Hoe de territoriale spanning tussen de VS en China toeneemt

Een Chinese onderzeeër heeft het Amerikaanse vliegdekschip USS Ronald Reagan achtervolgd. China’s claim op de Zuid-Chinese Zee leidt tot oplopende spanningen met Washington.

Het vliegdekschip van de Amerikaanse marine werd vorige maand langdurig achtervolgd door de Chinese onderzeeër. Het incident, dat onlangs pas door het Pentagon bekend werd gemaakt, deed zich voor op 24 oktober voor de kust van Japan. De jacht-onderzeeër uit de Kilo-klasse hield het vliegdekschip USS Ronald Reagan meer dan een halve dag in de gaten.

Het incident is kenmerkend voor de ontwikkelingen in de regio. Zo naderde het Amerikaanse fregat USS Lassen met opzet een door China kunstmatig aangelegd eiland tot minder dan 12 mijl. Eerder al werd een Amerikaans verkenningsvliegtuig dat zich in het international luchtruim bevond door het Chinese leger weggejaagd, omdat het volgens Peking boven Chinees territorium zou hebben gevlogen. De spanning tussen Washington en Peking neemt toe.

Oorzaak hiervoor is het al jaren durende territoriale geschil tussen China en buurlanden om eilanden en riffen in de Zuid-Chinese Zee. In de bodem van de Zuid-Chinese Zee liggen  – voorzichtig geschat – zeven miljard vaten aardolie en 25 miljard kubieke meter aardgas. China legt dan ook een claim op de Zuid-Chinese Zee vanwege de vermoede grondstofreserves aldaar. Die heeft het land nodig op zijn positie als topspeler op de economische wereldranglijst van onder andere het IMF en de Wereldbank te handhaven. Peking vecht verbeten om een verdere uitbouw van die positie. Hiertoe heeft het, net als alle wereldeconomieën, brandstof nodig. China tracht dan ook overal waar het kan olie en gas vandaan te halen. Naast China maken Vietnam, de Filippijnen, Maleisië, Brunei en Taiwan aanspraak op delen van of zelfs hele eilanden, koraalriffen en zandbanken.

China investeert daarom flink in de aanleg van kleine kunstmatige eilandjes in de buurt van betwiste atollen en riffen en bouwt hier tegelijkertijd militaire installaties op om zijn territoriale aanspraken op het gebied bevestigen. Zo is Peking onder meer begonnen met landwinning bij de Spratly-eilandengroep. Door op vijf plekken eilanden aan te leggen en constructies op te bouwen, zou China zo’n 800 hectare land hebben weten te winnen in minder dan twee jaar tijd.

Washington ziet de Chinese expansiepolitiek niet zitten en reageert door demonstratief de Amerikaanse militaire aanwezigheid in het gebied uit te breiden. Op zee en in de lucht wordt voortdurend gepatrouilleerd en de aanwezigheid van Amerikaanse schepen in de Zuid-Chinese Zee moet Bejing eraan herinneren dat de VS de Chinese territoriale aanspraken op eilanden ver voor de Chinese kust niet erkent. Ook voert de VS regelmatig gezamenlijke manoeuvres uit met China’s aartsvijand, het Japanse leger.

Peking houdt de Japans-Amerikaanse oefeningen met argusogen in de gaten; met regelmaat worden Chinese onderzeeërs gesignaleerd, die de gezamenlijke manoeuvres observeren. Ook werden afgelopen week Chinese marineschepen in Amerikaanse wateren voor de kust van Alaska gesignaleerd. Het is de eerste keer dat de Chinese marine zich daar begeeft en volgens de VS zouden de schepen zich duidelijk binnen de 12 mijlszone bevonden hebben.

De toegenomen militaire activiteit leidt tot met regelmaat botsingen. Een einde hiervan is voorlopig nog niet in zicht.