De ware reden waarom Montenegro lid wordt van de NAVO

Afgelopen woensdag begon de voormalige Joegoslavische deelrepubliek Montenegro officieel aan de NAVO-toetredingsonderhandelingen. Maar als puntje bij paaltje komt en de NAVO verwikkeld raakt in een grootschalig militair conflict, dan zal de militaire inbreng van Montenegro niet het verschil maken. Met zijn circa tweeduizend troepen is de toekomstige negenentwintigste lidstaat van de Atlantische alliantie een van de onbelangrijkere leden. Militaire overwegingen hebben dan ook niets te maken met het besluit om met Montenegro te praten over NAVO-toetreding.

De kleine Balkanstaat, die geliefd is bij Russische jachteigenaren en vakantiegangers, is een van de weinige Europese landen die aan den lijve de impact van een NAVO-campagne heeft ervaren, en wel toen de militaire alliantie Montenegro in 1999 bombardeerde in verband met de Kosovo-oorlog. Het land met 620.000 inwoners is dan ook niet unaniem in zijn steun voor het NAVO-lidmaatschap. Met name de Servische inwoners – circa een derde van de totale bevolking – heeft op z’n zachtst gezegd gemengde gevoelens ten opzichte van de westerse organisatie. Tegenstanders van het NAVO-lidmaatschap hebben dan ook met duizenden gedemonstreerd tegen het voornemen van de regering, waarbij en passant ook het aftreden van de van corruptie beschuldigde premier Milo Đukanović werd geëist.

Vanuit het perspectief van de NAVO is de uitbreiding in politieke en strategische zin van belang. Politiek gezien laat de NAVO aan Moskou weten dat ze uit kan breiden in welke richting het haar schikt, ongeacht of daarbij Russische belangen in het gedrang komen. Ook de bredere strategie is helder. Met de toevoeging van Montenegro is de alliantie beetje bij beetje bezig Rusland de toegang tot de Middellandse Zee te ontnemen. De hele noordkant van de Middellandse Zee – bestaande uit Spanje, Frankrijk en Italië – hoort al bij de NAVO. De zuidkant weliswaar niet, maar geen van de Noord-Afrikaanse landen onderhoudt noemenswaardig goede verbindingen met Moskou. Ook Libië na de val van Khadaffi niet meer. En omdat naast Griekenland ook Kroatië, Albanië en binnenkort Montenegro bij de NAVO horen, heeft de alliantie ook de controle over de hele Adriatische Zee. Daarmee blijft enkel de oostelijke Middellandse Zee over, waarbij de Russische invloedssfeer niet veel verder strekt dan het gehavende Syrische regime van Bashar Al-Assad.

Dat dit in het strategische belang en voordeel van de NAVO is, spreekt voor zich. De vreugde van de NAVO-lidstaten wordt evenwel niet gedeeld door het Kremlin, dat zwaar verontwaardigd is over het waarschijnlijke NAVO-toetreden van Montenegro. Het Westen heeft – na Georgië en Oekraïne – immers wederom een land uit de Russische historische invloedssfeer weten te ontfutselen. Voor Rusland is Montenegro niet veel meer dan een verlengstuk van zichzelf. Een populaire Russische vakantiebestemming ook, waarbij vooral de Russische multi-miljonairs graag hun jachten voor anker laten gaan in het diepe water van de haven van Podgorica. Bovendien is het Kremlin nog lang niet vergeten dat de Montenegrijnse monarchen van weleer hun positie te danken hadden aan een jaarlijkse subsidie van de Russische tsaar. Moskou uitte dan ook zijn ongenoegen bij monde van Kremlin woordvoerder Dmitry Peskov en klaagt over ‘de voortdurende uitbreiding van de NAVO en zijn militaire infrastructuur naar het oosten’. Volgens Moskou kan het niet anders dan dat ‘dit zal leiden tot een reactie uit Rusland, dat zijn eigen belangen veilig moet stellen’.

Wat daar precies mee wordt bedoeld laat het Kremlin in het midden. In ieder geval worden de banden met bevriende regeringen in Cyprus en Griekenland aangehaald. Dat heeft al enig effect gesorteerd. Zo verklaarde de Griekse minister van defensie, Panos Kammenos, dat de Russische SU-24 die onlangs door Turkije werd neergeschoten, helemaal niet het Turkse luchtruim binnen was gedrongen: ‘De aanval vond zonder enige twijfel plaats in Syrische luchtruim’, zei Kammenos volgens het Russische persbureau Tass. Daarmee spreekt Kammenos de verklaringen van de NAVO en VS tegen.

De vraag is nog welk belang Montenegro heeft dat een aansluiting bij de NAVO rechtvaardigt? Volgens de Montenegrijnse premier Djukanovic kan de NAVO Montenegro een betere aansluiting op het Westen bieden, daarmee verwijzend naar het al lang beoogde EU-lidmaatschap. Het is echter onwaarschijnlijk dat een NAVO-lidmaatschap de poort naar de EU verder open zal zetten. Een land als Servië beweegt zich – weliswaar langzaam – ook richting EU, daarbij ongehinderd door het feit dat het géén lid van de NAVO is.

Een ander argument is natuurlijk dat Montenegro zich gesterkt kan voelen in het geval van buitenlandse militaire agressie, doordat een heel westers leger op kan staan om militaire bijstand te verlenen. Dat is echter geen actueel thema. In tegenstelling tot bijvoorbeeld Griekenland, dat gebaat is bij de NAVO om te voorkomen dat het eeuwenoude conflict met Turkije uit de hand loopt, behoeft Montenegro geen schild tegen haar buren. Tegelijkertijd is het lidmaatschap van het bondgenootschap tegen het zere been van de etnisch Servische bevolking, die zich de oorlog met de NAVO maar al te goed kan herinneren en geen deel wil worden van een construct dat eerder bommen op haar liet vallen. De militaire verbondenheid naar andere landen toe is dan ook een kwestie die tot veel verdeeldheid binnen de eigen grenzen leidt. Veel kunnen de tegenstanders evenwel niet doen; Đukanović lijkt vastbesloten Montenegro de NAVO in te loodsen en daarmee zijn belangrijkste politieke erfenis veilig te stellen.