Waarom de Quote 500 voor belastingbetalers er niet gaat komen

Het leek zo’n goed idee: de Tax-500, een lijst met de vijfhonderd grootste belastingbetalers. Naar analogie van de Quote 500, de rijkenparade van het gelijknamige zakenblad. Columnist Frank Kalshoven lanceerde dit proefballonnetje afgelopen zaterdag in de Volkskrant. Uit ergernis over ‘sneue types’ als Vladimir Poetin, oud-voetballer Clarence Seedorf en Bert Meerstadt, oud-topman van NS en (inmiddels voormalig) commissaris bij ABN Amro, die zich volgens de Panama Papers schuldig hebben gemaakt aan belastingontwijking.

Wie veel geld verdient, mag veel belasting betalen en dat is naast een plicht ook een voorrecht. Immers, een grootverdiener mag een grotere bijdrage leveren aan het collectief dan een kleinverdiener, aldus Kalshoven. Een Tax-500 zou de hoog geklasseerden in deze lijst volgens de econoom en columnist met trots kunnen vervullen (“Ik sta op percentage 88. En jij?”) en een boost kunnen geven aan de belastingmoraal.

Maar wie gaat deze lijst publiceren? Hoe staat Eric Wiebes, de staatssecretaris die gaat over de Belastingdienst, ertegenover? En, misschien nog wel veel belangrijker: vinden de veelbetalers zelf het een eer om in zo’n Tax-500 te staan?

Meest voor de hand liggend medium om de lijst de publiceren lijkt Quote. “Een interessant idee”, reageert Paul van Riessen, waarnemend hoofdredacteur desgevraagd. Hij heeft de column gelezen en erover nagedacht. Volgens hem staat of valt het initiatief met de medewerking van de Belastingdienst. “Als onze ‘Vrienden van de blauwe brief’ de gegevens aanleveren, zeggen wij geen nee. Maar ik vrees dat ze daar om privacyredenen niet aan beginnen.”

Als redactie zelf onderzoeken wie hoeveel afdraagt aan de fiscus, is volgens Van Riessen onbegonnen werk. “Voor de Quote500 kun je putten uit openbare bronnen en zo redelijk nauwkeurig uitrekenen hoeveel iemand bezit. Bij de belastingaangifte tast je in het duister.”

De ‘Vrienden van de blauwe brief’ hebben zelf vooral praktische bezwaren. “De Belastingwet staat het niet toe om informatie te verstrekken over individuele belastingplichtigen”, zegt een woordvoerder van het ministerie van Financiën. Of Wiebes, zijn baas, positief tegenover het idee staat, laat de zegsman in het midden.

En de genomineerden zelf? Die zijn druk. Met geld verdienen. Een enkeling daargelaten.

“Een linkse mensenjacht van journalisten. Allemaal geboren vanuit pure jaloezie!” Herman Heinsbroek laat er geen misverstand over bestaan. De voormalige platenbaas en oud-minister van Economische Zaken, met een geschat vermogen van 200 miljoen euro goed voor een plek in de middenmoot van de Quote 500, wil niet in de Tax-500. Resoluut: “Ik wil in geen énkele lijst staan.”

Heinsbroek vindt alle ophef over de Panama Papers onzin – much ado about nothing. “Die mensen doen niets verkeerd. Als de constructie niet terecht is, moet je de wet aanpassen. Zo simpel is het leven.”

Een ding is zeker: zou er in Nederland een organisatie hebben bestaan als de Patriotic Millionaires, de Amerikaanse vereniging van miljonairs die uit vaderlandsliefde graag belasting betalen, dan had Heinsbroek zich daarbij vast niet aangesloten.

Wim van der Leegte, eigenaar van de VDL Groep, het succesvolle Brabantse familiebedrijf dat onder meer eigenaar is van Nedcar, lijkt daarentegen geknipt voor het lidmaatschap van de Nederlandse versie van de Patriotic Millionaires. Van der Leegte, 16e in de laatste Quote500 met een geschat vermogen van ruim 1 miljard euro en afgelopen donderdag nog winnaar van de award voor Boegbeeld Nederlands Ondernemerschap, betaalt graag veel belasting. Al was het maar omdat hij dan navenant verdient. Maar een plaats in de Tax-500 als rolmodel, nee, daar zit hij eerlijk gezegd niet zo op te wachten. “Ik weet niet of dat de oplossing is”, laat de pater familias van VDL weten via zijn woordvoerster.

Tussen droom en daad staan wetten en praktische bezwaren. Ook voor de Tax-500. Helaas.