Een saaie strijd, wel goede pr voor de schaaksport

Vlak voor aanvang van het jaarlijkse Tata Steel Chess Tournament voer hij al door de grachten van Utrecht op een heuse schaakboot. Woensdag keerde de Nederlandse schaakgrootmeester Anish Giri terug naar de Domstad. Ditmaal naar het Spoorwegmuseum. 3000 man dromde samen voor zijn duel tegen wereldkampioen Magnus Carlsen.

Hoewel Wijk aan Zee voor het ‘Wimbledon van het Schaken’ dé uitvalsbasis blijft, doet de organisatie er alles aan om de populariteit van het schaken op te schroeven. Zo bezocht de wereldtop twee jaar geleden het Rijksmuseum en transformeerde het Amsterdamse wetenschapsmuseum NEMO vorige week donderdag voor een dag in schaakgrondgebied.

Nu wordt het Spoorwegmuseum aangedaan. De speeltafels staan in Utrecht afgetekend tegen een imponerend decor: een ouderwetse, monsterlijk groene stoomlocomotief. Een zoals in de Harry Potterboeken en -films, waarmee de tovenaarsleerlingen vanaf perron 9 3/4 op het Londense King’s Cross naar Zweinstein trekken.

Hyena’s
Het is bijna twee uur als de 21-jarige Giri, de nummer drie van de wereldranglijst, aan tafel zit. Het bord staat klaar, evenals alle schaakstukken. Daarnaast een mueslireep en pen en papier voor het noteren van de zetten. Meer heeft hij niet nodig. De stoel van zijn opponent, van de leider van het toernooiklassement, is als enige nog leeg.

Als de Noor dan eindelijk achter de lange donkere gordijnen tevoorschijn komt, flikkeren de legio fotocamera’s die hem opwachten bij hun tafel. Als hyena’s duiken de flitsen op het tweetal. Er wordt zelfs een huishoudtrappetje uit de kast gehaald om het perfecte beeld te schieten.

De late opkomst van Carlsen is geen psychologische truc, zegt Giri vlak na het duel. “Magnus hoort het fotogeluid elke dag. Ik heb daar minder mee te maken. Als dat elke dag gebeurt, is het echt vermoeiend. Daarom komt hij wat later.”

Lichtelijk gefluister
Anderhalf uur voor de partij zaten de Noor en Nederlander ook al tegenover elkaar voor een kiekje. In een originele wagon van de Orient Express, normaliter niet toegankelijk voor bezoekers. Voor grootmeesters wordt graag een uitzondering gemaakt.

Verderop spelen honderden schoolkinderen om het Utrechtse kampioenschap voor basisscholen, in de grote zaal tussen én in de vele antieke treinen. Als de grootmeesters zelf aan de beurt zijn, is het ook daar afgeladen vol. Stilte is gewenst, maar zacht gefluister blijkt onvermijdelijk als een grote groep mensen samendromt voor een afzetlint op nog geen drie meter van de schakers.

Liefst 3000 toeschouwers vertoeven woensdag in het Spoorwegmuseum. Giri prijst de initiatieven van de organisatie. “Het toernooi moet meer zijn dan de schaakborden alleen, want anders is het ook wel een beetje saai.” Veel publiek, ‘leuk en gezellig’ dus. Toch stoort de entourage Giri ook een ‘klein beetje’. Want na de rondleiding moesten hij en de andere grootmeesters nog een uur wachten op de aanvangstijd. “En dat is het moment waarop je de meeste spanning voelt. In een wachtkamer kun je niet goed voorbereiden of lekker relaxen.”

Hij besloot een lange wandeling te maken. Een vertrouwd gebruik onder schakers, om zo het ingewikkelde web van zetten, openingen en tactieken in eigen hoofd te laten vieren. En de Utrechtse straten zijn een welkom alternatief, want alle routes op het strand bij Wijk aan Zee kent Giri al. Het is alweer zijn achtste jaar dat hij meedoet. “Ik heb dus in totaal een half jaar in Wijk aan Zee doorgebracht.”

IJsberen
Het is ook het zoveelste duel tussen Giri en Carlsen. Schaaklegende Jan Timman is speciaal als commentator ingehuurd om deze clash voor de website van Tata Steel Chess te duiden. Giri moet voor de winst gaan, vanwege zijn achterstand van anderhalve punt op Carlsen in het klassement, aldus Timman: “Hij is altijd voorzichtig tegen Carlsen, verloor ook nog nooit. Daarom staat Giri voor een dilemma. Speelt hij op het scherp van de snede of behoudt hij zijn score tegen Carlsen.”

En Timman is optimistisch over de opening van het wit van Giri. Na de eerste paar zetten ijsbeert Giri langs de tafels. Statig en elegant, als een Engelse politieagent, met de armen op de rug of over elkaar of in de zakken. En strak in donkerblauw pak met een roze overhemd en glimmende lakschoenen.

Even draait Carlsen zich om van zijn het bord. Waar is Giri gebleven, moet hij denken. Nadat Carlsen zijn pion vooruit heeft gezet, verandert Giri’s statige ijsberen in een vlugge pas, terug naar het bord. Dan staat ook Carlsen op. Waar Giri de overige spelers van een gepaste afstand analyseerde, staat de wereldkampioen er bovenop, ongegeneerd. Wat doen zijn concurrenten? Kan hij zich een remise veroorloven? Dan gaat hij weer tegenover Giri zitten, met de armen over elkaar.

Teleurgesteld
Na ruim twee uur zonder aangewezen winnaar schudden zij elkaar de hand. Gelijkspel. Het was niet de strijd waar liefhebbers op hadden gehoopt. Giri baalt. Volgens hem speelde Carlsen duidelijk voor een half punt, de Noorse eindzege nadert. “Ik ben wel een beetje teleurgesteld. Zo simpel had de remise niet hoeven zijn. Tegen mij neemt Magnus geen risico’s meer de laatste tijd.” Voor de twaalfde maal op rij eindigde de partij tussen de twee in remise.

Nu het Tata-toernooi bijna ten einde komt, houden de grootmeesters het liefst hun speciale kaarten op zak met het oog op het kandidatentoernooi, in maart. De winnaar van dat toernooi in Rusland daagt wereldkampioen Carlsen uit. Zou Giri dan zijn gram kunnen halen? ‘Ik focus me eerst op het kandidatentoernooi.’

Niet alle zetten tegelijk, wil hij maar zeggen.