overleg met ministeries van OCW en VWS en diverse belangenorganisaties, waaronder het homobelangenorganisatie COC. Volgens Robert Heckert, woordvoerder van Sanquin zijn beide uitspraken input voor de gesprekken die nu gevoerd gaan worden. “We zullen moeten kijken naar alle aspecten, voordat er een besluit genomen kan worden.” Daarbij benadrukt Heckert dat uit het eigen onderzoek niet verandert dat mannen die seks hebben met mannen in een risicogroep zitten. “We hebben onderzocht hoe graag mensen bloed willen geven, hoe zij hun eigen risico inschatten en of de antwoorden die ze geven op vragenlijsten overeenkomstig zijn met de waarheid. Daaruit blijkt dat er geen verschil is tussen homoseksuelen en heteroseksuelen, maar het feit is nog steeds dat mannen die seks hebben met mannen honderd keer zoveel risico lopen op een hiv-infectie.”

Verder betreurt Heckert dat mensen zich gediscrimineerd voelen. “Dat vinden wij erg vervelend, maar ik heb niet het idee dat we de emancipatiekwestie helemaal oplossen als we van een permanente uitsluiting naar een tijdelijke zouden gaan.”

Doorbraak
Volgens Tanja Ineke, voorzitter van COC Nederland, is ook die tijdelijke uitsluiting niet nodig. “De vraag is of je veilige of onveilige seks hebt gehad, als je veilige seks hebt gehad zou je bloed moeten kunnen doneren, ongeacht met wie je naar bed bent geweest. Zo werkt het bijvoorbeeld in Italië al bij bloeddonaties, het Nederlandse beleid is nu ronduit discriminerend en het moet worden aangepast.” Ineke geeft aan dat het COC blij is met deze doorbraak. “We zijn al jaren bezig om dit te veranderen, nu hebben 12 mei een gesprek met Sanquin en het ministerie van VWS. We hopen dat er nu eindelijk een stop komt op dit verbod, ik heb er vertrouwen in dat we tot een goede oplossing kunnen komen.”