Pikorde: de bovenbazen van het Nederlandse voetbal

Het is dringen in de overvolle kleedkamer van het Nederlandse voetbal. Wie zijn de vedetten en wie mogen slechts de schoenen van de toppers poetsen? De HP/De Tijd-topveertig van degenen met de grootste invloed op het spel en alles eromheen – in het veld en ernaast, vanaf de tribune of vanuit hun ivoren toren.

1. Johan Cruijff (Heilige)
Verlosser. Zag in Betondorp de bal en predikte vanaf dat moment het evangelie van het totaalvoetbal. Maakte het onwaarschijnlijke tot iets tastbaars en bekeerde aanhangers van over de hele wereld. Bleek niet onschendbaar en verloor zijn wedstrijd tegen kanker. De wereld en zijn apostelen bleven verslagen achter, maar het geloof in hem werd alleen maar sterker. Amsterdam en Barcelona zijn bedevaartsoorden geworden en zullen dat tot in het einde der tijde blijven. Vrij naar de virtuoos: in zekere zin is hij waarschijnlijk onsterfelijk.

2. Michael van Praag (Bondsvoorzitter KNVB)
Bobo de luxe. Roert met vingers in meerdere bestuurlijke pappen. Had Sepp Blatter moeten opvolgen bij de FIFA. Beschikte niet over de lange adem. Of genoeg geld. Was vriendjes met Platini, maar toen die fout bleek, werden de banden rigoureus doorgesneden. Zag met een glimlach hoe ballenraper Gianni Infantino het voorzitterschap bij de FIFA greep, waardoor hij weer een trede hoger komt op de trap van de UEFA-hiërarchie.