Dit is Europa volgens Eurostat

In het onlangs verschenen rapport People in the EU: who are we and how do we live? geeft Eurostat een inkijk in een breed scala aan officiële statistieken over de Europese Unie, variërend van de demografische situatie in de EU en haar lidstaten tot een overzicht van de gezinsstructuren van EU-huishoudens; en van de geografische mobiliteit in de EU tot de toenemende vergrijzing van de samenleving. Het economische instituut schetst het beeld van een unie met zeer veel variatie en constant veranderde levensstijl.

Het rapport van Eurostat bevat natuurlijk een aantal open deuren. Zo ‘blijkt’ uit de rapportage dat woningen op het platteland doorgaans groter zijn dan in de stad, hetgeen vooral het geval is voor Oostenrijk en Luxemburg. Meer dan de helft van de woningen in het Letse Riga kleiner is dan 50 vierkante meter, terwijl het Nederlandse Midden-Limburg tot de regio’s met het meeste vloeroppervlak behoort: een derde van de woningen daar heeft 150 of meer vierkante meter bruikbaar woonoppervlak. Opvallend feitje is dat het niet overal vanzelfsprekend is dat er sanitaire voorzieningen in de woning aanwezig zijn. Waar je in België, Luxemburg, Nederland, Zweden en het Verenigd Koninkrijk gegarandeerd sanitair aantreft in een woning, is dat voor de Baltische staten, Bulgarije en Roemenië in minder dan een op de tien woningen het geval.

Woning en leegstand
Het rapport schrijft dat Belgen en Britten de oudste huizen hebben, met 37 procent van hun huizen gebouwd vóór 1946. Of dat altijd even goed bevalt is de vraag, want inwoners van Oost-Londen zijn het minst honkvast; de waarschijnlijkheid dat ze binnen een jaar verhuizen is daar groter dan waar dan ook in de EU. Roemenië is het land met het procentueel hoogste aandeel huizenbezitters: bijna 95 procent van de Roemeense huishoudens woont in een zelf aangeschafte woning. 
Eurostat weet verder ook dat dat de Grieken trots zijn op hun land, maar ook een flinke prijs betalen om er te mogen wonen. Vooral mensen met lage inkomens zijn de dupe. Die besteden gemiddeld circa 70 procent van hun besteedbaar inkomen aan woonlasten.

Verder blijkt dat bijna tweederde van de huishoudens in de EU bestaat uit slechts een of twee mensen. Dat is vooral het geval in Scandinavië; in Denemarken leeft 47 procent van de mensen alleen, in het Noorse Oslo is 53 procent.

En ondanks het feit dat zo veel mensen alleen wonen, blijkt toch nog iedere zesde woning in de EU onbewoond te zijn. In 23 Europese regio’s – waaronder de Griekse eilanden Mykonos en Santorini – staat zelfs meer dan 50 procent overwegend leeg, een interessante conclusie als de massieve instroom van vluchtelingen en het bijbehorende opvangvraagstuk in acht wordt genomen. Helemaal in lijn met die gedachtengang stelden enkele creatieve Europarlementariërs al voor om het gebouw van het Europees Parlement in Straatsburg beschikbaar te stellen voor de huisvesting van vluchtelingen, omdat het toch al het grootste deel van het jaar leeg staat.

In heel Europa gaat het dus om miljoenen leegstaande huizen, met als enige uitzondering het Verenigd Koninkrijk, waar in bijna alle gebieden de leegstand minder dan 2 procent bedraagt.

Migratie
Volgens het rapport is ten minste 70 procent van de bevolkingsgroei in Slowakije, Nederland, Frankrijk en Ierland het gevolg van natuurlijke aanwas, dus door inwoners die kinderen krijgen. In andere landen, zoals Italië, Oostenrijk, Tsjechië, Luxemburg, Spanje, Slovenië, Zweden, België en Cyprus is ten minste 70 procent van de bevolkingstoename het gevolg van netto migratie.

Vooral buiten de EU geboren Marokkanen hebben hun weg naar Europa gevonden. De populatie van Marokkanen bestaat uit meer dan twee miljoen legaal in de EU verblijvende burgers. Voor Turken is het aantal vrijwel net zo hoog. Maar ook Russen, Algerijnen, Oekraïners en Indiërs kwamen en masse naar Europa.