Andy van der Meijde speelt Joris Linssen, en het is nog leuk ook

Joris Linssen lanceerde aan het begin van deze eeuw een carrière vol empathische interviews door in het televisieprogramma Taxi zijn passagiers te ondervragen, hetgeen hij dan weer had afgekeken bij Maarten Spanjer. Oud-voetballer, vrouwenliefhebber, realityster en entrepreneur Andy van der Meijde geeft het programma een onofficieel vervolg en zet zijn witte Audi in als taxi voor profvoetballers. Het levert zowaar opvallende uitspraken op.

In de eerste aflevering van Bij Andy in de Auto – allitererende titels doen het altijd goed – wordt Anwar El Ghazi door Van der Meijde opgepikt bij het trainingscomplex van Ajax. De aanvaller heeft schoenen meegenomen die hij van zijn chauffeur moet signeren. Het zijn wel oude modellen, maar dat geeft niet zegt Van der Meijde, het gaat om het gebaar. Wie lid wordt van het YouTube-kanaal van Van der Meijde en zijn vrouw Melisa kan de kicksen winnen. Ook marketing is Andy niet vreemd.

Na een ongemakkelijk grapje van Van der Meijde over een bezoek aan de McDonald’s en een dito antwoord van El Ghazi (‘Jij mag gaan, maar ik ga niet eten’), rijden de twee weg. Een kritisch vraaggesprek hoeft de kijker niet te verwachten. Van der Meijde geniet van het spel van zijn bijrijder, geeft hij toe. “Je bent snel ook.” El Ghazi kan op zijn beurt nog veel leren van de oude rechtsbuiten van Ajax. Er worden onderling wat klapjes op been en arm gegeven. El Ghazi glimlacht, Van der Meijde lacht hard. Er is wederzijds respect.

“AC?” vraagt Van der Meijde terloops, doelend op een mogelijke transfer van de spits naar de Associazione Calcio uit Milaan. El Ghazi lacht en schudt van nee. Goed zo, hij moet ook helemaal niet naar Italië gaan. Niets voor hem, weet de bestuurder. Die ging zelf naar die andere club uit Milaan, Inter. Moest-ie opeens mee-verdedigen. En ook nog het hele veld over rennen, twee of drie man voorbij, een goede voorzet en scoren. Dat kan toch niet? El Ghazi moet ook weleens mee-verdedigen, dat vindt geen enkele aanvaller leuk. De twee hebben elkaar gevonden.

De vragen van Van der Meijde mogen dan weinig kritisch zijn, juist omdat hij de taal van zijn bijrijder spreekt ontstaat er een leuke conversatie waarin El Ghazi opener is dan in menig ander interview. Over zijn tijd bij Feyenoord, waar hij uit het jeugdteam werd weggestuurd: “Ik was te speels, was niet pittig genoeg, wilde leuke dingen doen. Toen was het snel klaar. Ik heb met Tony Vilhena gespeeld, Karim Rekik, Kyle Ebecilio. Ik was met Tony topscorer van het team. We maakten gezamenlijk tachtig goals, of zo. Dat ik weg moest was mijn fout, ik had geen discipline.”

Het gaat over de vrouwen van Van der Meijde (‘Daar houd jij wel van, hè?’), wel of niet uitgaan (‘Ik ben nog nooit in een club geweest en ik drink het liefst Fanta’), de broodjes kroket die nog werden geserveerd in de periode dat Van der Meijde bij Ajax speelde (‘Andere tijden, man’), de zenuwen aan tafel bij Humberto Tan (‘Opeens merk je dat alles wat je doet wordt gefilmd’) en bij een debuut in de ArenA (‘Als je dat publiek ziet, pfff’) en het veld in het stadion (‘Je kunt niet kappen, dan val je om’).

Vlak voordat El Ghazi de Audi uitstapt, vertelt hij over de enige keer dat hij zich bedreigd voelde als een in Barendrecht – dat veel Feyenoordsupporter huisvest – woonachtige Ajacied. “Er begon een man naar me te schreeuwen en achter me aan te lopen. Toen ben ik snel een Turks restaurant in gelopen waar ik veel mensen ken.” Mafketels vindt Van der Meijde het. El Ghazi nuanceert. “Het is jammer dat voetbal en privé altijd samenkomen. Buiten het veld moeten we gewoon normaal met elkaar om kunnen gaan. Maar ik snap het ook wel, voor sommige mensen is Feyenoord of Ajax hun geloof. Dat is mooi om te zien.”

Van der Meijde is geen Linssen of Spanjer, maar alleen om uitspraken als die laatste is Bij Andy in de Auto al het kijken waard.