Ajax – PSV en de razend spannende zoektocht naar het gelijk van Piet en Aad

Ik was benieuwd, naar Ajax – PSV. Kwam door Piet de Visser en Aad de Mos. De NOS had Joep Schreuder op Piet en Aad afgestuurd. Dan weet je dat het menens is.
Piet de Visser is meesterscout. Zoals je slagers en keurslagers hebt, heb je ook scouts en meesterscouts. Iedere voetballer die in de Europese top speelt, is ooit door Piet de Visser ontdekt. Sommigen speelden al jaren in de Champions League voordat het gebeurde, maar als het dan gebeurde, was de opluchting des te groter. Piet de Visser is meer voetbalwedstrijden vergeten dan ik er ooit zal zien, maar toch leek het altijd alsof hij er geen genoeg van kon krijgen. Ik ben het vaak na een halve avond Europa League al beu – en dan zit ik nog gewoon thuis. Wie kon dus beter mijn zin in Ajax – PSV oppompen dan Piet de Visser, de man die wervender over voetbal kan spreken dan Leo Blokhuis over muziek.
Of hij zich er een beetje op verheugde, vroeg Schreuder.
Piet de Visser had de laatste wedstrijden gezien. Hij moest bekennen: hij had zich verveeld.
Verveeld! Piet de Visser! Bij een voetbalwedstrijd! Alsof je bij de visboer een verse haring bestelt, hij je mismoedig aankijkt en zegt: ‘Ik weet het niet, met die haringen. Ze zijn zo vissig.’
De Visser: ‘Het is.. Te technisch willen ze het doen. Ze willen geen fouten meer maken. Het is allemaal balletje breed, balletje terug, nog eens terug. Ik erger me kapot.’
(Visboer: ‘Kijk die palingen nou. Lang en glibberig, gadverdamme. En maar doodstil liggen de hele dag; niks doen ze om zichzelf een beetje te verkopen. Ik erger me kapot.’)
Er volgde een wagonlading kritiek waar zelfs Johan Cruijff de hik van zou krijgen.
De spelers van vroeger waren te veel ‘Heertje Trainer’ geworden.
Er was geen plezier meer.
Niemand durfde meer een fout te maken.
Er werd geperiodiseerd. (BAH!)
En, belangrijk: er werd ‘gepamperd’.
De oplossingen: men moest terug naar de basis.
Straatvoetbal.
Vier uur achter elkaar spelen, net als vroeger.
Plezier moest worden gecombineerd met mentaliteit.
Straatvoetbal moest terug.
De beuk moest erin.

Aad
Ik begon te twijfelen. Was Ajax – PSV eigenlijk wel de moeite waard? Kon ik, op m’n vrije zondag, niet beter naar het bos, naar de Bijenkorf of met de snelbus ergens heen?
Alle hoop was nu gevestigd op Aad de Mos.
Aad de Mos stond in z’n keurig onderhouden tuin, op een uit de kluiten gewassen terras.
In de verte zag je het tuinhuisje, en een zwembad. Een droomtuin – jammer van die groene kliko op het gras, de kliko waarvan de deksel werd opengehouden door een bord met daarop de raadselachtige tekst ‘Resort ’t Vosje’. (Je ging je toch afvragen waar Aad mee bezig was toen de NOS aanbelde. Bewijsmateriaal verdonkeremanen? En waarvan dan?)
Aad had er wel zin in. Het was toch een topper, Ajax – PSV.
Schreuder: ‘Feyenoord kan dit weekend de lachende derde worden. Geloof je daarin?’
De Mos: ‘Nee, dat geloof ik niet.’
Er viel een korte stilte, voor een eventuele toelichting, maar die kwam niet.
Daarna sprak Aad de Mos over het voetbal in Nederland (‘papegaaienvoetbal’), de spelers van PSV (‘geen winnaars, geen leiders’), Luuk de Jong (‘vervangbaar’), de wedstrijd (‘Ajax is licht favoriet’) en de gevolgen (‘Crisis in Eindhoven’).
Zoveel meningen, zoveel inzichten die ik onmogelijk zelf had kunnen opdoen; ik moest er even van gaan liggen. Gelukkig begon de wedstrijd net.

Daar kun je niet om heen
De wedstrijd viel – na al het vuurwerk in de voorbeschouwing – wat tegen. Nou ja, behalve als je van wedstrijden van likmevestje houdt, of als je jezelf gewoon graag iets aandoet, dan was Ajax – PSV te gek.
Ik ben natuurlijk geen De Mos, en al helemaal geen De Visser, maar vermoedelijk betrof het hier een papegaaienwedstrijd. Desondanks verveelde ik me geen seconde: ik zag 22 gepamperde jongens, twee keurige trainers (vul hier gerust ‘Heertje Trainer’ in), weinig plezier, geen spoortje straatvoetbal (ondanks voldoende aanwezig beton) en veel te weinig plezier. En dan duurde Ajax – PSV ook nog eens maar anderhalf uur, veel te kort natuurlijk. Dankzij Piet en Aad kreeg Ajax – PSV een volstrekt nieuwe lading: die van de razend spannende ontdekkingstocht naar het gelijk van de analytici.

Na afloop concludeerde Philip Cocu: ‘Dat bepaalde spelers bepaalde kwaliteiten hebben is natuurlijk duidelijk, daar kun je niet omheen.’
Dat geldt dus ook voor voorbeschouwers. Voortaan, bij iedere wedstrijd van belang: naar Piet en Aad luisteren. Verplicht.
Daarna: de wedstrijd kijken. Optioneel.