Waarom nostalgische tv zo populair is

Stel u zich eens voor: nieuwe afleveringen van Bromsnor en Swiebertje uit de jaren ’70, of dramaserie Medisch Centrum West weer wekelijks op de buis. De avontuurlijke serie met de twee vrienden Q & Q, of een nieuw succes met de populaire tv-hit Ja, Zuster, Nee Zuster. Zou u kijken? 

Zondagavond konden Amerikaanse televisiekijkers na een lange pauze van dertien jaar hun hart ophalen bij een nieuwe reeks van de baanbrekende sciencefictionserie X-Files. Donderdag was de serie ook te zien op de Nederlandse televisie bij Fox. Hoewel de serie er veel beter uitziet dan de eerdere versie en goed werd bekeken op de Amerikaanse televisie, zijn de recensies niet lovend. De eerste aflevering van de remake zou volgens critici veel te rommelig zijn en te vol.

Nieuws
Het is niet de eerste keer dat de tv-zender Fox een oude serie nieuw leven in blaast. In 2014 kwam er een revival van de serie 24. Vanwaar die behoefte aan remakes, in een gouden tv-tijdperk waar de ene na de andere mooie, dure en goede serie wordt geproduceerd? Bij de uitreiking van de bekende televisieprijzen, de Golden Globes, was Netflix deze maand koploper.

Filmwetenschapper Dan Hassler-Forest, verbonden aan de Universiteit van Utrecht, benadrukt het onderscheidende karakter van een succesvolle tv-serie. “De markt voor Amerikaanse dramaseries is gigantisch: er is een overweldigend aanbod en de concurrentie is enorm.” Maar volgens Hassler-Forest is het een voor de hand liggende manier om je binnen zo’n verzadigde markt te onderscheiden door iets herkenbaars in te zetten, zoals remake-series als X-Files, Twin Peaks of bewerkingen van films en en boeken, zoals Fargo en Hannibal.

Daarnaast wordt kwaliteitstelevisie volgens Hassler-Forest gemaakt voor een specifiek publiek: hoogopgeleid en vermogend. “Een belangrijk deel van deze doelgroep is demografisch gezien tussen de 30 en 50 jaar oud. Dit is de generatie die een nostalgische band heeft met de tv-cultuur uit hun tienerjaren.”

Vriendelijk
De behoefte aan nostalgische series uit de jaren ’80 en ’90 kan volgens programmamaker Han Peekel verklaard worden door het gegeven dat de televisie van vroeger veel ‘vriendelijker’ was dan die van nu. “Je ziet tegenwoordig alle soorten van geweld voorbij komen, in het journaal, maar ook in series. De televisie van toen gaf vooral heel veel warmte. (-) En vooral in deze onzekere tijden kan een radio of een televisie als vriend op je schouder kan fungeren.”