Nu in de winkel: Super Mario vs Eindbaas Deflatie

Eindelijk is het zover. De nieuwe versie van Super Mario’s gevecht tegen de deflatoire krachten in de eurozone is uit. Zoals gebruikelijk wordt in het langverwachte vervolg vooral voortgebouwd op eerdere spelzetten, die nu met iets meer kracht worden ingezet. De eerste reacties op het tweede deel van het grote monetaire verruimingsspel vielen dan ook tegen. 

Wat is er precies veranderd ten opzichte van het eerste deel? Super Mario, zoals opperhoofd Mario Draghi van de Europese Centrale Bank (ECB) wel wordt genoemd, draait in deel twee de geldkraan nog verder open. Het verschil met het populaire computerspel van het Japanse Nintendo is daarmee meteen duidelijk. Terwijl Nintendo’s spelfiguur Super Mario, de sympathieke Italiaanse loodgieter, juist geldmunten moet verzamelden om prinses Peach te redden, strooit onze Italiaanse Super Mario van de ECB lustig met bankbiljetten om de economie van de eurozone te redden.

In de Japanse videogame neemt de loodgieter Super Mario het op tegen eindbaas Bowser. De grootste vijand van centralebankpresident Super Mario is de inflatie of beter gezegd het dreigende gevaar van aanhoudende prijsdalingen oftewel deflatie.

Dat Draghi in deel twee meer gas moest geven werd deze week wel duidelijk. De inflatie in de eurozone ligt met 0,1 procent in november nog altijd ver onder de doelstelling van de centrale bank van een stijging van het gemiddelde prijspeil van rond de 2 procent.

Inflatie, het blijft een lastige kwestie. Teveel is niet goed, vraag dat maar aan onze oosterburen die meteen gaan hyperventileren als ze terugdenken aan de periode na de Eerste Wereldoorlog, maar te weinig is ook niet goed. Daar weten de Japanners weer alles van.

Welke nieuwe instrumenten heeft onze monetaire held nu tot zijn beschikking om zijn inflatiedoelstelling te bereiken? Ten eerste: een nog negatievere depositorente. Dat wil zegen dat banken nu nog meer moeten betalen om hun, of beter gezegd ons geld, te stallen bij de centrale bank. De gedachte daarachter is om banken te stimuleren meer kredieten te verstrekken aan ondernemingen om zo de economie aan te jagen. Ten tweede: de ECB blijft nog langer geld pompen in de economie door het opkoopprogramma van leningen te verlengen tot in ieder geval maart 2017.

Gaat dit werken? De miljarden euro’s die Draghi in deel één van het monetaire verruimingsprogramma in het financiële systeem heeft gepompt sijpelden maar mondjesmaat door in de reële economie. Of daar nu veel verandering in zal komen is nog maar de vraag.

Het belangrijkste element om het economische tij te keren is het vertrouwen in de economische groeivooruitzichten. Consumenten moeten het vertrouwen hebben dat er genoeg geld binnenkomt en blijft binnenkomen om het uit te geven en ondernemers hebben vertrouwen nodig om verdere investeringen te kunnen doen.

Vertrouwen komt echter te voet en gaat te paard. En daar wringt de schoen! Draghi kan het paard wel naar het water brengen, maar zelfs Super Mario kan het edele dier niet dwingen om daadwerkelijk te drinken. Nu maar hopen dat de banken, bedrijven en consumenten gaan drinken en het geld laten rollen. Anders is het gameover voor onze monetaire superheld.