Deze Holocaustfilm choqueerde Pathé; en God bestaat (en woont in een flatje in Brussel)

Voor het weekend wijst HP/De Tijd u op vier films die u móet zien. Deze week: Son of Saul, over een man in overlevingsmodus in vernietigingskamp Auschwitz-Birkenau, Le tout nouveau testament, waarin God zijn flatje in Brussel verlaat, en de zwakke thriller The Gift.

Son of Saul (*****)
Voor bezitters van een Pathé Unlimited Card organiseerde bioscoopketen Pathé de zogeheten PAC-dag, waarop het publiek een dag lang arthousefilms voorgeschoteld kreeg. Daar zorgde de hekkensluiter, Holocaustfilm Son of Saul, voor veel rumoer. Een groot deel van de bioscoopbezoekers verliet nog tijdens de vertoning de zaal en gaf op social media reacties als ‘ongeloofwaardig’ en ‘veel te heftig’. Dat Son of Saul een schokkende film is, staat buiten kijf, en tegelijkertijd schrijf ik: met een beter woord is de Jodenvernietiging niet te omschrijven, ook al geven sommige Hollywoodfilms een andere indruk. Son of Saul is een meesterwerk.

Er zijn in de filmgeschiedenis inmiddels talloze films gemaakt over de genocide tijdens de Tweede Wereldoorlog. Schindler’s List van Steven Spielberg, La Vita è Bella van Roberto Benigni en The Boy In The Striped Pajamas van Mark Herman zijn maar enkele (recente) voorbeelden. De meest bepalende film is toch wel de documentaire Shoah van Claude Lanzmann uit 1985 geweest. In ruim negen uur liet Lanzmann zonder archiefbeelden de Holocaust zien aan de hand van interviews van overlevenden én daders. Lang was hij een fel tegenstander van elke verbeelding van de Jodenvernietiging in speelfilms. Maar na het zien van Son of Saul, het debuut van de Hongaarse regisseur Lászlo Nemes, moest Lanzmann voor het eerst zijn mening bijstellen. Hij noemde het een ‘anti-Schindler’s List-film’, en dat bedoelde hij als een groot compliment. Waar Spielberg het individu uitlicht – het meisje met het rode jasje – staan in Son of Saul de anonieme dodelijke machinaties centraal. Het beklemmende verhaal wordt verteld met kracht; de film is dan ook de terechte winnaar van de juryprijs in Cannes, eerder dit jaar.

Son of Saul vertelt het verhaal van Saul Ausländer, magistraal gespeeld door Géza Röhrig. Hij is onderdeel van het Sonderkommando in Auschwitz-Birkenau, een groep gevangenen met als taak de Joodse gevangenen naar de gaskamers te drijven en na afloop de overgebleven kleding te verzamelen en de lichamen in enorme ovens te verbranden. Onmenselijk werk, beloond met voedsel en een langer leven. Nadat weer een groep Joden door SS-ers de dood is ingejaagd, ziet Saul ineens een levenloos jongetje liggen, in wie hij zijn zoontje denkt te herkennen. Vanaf dat moment heeft hij maar één doel, hoe bizar ook: hij wil de jongen volgens Joodse traditie begraven en zo voorkomen dat hij wordt gecremeerd, wat onheilig is voor het Joodse geloof. Zo op het oog een krankzinnig uitgangspunt, maar regisseur Nemes en hoofdrolspeler Röhrig weten de gekte en overlevingsdrang haast geloofwaardig te maken.

Het camerawerk van Mátyás Erdély is hierbij minstens zo belangrijk. We kijken grotendeels mee over de schouders van Saul, alles om hem heen in een vage waas, alsof hij zich constant in zijn eigen, kleine wereld begeeft. Een haast vierkant frame maakt het geheel nog claustrofobischer. Met lange takes en de afwezigheid van muziek blijft alleen de kale werkelijkheid over. Wat is de rol van religie, wat gebeurt er met de menselijke waardigheid, wat is waanzin en werkelijkheid; allemaal vragen die de film weet op te roepen en de kijker nog uren zal achtervolgen na het zien van het inktzwarte slotbeeld.

‘Son of Saul’ draait vanaf 5 november in Nederlandse bioscopen en filmhuizen.

