De moderne wielrenner lijkt wel een voetballer, zó saai

“De slungel, hij zwengelt voort.” Het was mooi gezegd en de woorden waren ons zomaar aangeboden door de Belgische televisie. Daarna kwam de slungel, wielrenner Chris Froome, zelf aan het woord, maar die maakte zo weinig indruk dat de prettige beeldspraak van de slungel en zijn gezwengel eenvoudig standhield in mijn herinnering.

Hoe dat kwam? Na zijn succesvol gezwengel in de Pyreneeën gaf de lange en ranke Froome op Plateau de Beille een interview – voor zover daar in het moderne wielrennen nog sprake van is. Hij gaf enkele algemeenheden ten beste die er niet om liegen. De geletruidrager in de Tour de France beantwoordde vragen naar zijn persoonlijke indrukken met verwijzingen naar zijn ‘knechten’. Dankzij Geraint – ‘G’ – Thomas en Richie Porte had hij de aanvallen op zijn leiderspositie zo goed kunnen afslaan, zei Froome na alweer een amusante bergetappe. Zelfs na de vraag naar zijn ervaringen met de krankzinnige weersomstandigheden van die dag begon Froome nog eens over die geweldige ploeggenoten van hem, ‘G’ en Porte. De in Kenia geboren Brit leek wel een voetballer. Nog even en de vanouds openhartig en persoonlijke wielrenners verwijzen uitsluitend nog naar hun geweldige teamgenoten of erger nog, naar hun trainer annex ploegleider.

Froome (links) rijdt achter teamgenoot en 'knecht' Geraint.
Froome (links) rijdt achter teamgenoot en ‘knecht’ Geraint.

Mediatraining
Liep Froome twee jaar geleden nog lekker spontaan boos weg uit een persconferentie na vragen over zijn vermeende dopinggebruik, nu begint hij in zulke gevallen met een doodleuk verhaal dat hij zulke vragen best begrijpt, maar et cetera, et cetera. Saai. Toen hij zaterdag werd bekogeld met urine door het publiek reageerde hij daar met minder gram op dan gerechtvaardigd was. Zouden zakelijk ingestelde wielerploegen zoals Sky – die van Froome en zijn ongekend formidabele knechten dus – tegenwoordig aan mediatraining doen? Het zou niet verbazen. Bij Sky wordt niets aan het toeval overgelaten. Als de belangen maar groot genoeg zijn (excuus voor het cliché, maar in dit verband gaat dat vanzelf) mogen ontboezemingen die verder reiken dan complimenten aan de ploeg – en de kok en de masseur en de technici – de investeringen niet versjteren. Alles onder controle!

Poëet
Vandaar dat de metafoor van de zwengelende slungel bleef hangen. Chris Froome had een uur kunnen doorpraten en dan nog zou de leuke woordvondst mij zijn bijgebleven. Dit dankzij de bloemrijk causerende Michel Weyts en José De Cauwer, de commentatoren op het eerste Belgische net, die het kolderieke woorden lieten regenen of het niets was. Het klonk van ‘ja, die hamert door’ en van ‘bij-pendelen’ en ‘voorbijgestroomd’ worden. Een ontsnapte renner slaagde er niet in ‘weg te kletsen’ en zo ging het maar door bij Sporza. De Belgen hebben het begrepen. Als de moderne wielrenner net zo vlak gaat praten als een voetballer, wordt de commentator vanzelf een poëet.

Ieder weekend schrijft Auke Kok voor HP/De Tijd een column over sport.