Waarom (on)gezond en (on)natuurlijk niet hetzelfde zijn

In de Vlaamse krant De Standaard viel te lezen dat ‘natuurlijk’ gezond is, en ‘onnatuurlijk’ dus ook ‘ongezond’. Daarover bestaat de nodige twijfel. Zo is brood verrijken met jodium inderdaad ‘onnatuurlijk’, maar wel een gezonde, duurzame en doordachte ingreep.

Pascale Naessens neemt brood verrijkt met jodium op de korrel, zo viel in de krant te lezen. Omdat jodium niet ‘van nature’ in brood zit, vindt ze het beter om mensen te stimuleren meer natuurlijke bronnen van jodium te consumeren, zoals vis, schaaldieren, zeewier en zeeplanten.

Onlangs bezongen Hendrik Vandamme van het Vlaamse Algemeen Boerensyndicaat en een woordvoerder van de Boerenbond de voedingswaarde van vlees. “Voor mij geen voedingssupplementen, maar wie kiest voor vleesvervangers, neemt er best wel,” zei laatstgenoemde met enige afkeer. De onderliggende boodschap is duidelijk: als je als vegetariër of veganist een supplement nodig hebt, dan klopt er iets niet.

Wat is er mis met voeding die met bepaalde voedingsstoffen is verrijkt? Wat is er mis met doordacht gebruik van een voedingssupplement? Het werd in deze krant al vermeld: een ‘goed gepland veganistisch dieet’ is voor iedereen gezond, aldus de Academy of Nutrition and Dietetics, ’s werelds grootste organisatie van voedingsdeskundigen. Ze vermeldt daarbij ook dat verrijkte producten en supplementen nuttig kunnen zijn om waardevolle voedingsstoffen aan te leveren.

Wie uit ethische overwegingen dierlijke producten wil mijden, kan bijvoorbeeld gebaat zijn met vitamine B12-supplementen of producten die met B12 zijn verrijkt. Die B12 wordt geproduceerd door al dan niet genetisch gemanipuleerde bacteriën. Onnatuurlijk, misschien. Maar wat dan nog? Toch prachtig dat wetenschap en technologie dat mogelijk maken? Aan veevoer worden overigens ook vitaminen en mineralen toegevoegd, waaronder soms B12. Deugt dat veevoer dan ook niet?

Vlasdodder 
‘Natuurlijk’ verkoopt. Ook melk heet tegenwoordig ‘voedzaam van nature’ te zijn. In de voedingsdriehoek staat ze echter broederlijk naast de (onnatuurlijke) met calcium verrijkte sojadranken, die qua samenstelling erg op melk lijken. Wat ‘onnatuurlijk’ is, is niet per definitie slechter en biedt soms interessante voordelen.

Steeds meer landen houden bij het opstellen van voedingsrichtlijnen niet alleen rekening met wat gezond is, maar ook met duurzaamheid. Volgens de Nederlandse Gezondheidsraad, bijvoorbeeld, verdienen in de eerste plaats meer aandacht: alternatieven voor dierlijke eiwitten en visvetten.

Vis bevat behalve jodium ook gezonde omega 3-vetzuren. De vissen halen die op hun beurt uit de algen die ze eten. We zouden die vetzuren dus ook uit supplementen op basis van algenolie kunnen halen – die bestaan al, maar zijn nog erg duur. In Groot-Brittannië groeit in proefvelden genetisch gemanipuleerde vlasdodder, familie van het koolzaad, die zo is gewijzigd dat de olie in de zaden dezelfde vetzuren als vis bevat. Onnatuurlijk, maar misschien wel een kans om de oceanen te ontzien. Want als iedereen straks zoveel vis begint te verstouwen als Naessens zou willen, zal de nu al weinig rooskleurige situatie van het visbestand er niet op verbeteren. Volgens de Gezondheidsraad is de normale – en door weinigen gehaalde – aanbeveling om één à twee keer per week vis te eten al problematisch. Vanuit dat perspectief is het zo gek niet om jodium in brood te draaien.

Wetenschappers proberen eiwitten uit zeewier, algen, bietenloof en andere planten te extraheren, om ze als basis voor voedzame en duurzame vleesvervangers te gebruiken. Die kunnen dan nog worden verrijkt met ijzer, B-vitamines of andere waardevolle voedingsstoffen. Misschien niet wat we ‘van nature’ eten, maar wel nuttig als we 10 miljard mensen willen voeden zonder de veestapel nog te laten groeien.

Anticonceptiepil
Vanwaar toch die afkeer van wat onnatuurlijk is? Dat zijn keizersnedes, de anticonceptiepil, en kankergeneesmiddelen ook. ‘Natuurlijk’ is niet per definitie goed voor ons – dat zijn radioactiviteit en cyanide immers ook – noch een norm die we per se moeten nastreven. We beslechten conflicten van nature door elkaar de kop in te slaan en dat proberen we ook af te bouwen.

Dat we niet in het wilde weg allerlei supplementen en rommel moeten slikken, is nogal wiedes, maar als we iedereen op een ethisch verantwoorde en duurzame manier gezond willen voeden, kunnen we de onnatuurlijke hulpmiddelen die wetenschap en technologie ons bieden maar beter omarmen, in plaats van ze af te serveren.