Boeddhistische monniken blijken ordinaire smokkelaars en dierenbeulen

Het is een van de populairste attracties in Thailand: de Tiger Temple in Kanchanaburi. Toeristen kunnen er – tegen betaling – op de foto met tijgers en monniken. Maar de boeddhistische monniken namen het niet zo nauw met dierenwelzijn en de nationale wetgeving.

Lange tijd was de Thaise Tiger Temple van Kanchanaburi een must-see voor toeristen en backpackers die op zoek waren naar het perfecte vakantiekiekje. Het beeld van boeddhistische monniken in okerkleurige gewaden die vreedzaam samen leven met bedreigde tijgers was daar uitermate geschikt voor, zeker omdat de bezoeker zelf ook met de roofdieren op de foto kon. Die vakantieherinnering had natuurlijk wel een prijs: afhankelijk van de persoon kon de prijs oplopen tot 100 euro, enkel voor de entree. Met ieder jaar drommen aan bezoekers was de Tiger Temple dan ook verworden tot een miljoenenbusiness. Aan die situatie lijkt nu een eind te zijn gekomen.

Dierenrechtenorganisaties beschuldigen de uitbaters van de Tiger Temple al langere tijd van wanpraktijken. Er zou sprake zijn van het illegaal exporteren van tijgers naar het buitenland, waar ze terecht komen bij een tijger-‘farm’ die uiteindelijk hun huid, tanden en botten verkoopt. Ook zouden de tijgers generaties lang zijn doorgefokt. Wat ooit begon met vier tijgers is vier generaties later uitgegroeid tot 150 exemplaren.

Weer anderen beweren dat de tijger gedrogeerd worden om ze mak te maken, of juist mishandeld om het gewenste gedrag – tam op de foto gaan met toeristen – af te dwingen. Er zou sprake zijn van een zakelijk model dat er in voorziet dat jonge tijgers met toeristen op de foto gaan, terwijl de oudere dieren die te gevaarlijk zijn voor contact met mensen gesmokkeld worden naar ‘farms’ in China en Laos.

Weggehaald
De monniken van de tempel hebben de aantijgingen tot dusver steevast tegengesproken. Uit onderzoek van de Australische stichting Cee4Life blijkt nu echter dat de monniken in de tempel zich in ieder geval schuldig hebben gemaakt aan de illegale handel in commercieel gefokte dieren. Dat heeft ertoe geleid dat de Thaise overheid in actie komt en de tijgers weghaalt uit het complex, hetgeen nog helemaal niet zo eenvoudig is. Omwonenden van het klooster hebben ordediensten de weg versperd en de monniken lieten enkele tijgers los in de keuken van het klooster, wat het weghalen bemoeilijkte.

Onderzoek in het klooster heeft inmiddels geleid tot de ontdekking van de kadavers van veertig tijgerwelpjes in de vriezer van het klooster. Hoewel volgens de Thaise wet de geboorte en het overlijden van tijgers in gevangenschap aan de overheid moet worden gemeld, was dit niet gebeurd. Daarmee wordt de verdenking van illegaal fokken nog eens versterkt. Ook werd een monnik gearresteerd toen die het klooster wilde verlaten met verschillende tijgerhuiden en -tanden.

Hoewel de Thaise overheid de tijgers weghaalt bij de monniken, betekent dit vooralsnog niet definitief het einde van de Tiger Temple. De organisatie wist onlangs een dierentuinlicentie te bemachtigen en zo lang als aan de daarin gestelde criteria wordt voldaan en geen van de monniken wordt veroordeeld voor de handel in bedreigde dieren blijft die vergunning overeind. Tot de rechtbank een definitief oordeel heeft geveld, zou het zo maar kunnen dat de monniken hun tijgers terug kopen. Dierenwelzijnsorganisaties hebben – niet verrassend – reeds hun verbazing hierover uitgesproken.