Wat Den Haag moet doen met het ‘schokkende’ geheime overleg

Het geheime overleg over inlichtingendiensten van vorige week heeft volgens Geert Wilders iets ‘schokkends’ en ‘onacceptabels’ opgeleverd. Is het een politieke stunt van Geert Wilders of is hij bloedserieus? Of beide? Het is hoe dan ook tijd voor meer transparantie.

Zwijgen wil hij niet, maar er echt iets over zeggen kan Wilders ook niet. Hij hoorde vorige week tijdens het geheim overleg van de Commissie voor Inlichtingen en Veiligheidsdiensten (CIVD, ook wel bekend als de ‘Commissie-Stiekem’) iets wat hij niet kan verkroppen. Wat deze informatie precies inhoudt is niet bekend, althans, niet publiekelijk, en als het goed is krijgen we er niets van te horen vanwege de strikte geheimhouding waaraan de AIVD en MIVD zijn gebonden.

Dat het ‘schokkende’ nieuws iets te maken heeft met een terreurdreiging lijkt wel zeker, alleen kan en mag geen betrokkene het bevestigen – noch ontkennen. De fractievoorzitters in de Tweede Kamer waren bij het overleg van de commissie, die volgens Wilders zelf op zijn verzoek samenkwam, maar zij mogen de informatie die ze daar hebben gehoord met niemand delen, ook niet binnen de fractie.

Toch wil Wilders er op een of andere manier over praten in de Tweede Kamer, maar dan zonder ook maar iets te onthullen in een motie waarin het kabinet wordt opgeroepen het beleid te veranderen. Want iets onthullen is strafbaar en kan een gevangenisstraf opleveren. Dat wordt dus een ontzettend vage en nietszeggende motie. Wilders: “Ik zal het kabinet vragen alsnog te doen wat ik vorige week al gevraagd heb. De fractievoorzitters en het kabinet weten dan waar ik het over heb. Verder zal niemand het begrijpen, maar wat moet ik anders? Het alternatief is dat ik het onder mijn schoen houd en niets doe.”

Is het een politieke stunt van Geert Wilders? Misschien wel. Dat Wilders precies weet hoe de hazen lopen in Den Haag en hoe hij media-aandacht krijgt, is algemeen bekend. Maar dat we van een serieuze zaak kunnen spreken en dit niet zomaar een stunt is, blijkt wel uit de reactie van SP-leider Emile Roemer: “Ik kan er niks over zeggen, ik mag er niks over zeggen, ik kan er niks over vragen.” Het is overduidelijk niet niks. Ook Kamervoorzitter Anouchka van Miltenburg weet niet wat ze met Wilders’ verzoek aan moet.

Volgens De Telegraaf, die navraag heeft gedaan bij de fractievoorzitters, speelt er wel degelijk wat. Laten we aannemen dat dat klopt en dat de terreurdreiging nu zo groot is dat er snel (politieke) actie moet worden ondernomen. Het is begrijpelijk dat de geheime diensten alleen de fractievoorzitters willen informeren om het risico op lekken van geheime informatie te beperken. Maar met dit vreemde toneelstukje van alle betrokkenen kunnen andere politici en beleidsmakers, journalisten en burgers helemaal niets.

Meer transparantie, desnoods onder aanvoering van het hoofd van een van de geheime diensten zelf of de politiek verantwoordelijke, minister Ronald Plasterk, is het slimste in dit geval. Dit eindeloze gespeculeer maakt het hele verhaal alleen maar vreemder en ergens ook angstaanjagender. Want wat is er nu zo schokkend dat Wilders oproept tot een snelle wijziging van het beleid? Waarom wil hij dat? En heeft hij een goed plan? En waarom doet het kabinet dan niets? Allemaal vragen waar we voorlopig geen antwoord op lijken te krijgen.