Het geheim van het wereldwijd populaire Dutch design

De Amerikanen schreven het al: “Eigentijds Hollands design neigt naar non-conformiteit, het accentueert kleur, vorm en oppervlakte-materiaal en is daarmee innovatief en eye-catching.” Het Nederlandse meubelontwerp is in opmars, ook buiten de langsgrenzen. De Salone del Mobile Milano, de prestigieuze designbeurs die aankomende week plaatsvindt in Milaan, staat vol met ons succesvolle exportproduct.

knotted chair
De ‘knotted chair’ van godfather van het Nederlands design Marcel Wanders. Foto: MarcelWanders.com

Dutch Design staat voor de herkenbare stijl van Nederlandse ontwerpers: minimalistisch, innovatief, onconventioneel maar wel vaak met een gevoel voor humor. Denk aan een stoel gemaakt van aan elkaar gehaakte touwtjes (over zitcomfort hebben we het een andere keer), een tafel van sloophout en een gebreide poef.

Godfather
In de jaren ’90 werd de term bekend door Marcel Wanders (1963), de godfather van het Dutch Design. De Knotted Chair vormde in 1996 zijn doorbraak en is zelfs opgenomen in de collectie van het Museum of Modern Art (MoMa) in New York. Hij richtte hele hotels in in Miami, Bahrein en Bonn, maar ook gewoon een bij ons in Amsterdam.

Naast Wanders mogen we Hella Jongerius (1963) de godmother van het Nederlandse ontwerp noemen. Ze was onder andere met Rem Koolhaas verantwoordelijk voor de herinrichting van de Delegates Lounge in het hoofdkwartier van de Verenigde Naties in New York en ontwierp verder voor KLM, Vitra, Swarovski en Ikea. Natuurlijk moeten we ook Piet Hein Eek (1967) die meubels maakt van sloophout, de verbrande meubels van Maarten Baas (1978) en de innovatieve kapstok van Wieki Somers (1976) noemen.

hp-binnenkijken-eek-961x782
Meubelen gemaakt van sloophout in het atelier van Piet Hein Eek in Eindhoven
7_01poefkleur-
De poef. Foto: Christien Meindertsma

Het label van Wanders Moooi (opende dit jaar nog een vestiging in New York), maar ook Droog Design (herinnert u zich dit hotel met humor nog?) dragen bij aan jonge Nederlandse ontwerpen op internationale designbeurzen zoals de Salone del Mobile. Daar zien we onder andere Christien Meindertsma (1980). In haar werk onderzoekt ze de herkomst van producten die we dagelijks gebruiken. Zo ging ze na in haar boek PIG 05049 welke producten er van varkens worden gemaakt. De resultaten waren verrassend, want naast vlees zijn dat bijvoorbeeld kauwgom, sigaretten en hartkleppen. Het boek bevat foto’s van de producten die van één varken gemaakt werden (zie de grote foto boven dit artikel). Een van haar bekendste werken en inmiddels veel in de Nederlandse huiskamers te zien is de Urchin Pouf: een grof gebreide poef vervaardigd van de wol van één schaap. Het werk van Meindertsma was naast in diverse Nederlandse musea onder andere te zien in het MoMa en het Victoria and Albert Museum in Londen.

5593910aa9b6129099f0ab5f393b634f1031add2
Tafel van marmer en Belgium bluestone uit de collectie ‘Fragments’ van Lex Pott. Foto van zijn website

Rauw
Lex Pott (1985) exposeert ook in Milaan. In zijn werk experimenteert hij met pure materialen zoals hout, steen en metaal. Zijn rauwe manier van werken spreekt veel liefhebbers aan, zijn ontwerpen zijn niet verborgen onder laagjes maar juist gereduceerd tot hun essentie.

Het seksspeeltje van de toekomst volgens jonge ontwerper Bastiaan Buijs. U mag het ook gewoon ‘neukbok’ noemen

De nieuwe generatie ontwerpers staat ook klaar. De Dutch Design Week, eind oktober in Eindhoven, presenteert het werk van jonge, net afgestudeerde talenten. Vorig jaar zagen we daar het seksspeeltje van de toekomst genaamd De Sater, bijna ondraagbare schoenen en de herinterpretatie van de plantenbak. We zijn benieuwd wat de nieuwe lichting van de academies dit jaar gaat brengen. Misschien hebben we daar dan meteen het geheim getackeld, want alle genoemde designers komen van de veel geprezen Design Academy in Eindhoven of de Gerrit Rietveld Academie in Amsterdam. Education is the key of succes. Natuurlijk moeten we daarnaast de kracht van de boterham met pindakaas ook niet onderschatten.