Opmerkelijk: niet honger, maar obesitas teistert ontwikkelingslanden

In groei- en ontwikkelingslanden winnen kant-en-klare maaltijden terrein door tijdsdruk, gemakzucht en simpelweg omdat mensen zich vers voedsel niet meer kunnen veroorloven. De verkoop van overbewerkte voedingsproducten met te veel vet en suiker neemt er dermate exorbitante vormen aan dat obesitas en diabetes in sommige landen een groter probleem vormen dan honger.

Cijfers van de Wereldvoedselorganisatie FAO laten zien dat het hongerprobleem wereldwijd kleiner wordt. ‘Nog maar’ tien procent van de wereldbevolking kampt met honger.

Dat wil niet zeggen dat er door het overige gedeelte gezond wordt gegeten. Als een gevolg lijken suikerziekte en overgewicht de plaats van honger als gezondheidsprobleem te hebben overgenomen. Neem nu Mexico: daar hebben meer dan 7 op de 10 volwassen overgewicht of is obees. Bij kinderen gaat het maar liefst om 1 op de 3.

Amputaties
Die keuze voor ongezonde voeding kent verschillende oorzaken. Nog steeds liggen armoede en ongelijkheid ten grondslag aan dergelijke voedingsproblematiek. Kwalitatief eten is duur, zeker voor wie rond moet komen van twee dollar per dag. Daar komt bij dat ook buiten de westerse welvaartslanden stijgende tijdsdruk een steeds prominentere plaats in het alledaagse leven inneemt. Mannen en steeds meer vrouwen werken hard, hebben drukke dagen en geen tijd meer om gezond te koken. De stap van convenience food naar overmatig gebruik is geen grote.

Daarbij verhogen ongezonde eetpatronen de druk op de toch al ondermaatse budgetten voor volksgezondheid in landen als Mexico. Volgens Mexicaanse wetenschappers stierven tussen 2006 en 2012 bijna een half miljoen burgers aan overgewicht of diabetes-gerelateerde aandoeningen, meer dan de slachtoffers van bendegeweld in diezelfde periode. In Fiji vinden ieder etmaal drie amputaties plaats als gevolg van suikerziekte. Sommige boeren in Peru eten dagelijks kant-en-klare macaroni omdat ze het geld niet hebben om hun eigen traditionele recepten te bereiden. Een betrokken consumentenactiviste constateerde chronische misselijkheid en vermoeidheid bij de boeren in kwestie.

Agressief
De grote levensmiddelenfabrikanten zoeken daarnaast ook steeds meer naar afzetmogelijkheden buiten Europa en Noord-Amerika, want daar ligt een groeimarkt die zich kenmerkt door de afwezigheid van bewustwording en regels. Industrieel verwerkte voedingsproducten, junkfood en gezoete frisdranken vallen in goede aarde omdat ze een leegte vullen. Mensen zijn vatbaar voor de smaak, de prijs en het gemak. Onderzoek wees al uit dat 70 procent van alle toegevoegde suikers in het Mexicaanse dieet uit frisdranken kwam. Opmerkelijk daarbij is met welk geweld de producten aan de man worden gebracht. Vooral kinderen blijken een dankbare en goedgelovige doelgroep voor agressieve marketingpraktijken. Zo is het voor sommige multinationals in Bangladesh gangbare praktijk om op wekelijkse basis lagere scholen te bezoeken om daar gadgets uit te delen of ‘pedagogisch verantwoorde’ activiteiten te organiseren. Informatie over de verslavende frisdranken die zij promoten wordt echter niet gegeven. De producten hebben ook geen duidelijke labels en de consumenten zijn zich zelden van de langetermijngevolgen bewust.

Daarnaast worden landbouwsectoren in groei- en ontwikkelingslanden weggeconcurreerd, een gevolg van Europese dumpingpraktijken. Het resultaat daarvan zien we in de Filipijnen, waar een monocultuur aan gewassen is ontstaan doordat alle productie zich op de exportmarkt richt. Daarbij is veel kennis over landbouwtradities verloren gegaan. Bij gevolg eten de producenten daar, de gewone boeren, steeds minder gevarieerd. Wel bevat hun voeding veel bestrijdingsmiddelen, in sommige gevallen tot zes keer de Europese norm. Prijsschommelingen op de wereldmarkt maken ook nog eens dat de boeren extra hard getroffen worden als de prijs van net dat ene gewas dat ze verbouwen keldert.

Drinkfonteinen
Langzaamaan lijkt bij consumentenactivisten het besef dat gezonde en verse voeding nodig en mogelijk is te groeien. Zo kreeg Mexico op verzoek van een consumentenbeweging een suikeraccijns van 20 procent op frisdranken. De belasting leek aanvankelijk weinig populair, maar nu de winst wordt ingezet voor drinkfonteinen op scholen neemt het enthousiasme voor de maatregel toe.

Op de Filipijnen ontstaan eerste initiatieven van consumenten die biologische producten af willen nemen, maar zich het niet kunnen veroorloven die producten in de supermarkt te kopen. De oplossing wordt rechtstreeks bij de boer gevonden. Op die manier bieden ze boeren een alternatief voor dure certificatieprocedures, om zo de oogst diverser te maken.

Een ander succesverhaal komt uit Brazilië. Sinds 2013 heeft het land de meest progressieve dieetrichtlijnen ter wereld, met aandacht voor sociale en ecologische achtergrondvoorwaarden voor een gezond dieet. De richtlijnen worden toegelicht in een folder met vijf principes voor een gezond dieet en tips om ingrediënten in maaltijden om te zetten. Opmerkelijk is vooral de complete afwezigheid van geraffineerde industriële producten in de folder. De meeste diëtisten durven doorgaans niet verder te gaan dan deze te beperken in plaats van helemaal te bannen. Zuid-Amerikaanse consumentenbewegingen gaan zich nu verenigen in een grotere continentale lobbygroep, waarbij evenwichtige voeding één van hun prioriteiten is.