Compassie met de te vroeg volwassen Davy Klaassen

Hoe is het mogelijk, ik heb te doen met Davy Klaassen. De middenvelder doet waar veel jongens van dromen — voetballen bij Ajax! in Oranje! — en toch denk ik: arme jongen. Het wordt al bijna medelijden als ik zijn sombere ogen zie onder dat rossige, al wat opschuivende haar na de zoveelste pot waarin zijn elftal tegenviel.

Op zijn 22ste zou hij de jonge hond moeten zijn tussen de vedetten. Met een nog wat onzekere blik dingen proberen die de ouderen bestempelen als naïef. ‘Davy komt er wel’, zou het in de kleedkamer moeten klinken, ‘hij moet alleen nog wat stapjes maken.’

Handig en nuttig
Die woorden vallen al lang niet meer, en ook donderdag zijn ze niet gevallen. Dat kan niet. Klaassen speelde behoorlijk, volwassener dan menige andere international tijdens de zeperd tegen IJsland. Als een telg van de Hollandse School nam hij de ballen vanaf slim gekozen posities aan. Opendraaien, vlot naar voren transporteren met wat waarschijnlijk alleen in Nederland ‘functionele techniek’ heet. Niet opvallend. Handig en nuttig. Geen l’art pour l’art.

Onzekere ouderen
Het was verdorie pas zijn derde interland. Zijn tweede volledige. En Klaassen speelde ook nog op een plek die niet de zijne is, vlak voor de verdediging in plaats van vlak achter de aanval. De vroeg-oude Klaassen paste zich aan en deed wat hij doen moest tussen onzekere ouderen die de ballen van hun voeten lieten springen— Wesley Sneijder (31) uitgezonderd. Klaassen leek even oud als Sneijder, nee ouder nog, want hij beheerste zich beter toen Oranje kapot ging. Hij oogde 32. Knap, maar ook jammer.

Davy Klaassen (links) na afloop van het EK-kwalificatieduel tegen IJsland

Vandaar mijn compassie met Klaassen. Bijna wekelijks in het plichtmatige schuiffie-schuiffie van Ajax en nu ook in het Nederlands elftal moet hij zich inhouden. Verstandig zijn als de rest verzaakt. Het evenwicht bewaren. Na een lange blessure speelde hij twee seizoenen in Ajax I en nu al aanvoerder, de tieners van Frank de Boer kalmeren. Is dat niet zonde? Je vraagt je af of een voetballer die zijn jeugd moest overslaan later wel de top zal bereiken — zijn eigen top, bedoel ik, het maximum uit zijn loopbaan zal halen. Laten we hopen van wel.

Mogelijk te rap
Denkend aan Davy Klaassen zie ik hem vertwijfeld staren langs zweet op blonde wimpers. Teleurgesteld, bedroefd. Armen in de zij, berustend, hij had iets anders verwacht. Van zichzelf ook, vermoedelijk, want zo is hij wel. Het gaat rap met Klaassen, mogelijk te rap. Misschien moet hij snel naar een grote club in het buitenland. Aanvoerdersband af en lekker voetballen tussen de mannen. Op zoek naar de jongen in zichzelf, de schade inhalen.

Ieder weekend schrijft Auke Kok voor HP/De Tijd een column over sport.