Servië: de brug tussen Rusland en de EU?

In het huidige Europese politieke klimaat voeren de vluchtelingencrisis en onderlinge conflicten de boventoon. Kandidaat-lidstaat IJsland liet het EU-lidmaatschap varen; heel aantrekkelijk lijkt de toetreding niet meer. Tegelijkertijd staat Servië, dat onder de regering van minister-president Vučić een pro-EU beleid volgt, te popelen om toe te treden tot de Unie.

Het Balkanland werd in 2012 toegelaten als officiële lidstaat, maar onderhandelingen verliepen stroef. Het duurde tot december van dit jaar voordat de EU en Belgrado voor het eerst serieus rond de tafel gingen. Hoewel de aftrap van het onderhandelingsproces veelbelovend is, zitten er nogal wat haken en ogen aan een eventuele toelating van Servië.

Allereerst is het land van oudsher goede vrienden met Rusland. Zowel cultureel als religieus (beide landen zijn Slavisch en overwegend oosters-orthodox) zien Moskou en Belgrado elkaar als ‘Slavische broeders’ die in tijden van nood voor elkaar klaarstaan, hetgeen over de EU (met het Oekraïne-debacle in het achterhoofd) niet gezegd kan worden. Het huidige beleid van Servië begeeft zich dus in een spagaat tussen oost en west.

Maar deze unieke positie biedt het land ook kansen, zo liet de voormalige Italiaanse minister van Buitenlandse Zaken en oud-eurocommissaris van Justitie, vrijheid en veiligheid Franco Frattini aan het Russische nieuwskanaal Sputnik weten. De neutrale positie van Servië kan een brug vormen tussen de EU en Rusland.

Een positie die op het eerste gezicht doet denken aan vervlogen tijden. Aan het Joegoslavië onder Maarschalk Tito, dat ooit de beweging van niet-gebonden landen vormde en zodoende een brug tussen de twee Koude-Oorlog-kemphanen sloeg. Wederom kan een dergelijke rol vervuld worden, volgens Frattini dan. Maar zo eenvoudig ligt het niet, want het land kampt nog steeds met een onopgelost conflict.

Een van de belangrijkste punten op de agenda is clausule 35: de normalisering van de relaties tussen Servië en Kosovo. Servië, maar ook Spanje, Rusland en Brazilië zien Kosovo als een afvallige provincie van Servië, die daar onder haar volledige naam Kosovo en Metohija gezien wordt. Hoewel het conflict officieel eindigde in 1999, sluimert het zowel binnen als buiten Kosovo (met name in Albanië en Servië) voort.

De volledige erkenning van de onafhankelijkheid van Kosovo door Servië is zeer onwaarschijnlijk in de nabije toekomst, hoewel er wel degelijk vorderingen zijn gemaakt in verbetering van de relaties tussen Pristina en Belgrado. In een rapport van de Europese Comissie uit 2013 werd Servië nog geprezen om haar ‘bereidheid tot onderhandelingen’ met Kosovo.

Andere punten van aandacht zijn het garanderen van fundamentele rechten als de vrijheid van pers en vrijheid van expressie, en het tegengaan van corruptie. Om de daad bij het woord te voegen, werden er vorige week zo’n tachtig arrestaties verricht. Onder meer een aantal oud-ministers werd aangehouden op verdenking van corruptie.

De toon is gezet, maar voordat Servië EU-lid zal worden zal er nog heel wat water door de Donau moeten stromen. Het wordt niet verwacht dat dit voor 2020 zal plaatsvinden. Minister-president Vučić heeft er in ieder geval alle vertrouwen in. Het openen van de onderhandelingen is volgens hem het bewijs dat EU-lidmaatschap niet slechts een idee meer is, maar een ‘concreet en haalbaar doel’.