Een verdronken vluchteling, anti-propaganda en een deerniswekkend EU-akkoord

Gisteravond zat ik voor het Amsterdamse Pakhuys De Zwijger te kijken naar de documentaire Those Who Feel the Fire Burning, die daar werd vertoond in het kader van IDFA by Night. De mengelmoes van fictie en documentaire verhaalt over de uitzichtloze situatie waarin vluchtelingen zich bevinden die de oversteek naar Europa overleven vanuit de geest van een verdronken vluchteling. Hoewel het ongetwijfeld een gekleurde selectie is en deels geënsceneerd, beklemt de film van 25-jarige Nederlander Morgan Knibbe. Als de situatie ook maar een beetje lijkt op wat te zien is in Those Who Feel the Fire Burning, is de documentaire misschien wel de beste anti-propaganda denkbaar. ‘Dit zouden ze moeten laten zien voordat ze die boten op stappen, dan bedenken ze zich misschien wel’, was de cynische conclusie.

Op dat zelfde moment draaiden de EU-leiders een akkoord in elkaar over de verdeling van 40 duizend migranten die in Italië en Griekenland zijn binnengekomen. Europese Raad-voorzitter Donald Tusk sprak van ‘solidariteit met de frontlanden’, maar daar is niet bepaald sprake van: de verplichte verdeelsleutel die landen dwingt asielzoekers op te nemen heeft het niet gehaald. Geen verplicht quotum, een halfbakken akkoord waarbij het regeringsafhankelijk wordt of en hoeveel asielzoekers worden opgenomen. De Italiaanse premier Renzi sprak cynisch dat ‘als dit jullie idee van Europa is, dan mogen jullie het houden. Dan verdien je het niet Europa genoemd te worden’. Onze premier Rutte reageerde weer eens onnavolgbaar: “We houden vast aan quota. Als dat niet lukt, dan zullen we moeten zien of andere landen bereid zijn vrijwillig te leveren.”

Het asielzoekersprobleem is bijzonder ingewikkeld, van de grensproblematiek met bootvluchtelingen bij binnenkomst, via opvang, tot verblijfsvergunning en/of uitzetting. Maar als dit soort onderhandelingsuitkomsten als ‘akkoord’ worden gepresenteerd zakt de moed je wel in de schoenen.