Le tout nouveau testament (****)
Een stuk lichter is de Belgische film Le tout nouveau testament van Jaco Van Dormael, met één van de beste set-ups van de laatste jaren: God bestaat en hij woont in een flatje in Brussel, een stad die God zelf uit verveling ooit maakte. Hij slaat zijn dochter Ea, negeert zijn vrouw – hij heeft een fijn gezinnetje gesticht – en haalt in zijn ‘Godkamer’ met zijn almachtige computer vooral veel plezier in het uitstorten van talloze plagen over de mensheid: de zogenaamde ‘nieuwe wetten van universele ellende’. Maar Ea is het gedrag van haar vader zat en aangemoedigd door haar broer JC, die als beeldje op een kast zijn dagen moet slijten, neemt ze wraak op haar vader met een actie die de hele wereld op zijn kop zet. Vervolgens verlaat ze via een wasmachine het ouderlijk huis, om in een desolaat Brussel zes apostelen te vinden – eigenlijk doodnormale mensen – om met hun verhalen een ‘complete nieuwe testament’ te schrijven.

Van Dormael is een filmmaker met een lange adem. Hij brak in 1996 door met Le Huitième Jour, maakte pas in 2009 zijn volgende film Mr. Nobody en nu, zes jaar later, draait eindelijk zijn nieuwe film in de bioscoop. Dat is echter wel aan de film af te zien: Le tout nouveau testament is ongelooflijk rijk aan details, zowel in de scherpe dialogen als in de art direction: soms sober, soms extravagant.

Acteur Benoît Poelvoorde (C’est arrivé près de chez vous) schmiert er rustig op los als de losgeslagen God en Pili Groyne biedt als Ea prima tegenspel. Met Le tout nouveau testament bewijst Van Dormael één van de meest inventieve filmmakers van dit moment te zijn. Een nieuw testament met zinnen als “Het leven is als een schaatsbaan”, Catherine Deneuve die met een gorilla in bed ligt en God die een kerk uit wordt gegooid; het lef om zo’n film te maken hebben wij in Nederland helaas nog niet gezien.

‘Le tout nouveau testament’ draait vanaf 5 november in de Nederlandse bioscopen.

The Gift (**)
Alles wees erop dat The Gift een spannende en originele psychologische thriller zou zijn: de film is van de makers van The Purge, Insidious en Sinister, hij bevat een bizarre twist aan het eind en de cast bevat met Jason Bateman, Rebecca Hall en Joel Edgerton genoeg interessante namen. Toch stelt The Gift behoorlijk teleur, juist door zijn voorspelbaarheid.

Het jonge echtpaar Simon (Bateman) en Robyn (Hall) woont nog maar net in hun nieuwe huis als ze worden benaderd door Gordo (Edgerton), een oud-klasgenoot. Alleen dringt hij zichzelf wel erg op met cadeautjes, soms wel erg persoonlijk. Het blijkt dat Gordo en Simon meer delen dan de kijker zou denken. Alhoewel, dat moet de regisseur hebben gedacht. The Gift hangt namelijk van voorspelbaarheid aan elkaar. Wat er vroeger is gebeurd tussen Gordo en Simon, laat zich al vrij snel uittekenen. Alle spanning wordt verder tenietgedaan door de brij aan woorden waarmee alle wat in de lucht hangt wordt uitgesproken. Een klein aantal jump scares doet de kijker een paar keer iets opveren uit de bioscoopstoel, en daarmee is alles wel gezegd. Een sterke cast maakt de film dragelijk, maar een echte cadeautje aan het bioscooppubliek is The Gift niet.

‘The Gift’ draait vanaf 5 november in de Nederlandse bioscopen.

Necktie Youth (****)
Dit bijzondere Zuid-Afrikaanse filmdebuut van de 23-jarige Sibs Shongwe-La Mer won afgelopen zomer een juryprijs op het World Cinema Amsterdam filmfestival en wordt nu door de kleine distributeur Full Color Entertainment in een paar zalen uitgebracht (Amsterdam en Utrecht). De film verdient het echter om door een breder publiek gezien te worden. Het is een rauw portret van een groep vrienden in Johannesburg die de zelfmoord van één van hen maar moeilijk kunnen verwerken. In mooi geschoten zwartwitbeelden zien we vooral pessimisme, desillusie en hopeloosheid. Een absolute must-see.

‘Necktie Youth’ draait vanaf 5 november op een select aantal Nederlandse schermen.