Hoe salmonella Afrikaanse kindersterfte in de hand werkt

Salmonella kennen we allemaal als de bacterie die een voedselvergiftiging veroorzaakt. Niet plezierig, maar goed te behandelen. Onderzoek van de University of Otago in Nieuw-Zeeland dat deels gefinancierd is door de Bill & Melinda Gates Foundation toont aan dat salmonella in Afrika verantwoordelijk is voor een onaanvaardbaar hoog aantal zieke kinderen, die vaak aan de infectie overlijden.

Lange tijd werd dit over het hoofd gezien in onderzoek naar infectieziekten. Uit de nieuwe studie blijkt nu dat infecties door salmonella tyfus kunnen veroorzaken, evenals non-typhoidal salmonella (NTS), de belangrijkste oorzaak van bloedvergiftiging in Afrika ten zuiden van de Sahara. Volgens de onderzoekers zijn kinderen die ondervoed zijn of malaria hebben erg vatbaar voor NTS. Dat geldt ook voor de risicogroep van volwassenen met hiv.

Daar komt bij dat gebleken is dat NTS resistent is voor de meeste antibiotica die beschikbaar zijn in Afrika, waardoor de mogelijkheid tot behandelingen beperkt is. Ongeveer 20 procent van de besmettingsgevallen zal uiteindelijk sterven. Zo zijn in 2010 3,4 miljoen mensen ziek geworden door salmonella, waarvan er wereldwijd 681.000 overleden. Het overgrote deel van de slachtoffers betrof kinderen uit Afrikaanse landen onder de Sahara.

Onderzoekers pleiten er dan ook voor maatregelen te treffen om deze ernstige bacteriële infectie te voorkomen. Het rapport stelt dat zowel tyfus als gevolg van een salmonellabesmetting als NTS zwaar onderschat wordt. Salmonella is een van de belangrijkste oorzaken van bacteriële infecties in Afrika. Om hier aandacht voor te vragen hebben de onderzoekers contact opgenomen met hun collega’s van de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Die organisatie brengt wereldwijd in kaart wat de impact is van plekken waar infecties om zich heen grijpen, op basis waarvan vaak financiële middelen beschikbaar worden gesteld ter bestrijding.

Ziektes die weinig publiciteit genereren hoeven doorgaans niet te rekenen op grote fondsen en vandaar ook dat de onderzoekers het van belang achten dat de door hun verzamelde gegevens ook zo breed mogelijk gedeeld worden. ”Alleen zo kunnen we het nodige nieuwe onderzoek naar vaccins en andere maatregelen om de impact van de besmetting door salmonella te controleren realiseren”, aldus een van de betrokken onderzoekers.

De onderzoekers bestudeerden negentien wetenschappelijke publicaties die de gevolgen van salmonella beschrijven in Burkina Faso, Ethiopië, Gambia, Ghana, Guinee-Bissau, Madagaskar, Mali, Nigeria, Kenia, de Democratische Republiek Congo, Malawi, Mozambique, Senegal, Zuid-Afrika, Soedan en Tanzania. Ook werden rapporten over genetische invloed, wetenschappelijke modellen die ziektebronnen en de overdracht van infecties blootleggen, vaccinatieschema’s en andere preventieve maatregelen in deze landen meegenomen in het onderzoek.