Kankerverwekkend of niet: ze blijven onkruidverdelger sproeien

Naar glyfosaat wordt al jaren onderzoek gedaan. Over de organische fosforverbinding die als herbicide wordt gebruikt is veel beweerd, maar niet dat het (onomstotelijk) schadelijk voor de mens was – tot nu. De Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) en het Europese agentschap ESFA liggen met elkaar in de clinch over de schadelijkheid van het stofje. De EU moet binnenkort opnieuw beslissen over de toelating van glyfosaat, het hoofdbestanddeel van de onkruidverdelger Roundup.

Al sinds de jaren zeventig wordt glyfosaat als isopropylammoniumzout onder de naam Roundup door het Amerikaanse bedrijf Monsanto op de markt gebracht. Het gebruik van de onkruidverdelger is inmiddels zo gewoon geworden dat onderzoeken al aan hebben getoond dat brood en andere graanproducten er regelmatig sporen van bevatten. Maar vorig jaar verklaarde de Wereldgezondheidsorganisatie dat het beter is de stof niet meer te gebruiken. Onderzoekers van de WHO kwamen in maart 2015 tot de conclusie dat glyfosaat waarschijnlijk kankerverwekkend is bij de mens, een bevinding die tot de nodige ophef leidde. Ook diverse andere onderzoeken lijken te concluderen dat het middel mogelijk gezondheidsschade aan kan richten.

Onverminderd verkrijgbaar
Voor Monsanto geen prettige ontwikkeling. Het bedrijf kwam wereldwijd onder vuur te liggen vanwege het gebruik van een kankerverwekkende stof en moest vrezen dat de verkoop van Roundup in landen over de gehele wereld verboden zou worden. Het patent op de onkruidverdelger – die niet alleen door particulieren wordt gebruikt, maar ook op grote schaal wordt toegepast door de landbouw en door overheden – was al in 2000 verlopen waardoor ook andere producenten van herbiciden glyfosaat mogen produceren en toepassen in hun eindproduct. Toch is Roundup voor Monsanto nog steeds goed voor een jaarlijkse omzet van circa 2 miljard dollar en is daarmee van zeer positieve invloed op de jaarcijfers van de onderneming. 

Eerder al werd het gebruik van glyfosaat in verschillende landen aan banden gelegd door de verkoop ervan aan particulieren te verbieden, omdat het middel zeer giftig is voor bijen. De Tweede Kamer overwoog een soortgelijk verbod, maar zo ver kwam het niet. En voor de landbouw bleef glyfosaat hoe dan ook onverminderd verkrijgbaar, ook in Nederland. Maar ondanks een beperkt verbod in diverse landen ging Monsanto niet bij de pakken neerzitten. Volgens het bedrijf is het verbod disproportioneel en bovendien juridisch aanvechtbaar.

Om tot een onderbouwde beslissing te komen over het gebruik van Roundup liet de EU haar eigen Europese Voedselveiligheidsagentschap ESFA een eigen onderzoek uitvoeren. De uitkomst is opmerkelijk. In tegenstelling tot de WHO – die dus vorig jaar nog concludeerde dat het herbicide waarschijnlijk kankerverwekkend – is de ESFA namelijk niet overtuigd dat glyfosaat de gezondheid noemenswaardig schaadt. En dus verwerpt de ESFA de conclusie van de WHO en ondersteunt daarmee impliciet het streven van Monsanto om de Europese markt in de volle breedte te bedienen.

Belangenverstrengeling
De bevindingen van de ESFA waren tegen het zere been van tal van vooraanstaande onderzoekers. In een reactie tegen de uitkomsten van het tegenonderzoek van de ESFA stuurden zij een gezamenlijke brief aan de Europese commissaris voor Gezondheid waarin zij waarschuwen voor het gebruik van glyfosaat. De schrijvers van de brief stellen dat het onderzoek van de ESFA geen echte bewijzen geeft om de conclusie te onderbouwen. Bovendien noemen de 96 wetenschappers die de brief ondertekenden het tegenonderzoek ongeloofwaardig, omdat het niet op een open en transparante wijze zou hebben plaatsgevonden. Zij waarschuwen voor de clandestiene invloed van belangengroepen, die bij de ESFA op de loer zouden liggen. Dat komt, zo zeggen de wetenschappers, omdat de medewerkers van de ESFA mogelijk een belangenverstrengeling zouden kennen.

Vijf van de 80 toxicologen van de ESFA hebben bijvoorbeeld geen verklaring omtrent het niet bestaan van een belangenverstrengeling onderschreven, terwijl die van sommige andere betrokken deskundigen al enkele jaren oud zijn. Meer dan een derde van de deskundigen blijkt naast een dienstbetrekking bij de ESFA ook nog een aanstelling te hebben bij nationale regelgevers en één had een belang van 5 procent in een adviesbureau in risicobeoordeling. Bij de WHO werd onderzoek gedaan door onafhankelijke wetenschappers die strikte verklaringen aflegden om zo belangenverstrengeling te voorkomen.

Urine
Naast de briefschrijvende onderzoekers en de WHO zijn er overigens nog meer wetenschappers die de conclusie van het WHO onderzoek delen. Hoewel de schadelijkheid van glyfosaat maar moeilijk met zekerheid aan te tonen is, wijzen onderzoeken steeds vaker in de richting van mogelijke gezondheidsschade. Een onderzoek van afgelopen jaar dat gepubliceerd werd door het medische vaktijdschrift The Lancet liet zien dat glyfosaat terug te vinden is in het bloed en de urine van landbouwers. De onderzoekers zijn stellig in hun bevindingen: glyfosaat zou volgens hen dna-schade kunnen aanrichten bij zoogdieren en mensen.

De WHO en de ESFA hebben een gemeenschappelijke bijeenkomst gepland om de resultaten van hun onderzoeken, alsmede de toegepaste onderzoeksmethoden met elkaar te vergelijken om zo te bezien waar de uiteenlopende conclusies vandaan komen.

Foto: Flickr | Chafer Machinery