Herken de Hollander: gierige fooi, blijf-van-mijn-lijf-stappers en steenkolenengels

‘Ik dacht al dat jij Nederlands zou zijn’ of ‘Jij bent zeker Nederlands’, zijn zinnen die ik deze zomer op vakantie regelmatig gehoord heb. Geheel onlogisch is dat niet. Met mijn blonde halflange haar zie ik er, ondanks mijn bescheiden 1.80 meter, behoorlijk Hollands uit. Toch lukt het mij en veel andere Nederlanders om uiteenlopende landgenoten te herkennen. 

Blijkbaar scheppen we er plezier in om soortgenoten te herkennen in den vreemde. Uiteraard zullen we dit ontkennen, want het is heel Nederlands om je te verzetten tegen de aanwezigheid van landgenoten tijdens de vakantie. Maar je ontkomt er niet aan, verzuchten we dan theatraal. Die zogenaamde eigenhaat is alleen maar voor de bühne. Stiekem vinden we Nederlanders spotten hartstikke leuk. In ieder geval kunnen mijn vriendin en ik er ons tijdens vakanties prima mee vermaken. En aangezien wij vaak als Nederlanders herkend worden zijn er blijkbaar meer mensen die er zo over denken.

Maar waarom herkennen Nederlanders elkaar zo ogenschijnlijk gemakkelijk? Uit een korte zoektocht op het internet blijkt dat wij elkaar herkennen aan het gebrekkige modebewustzijn. De Homo Hollandica steekt zich in driekwartbroeken, uniseksjassen, sandalen en Birkenstocks. Deze kledingstukken worden voornamelijk gedragen door Nederlanders die op campings staan. Als liefhebber van Europese stedentrips en Zuid-Amerika ben ik ze niet tegengekomen. Behalve de Birkenstocks dan. Onfortuinlijk genoeg zijn het altijd Hollandse meisjes die zich volledig deseksualiseren met deze slippers. Geen enkel ander volk is zo stom om die blijf-van-mijn-lijf-stappers aan te trekken.

Maar hoe herken je Nederlanders zonder Birkenstocks? Misschien aan hun spijkerbroeken waar de gaten in zijn gefabriceerd of de comfortabele platte schoenen van de dames? Zeker dat laatste is niet exclusief Nederlands. Is het dan het uiterlijk? Zongebruind, blond en lang is ook een verklaring. Dit maakt echter weinig verschil met Belgen, Scandinaviërs en Duitsers. Bovendien zijn Nederlanders met donker haar, een lichte huid of een niet-zongebruinde donkere huid ook uit duizenden te herkennen. Schraalhazerij is volgens de Homo Hollandica ook een kenmerk van zijn soortgenoot. Nederlanders zijn te herkennen aan het voorzichtige geschuifel langs menukaarten, gierige fooien en gepingel bij marktkooplui. Tenminste, dat wil het stereotype.  Dat verklaart echter niet waarom je in het buitenlandse uitgaansleven Nederlandse jongeren lachend 5 euro ziet aftikken voor een biertje. Is het dan het steenkolenengels dat we spreken? Nederlanders zeggen graag over Nederlanders dat we onszelf overschatten als het op de kennis van de Engelse taal aankomt. Gelul natuurlijk. Er zijn weinig landen waar het Engels als tweede taal zo goed beheerst wordt. Het accent, eerlijk is eerlijk, blijft vaak onmiskenbaar Hollands.

Enfin, er blijven een hoop Hollanders die ik op vakantie herken voordat ze hun muil hebben opgetrokken en die niet aan de andere stereotyperingen voldoen. Is het dan de Nederlandse zelfverzekerdheid waar zij mee rondstappen? De directheid waarmee ze de wereld tegemoet treden? De openhartige blik die zich geen moment zorgen lijkt te maken om de vreemde buitenwereld? Zou kunnen, maar zeker weten doe ik het niet. Máxima zei ooit dat de Nederlander niet bestaat. Ze had ongelijk. De Nederlander bestaat wel. Of in ieder geval de vakantievierende Nederlander. En hij is soms even herkenbaar als ondefinieerbaar.