Doodgaan blijft de beste marketing

Toen ik nog in een platenzaak werkte, hoefde ik geen krant te lezen om te weten wie er overleden was. Je ging ’s ochtends gewoon achter de toonbank staan en dan wachtte je tot een uur of tien. Ging een of andere obscure Duitse jazzzangeres die in 1954 haar laatste en enige hit had gehad drie keer door je handen, dan wist je: die is er geweest.

Je kunt een grappig persbericht schrijven of een mooie hoesfoto laten maken. Je kunt een minuut bij Matthijs van Nieuwkerk komen spelen. Je kunt een biertje vangen op Pinkpop, maar de beste marketing blijft doodgaan.

Thé Lau
Thé Lau wist daar alles van. Tussen de aankondiging en het sterven leefde hij nog vijftien maanden. Zo kon hij zelf genieten van de erkenning die anderen enkel postuum ten deel valt. Zijn afscheidstour met The Scene bracht hem naar grote zalen als de Heineken Music Hall en de Lotto Arena en zelfs naar Pinkpop, waar hij nooit eerder geprogrammeerd stond.

Daar kun je cynisch over zijn – het is mij nog geen moment gelukt om er niet cynisch over te zijn – maar Thé Lau vond het prachtig. In interviews vertelde hij dat zijn kanker hem meer had gegeven dan het hem had afgenomen. Als het niet zo wrang was, zou je elke muzikant zo’n afscheid toewensen.

In een interview met Nieuwe Revu komt cabaretier André Manuel te spreken over Thé Lau.
‘Mensen omarmen hier pas een artiest als-ie doodgaat. Zo zijn Nederlanders.’

Drs. P
Dat het niet altijd zo hoeft te gaan, bewijst het verhaal van Drs. P. Natuurlijk, die telde reeds 95 jaren bijeen en dus was er een aanzienlijke kans dat zijn dodenrit spoedig ten einde zou komen, maar hoewel niet meer zo koket als voorheen was hij nog altijd flink ter been. Wat ik bedoel: de populariteit in de herfst van zijn leven dankte hij niet aan zijn naderende dood. Belangrijker was dat platenlabel Top-Notch zijn verzameld werk in 2012 opnieuw uitbracht en daar een aardige mediacampagne tegenaan smeet.

Ook Armand mag zich in vernieuwde aandacht onderdompelen. Die is pas 69, maar zijn belangrijkste hitsuccessen stammen alweer van een slordige halve eeuw geleden. Niks wees erop dat hij nog voor zijn verscheiden bij De Wereld Draait Door aan bod zou komen, tot de populaire nederbeatgroep The Kik hem overhaalde om samen een album op te nemen. Momenteel trekken ze met zijn allen door het Nederlandse clubcircuit en spelen ze op festivals als Oerol en Retropop. Op die laatste was ik ook, voor een reportage. Armand was in de zevende hemel en dat kwam niet alleen door de jointjes. “Ik krijg hier zoveel luv.”

Het zal allemaal wel toeval zijn, het is hoe dan ook te vroeg om van een trend te spreken, maar het stemt hoopvol om te zien dat André Manuel niet per se gelijk heeft. Al zal een beetje doodgaan waarschijnlijk nooit kwaad kunnen.