Terugkijken: de ‘lijdensweg’ van tekenaar Theo van den Boogaard

“Is er niets in jou dat dit ook leuk vindt?” vraagt documentairemaakster Nathalie Crum aan het begin van De vier winters van Theo van den Boogaard aan het lijdend voorwerp. “Nee,” luidt het resolute antwoord van de tekenaar die met een gepijnigd gezicht boven zijn vel papier hangt. Hij moet de cover maken voor de papieren HP/De Tijd.

In de mooie documentaire, woensdagavond uitgezonden op NPO 2, wordt Van den Boogaard gevolgd tijdens een nieuw project. Hij verwezenlijkt daarmee een jongensdroom, zo viel te lezen in de aankondiging. Tijdens het proces worden zijpaden genomen om de loopbaan en het leven van een van Nederlands beste tekenaars uit te diepen. Een soms wat zwartgallige perfectionist, die ongelooflijk streng is voor zichzelf.

Zijn hele leven zit Van den Boogaard al gebogen over witte vellen papier. Nadat hij als kind Suske en Wiske had gelezen, wist hij: dit wil ik ook. Als hij bladert door oude tekeningen, die hij maakte als jongen van tien (‘Of misschien nog jonger’), verzucht Van den Boogaard dat hij het maar gênant vindt. Mededogen met zijn jongere ik heeft hij niet. “Ik kan nu niet zeggen dat ik het eigenlijk wel knap vind, nee,” zegt hij desgevraagd.

En nog altijd kan Van den Boogaard zichzelf maar moeilijk tevreden stellen. Voor de man die landelijke bekendheid vergaarde met de stripreeks rond Sjef van Oekel, die hij samen met Wim T. Schippers maakte, is het tekenen vaak een lijdensweg. Maar ook noodzakelijk, blijkt gedurende documentaire.

Na het overlijden van zijn partner Karel maakte hij een reeks met zeefdrukken, een project dat hij nodig had om er ‘doorheen’ te komen. En nu illustreert hij een eigen nummer. Een liedje dat hij schreef toen hij 27 was, over een man met een donkere kijk op de wereld. ‘When you might have four seasons, I’ll have four winters in a row’. Hoe erg hij die man is? “Je hele leven word je achtervolgd dat je het moeilijk vindt.”

Terwijl Van den Boogaard zijn liedje tekent, illustreert de film zijn continue gevecht. Steeds weer lijkt hij zich af te vragen waarom hij het nog doet. “Ik weet niet of ik het zo leuk vind, ik wil er eigenlijk gewoon mee stoppen,” verzucht hij. Waar hij aan denkt? “Dat alles kut is, natuurlijk. De jaren gaan wel tellen.”

Het lichaam maakt het hem steeds moeilijker te tekenen. Hij herstelde in 2007 van ‘een gezellige darmkanker’, maar hield er wel neuropathie aan over. Door het altijd maar hard op zijn handen drukken, terwijl met de tong tussen zijn befaamde klare lijnen tekende, kwam er de artrose. Hij heeft zitten janken toen hij een goede opdracht af moest slaan, toen hij wist dat het passé was.

De documentaire laat je meelijden met de innemende Van den Boogaard, die onlosmakelijk verbonden is met zijn witte vel en tekengerei. De tekeningen bij het lied komen af. Hij zingt het nummer zelf in. “Instead of all these winters, I’ll have four summers in a row,” eindigt hij. En zo is het ook voor Van den Boogaard: “Ik ben natuurlijk echt aan het binnenhalen wat ik meen verworven te hebben: waardering en sympathie. Ik wil nu gewoon een prettig leven hebben.”

De documentaire De vier winters van Theo van den Boogaard kijkt u hier terug.