Reclames zijn verregaand irritant, maar van dit stupide spotje zakt je broek af

Wekelijks neemt HP/De Tijd de wereld voor mode en trends kritisch onder de loep. 

zentangle_hp
Flickr | J Aronsson

Zen je rot
Ja hoor, de kortpittige aardappelkroketjes hebben weer een nieuwe hobby. Nadat ze vorig jaar massaal de kleuter in zichzelf hadden ontdekt en aan het plaatjes kleuren waren geslagen, gaan ze nu een stapje verder: de Zentangle is het nieuwe ding! De zenwát vraagt u? Welnu: de zentangle is een meditatietechniek annex kunstvorm, zo wil het pr-verhaaltje althans, die is uitgevonden door de Amerikaanse calligrafe Maria Thomas en haar man, ‘meditatiemonnik’ Rick Robert. Maria merkte dat ze ontzettend tot rust kwam door het tekenen van zich almaar herhalende motieven en manlief zag daar wel brood in. Et voila! Zentangle was geboren. Maar ja, een hype is geen hype als je het thuis gewoon met een potloodje en een stukkie papier kunt doen. Er moeten workshops komen, cursussen, websites en boeken, vooral heel veel boeken. Boeken vol lege pagina’s met alleen een beginnetje: een druppel, een rondje, een paar steepjes. Geniaal. Nauwelijks kosten, alleen maar binnenharken.
En nu denkt u mischien, maar dat deed ik vroeger in mijn Ryam-schoolagenda al en dan heeft u gelijk: want dat is het. Hogeschooldroedelen. Uitstekend geschikt voor saaie lesuren. Allemaal tot uw dienst en zentangel je wat mij betreft tot in de hoogste verlichtinggraad, maar mogen er alsjeblieft weer echte boeken op die planken, dames en heren boekhandelaars?

jeans_hp
Flickr | Kate Brady

Een grote scheur
Of ik alleen maar dingen kon afzeiken, vroeg laatst iemand naar aanleiding van mijn stukjes hier. Eh…tja, daar ben ik een beetje voor ingehuurd. Afzeiken is misschien een groot woord, maar sommige zaken mogen wel met een knipoog of lange neus worden behandeld – bloedeloos serieuze trendwatchers zijn er al genoeg. Maar wat ik dan vond van die gescheurde spijkerbroeken tegenwoordig? Dat was toch zeker wel echt belachelijk? Alleen bij het woord ‘tegenwoordig’ lag ik al in een deuk. Hoezo dat? Zo liep ik er in 1970 al bij. En omdat het scheuren en slijten ons toen niet snel genoeg ging en je niet, zoals nu, een kant en klaar distressed exemplaar kon kopen, waren we uren bezig met schuurpapier, scharen en bleekwater. Want kapot was hip.
En eerlijk gezegd kan ik me niet herinneren dat er sindsdien ooit een tijd is geweest waarin gescheurde – al dan niet met lapjes herstelde – spijkerbroeken níet konden. Maar het luistert nauw. Het best zijn de natuurlijk tot stand gekomen scheuren, die zitten namelijk precies op de juiste plek. Jouw kniescheuren zijn de mijne niet, zeg maar.
Let vooral op wat we te zien krijgen door zo’n scheur: een lekker kontje of een smoezelige onderbroek is een wereld van verschil. Een mooie bruine knie of een wit harig puntgeval dito. Uitpuilend vlees is ook niet echt een aanbeveling trouwens. Zelf trek ik de grens bij die ansichtkaartgrote uitgeknipte kniegaten: knie als foto, spijkerbroek als lijstje. Die grote scheur mag je van mij houden…

Kakmadam
Hoewel die reclamejongens volgens mij uitermate goed betaald krijgen, zijn de meeste reclamespotjes niet om aan te zien. Oké er zijn een paar leuke (Jumbo, LOI, Apeldoorn), maar de meerderheid is saai en suf en enkele zelfs ronduit verregaand irritant, zoals Kruidvat met dat vreselijke schreeuwmens, die dreinende Dreftdreumes – ‘issie nou nog niet lee-heeg? – en die fluisterende juffrouw van die hotelkortingen. Maar op dit moment gaat er een spotje rond waar spontaan je broek van afzakt: V.I.Poo. Echt waar, je gelooft het niet en je denkt: huh? Jiskefet? Het is echt het belachelijkste en domste filmpje dat je ooit hebt gezien. Wrong on so many levels. Ten eerste dat je op zo’n galabal uitgebreid gaat zitten bouten. Ten tweede dat je zo’n spuitbus in je avondtasje met je mee schlept – we hebben niet allemaal een lakei – en ten derde dat je, als je een toilet binnenkomt eerst eens even lekker diep ademhaalt. Te fout en te stupide voor woorden. Maar het ergste van reclameboys is natuurlijk, dat ook als je ergens heel afkeurend over spreekt, ze toch handenwrijvend zeggen: “Maar er wordt wél over gesproken!” Flapdrollen met de stank van eigenwaan. Daar helpt geen spuitbus tegen.
Overigens vraag ik me altijd af hoe het is voor een acteur of actrice om zo’n soort rol te krijgen. Belt je agent je dan op en zegt “Ik heb goed nieuws en slecht nieuws. Het goede nieuws is dat je een rol hebt in een reclamespotje…” En wat zeggen de kinderen van die vaginaleschimmeljuffrouw, die aambeienmeneer en die kakmadam eigenlijk op school wat hun vader of moeder doet? Arme schapen.