Rugbyicoon Lomu (1975-2015): was niet te stoppen, maar werd toch geveld

De man die de rugbysport voor altijd veranderde is niet meer. Jonah Lomu – de eerste All Black met een supersterrenstatus – overleed woensdag op 40-jarige leeftijd. Hij laat Nieuw-Zeeland in rouw achter.

Jonah Lomu is pas 20 jaar wanneer hij zijn naam met dikke letters in de rugbygeschiedenis schrijft. De 1 meter en 92 centimeter lange en 119 kilo zware winger is de absolute ster van het wereldkampioenschap van 1995. De All Black laat zich in Zuid-Afrika door niets of niemand afstoppen, met de halve finale tegen Engeland als hoogtepunt. Lomu scoort vier tries, waarvan de eerste iconisch werd. De grote vriendelijk reus ontwijkt eerst twee tackles, om vervolgens de arme laatste man Mike Catt omver te lopen.

“Ik zie die wedstrijd als de wedstrijd die mijn leven veranderde,” zei Lomu eerder dit jaar tegen The Daily Mail. “Daarvoor was ik een jongen die wilde zien hoe goed hij was in vergelijking met de beste spelers van de wereld. Na die wedstrijd was ik de jongen waarvan iedereen wilde weten wie hij was, wat hij deed, hoe snel hij de 100 meter rende, hoe groot zijn schoenen waren en hoe zwaar hij was.”

Hoewel Nieuw-Zeeland geen wereldkampioen wordt – Zuid-Afrika verslaat de All Blacks in de finale – is de naam van Lomu gevestigd. Kort na zijn internationale doorbraak wordt bij de rugbyer het nefrotisch syndroom bij hem geconstateerd – een aandoening die hem uiteindelijk fataal wordt, waarvan de oorzaak in de nieren ligt. Na de diagnose speelt Lomu in totaal 63 keer voor de All Blacks en scoort daarin 37 tries. Met vijftien tries op een WK is hij nog altijd topscorer, hij deelt die eer met Zuid-Afrikaan Bryan Habana.

In 2004 ondergaat Lomu – nog voor het einde van zijn professionele carrière – een niertransplantatie. De operatie slaagt en de Nieuw-Zeelander geniet zeven jaar lang van een gezonde nier. Vier jaar geleden stopte ook het nieuwe orgaan met functioneren, waarmee Lomu voor de tweede maal veroordeeld werd tot dialyse.

Ondanks alle tegenslag bleef Lomu strijdbaar. Hij gaat de strijd met zijn aandoening aan als sporter: “Ik haatte verliezen, en dan vind je een manier om te winnen. Wanneer je in een hoek gedreven wordt kun je twee dingen doen: of je accepteert het of je begint te vechten.” Later doet hij dat ook als vader: “Het is een gevecht om als patiënt elke morgen op te staan. Dat is mijn grootste strijd. Ik heb het geluk dat ik het avontuur van het vaderschap heb.”

De All Black was vastberaden zijn zoontjes (nu vijf en zes) volwassen te zien worden. “Er zijn geen garanties dat het lukt, maar dat is mijn doel,” zei hij in augustus. De legende was vorige maand trots toeschouwer toen zijn landgenoten voor de tweede keer op rij wereldkampioen werden. Na een promotietour en een vakantie in Dubai met zijn familie keerde hij dinsdag terug in zijn Nieuw-Zeeland. Niet veel later blies hij zijn laatste adem uit.

In de rugbywereld is ontsteld gereageerd op Lomu’s plotselinge dood.