Ons verlangen naar hardwerkende, niet-overijdele voetballers

Waarom zijn wij verliefd op taxichauffeurs en brandweerlieden op noppen? Je kunt die lui toch al ruimschoots zien knoeien op de voetbalvelden? Van september tot mei is het moeilijk door het land te fietsen zonder links en rechts politiebeambten en dakdekkers tegen een bal te zien trappen.

Niets bijzonders. Maar doen ze mee op hoog niveau dan smelten we van ontroering. Nu weer bij het zien van Lincoln Red Imps FC. Het nieuws van de 1-0 zege van deze semiprofs op het in naam grote Celtic ging de hele wereld over.

Of die arbeiders en enkele echte profs van Gibraltar er werkelijk iets van kunnen is bijzaak. Het was de score die onze hartslag dinsdag in de hoogste versnelling in joeg. Lincoln Red Imps-Celtic 1-0. Yes! De beroemde voormalige winnaar van de Europa Cup (1967) mogelijk uitgeschakeld voor de Champions League: na Leicester City, IJsland en Wales is er nu een onooglijk clubje op een rots bij Spanje dat ons blij maakt.

Het voetbalsentiment van nu: hoe vaker de overbetaalde uitstalkasten van ijdelheid en zelfingenomenheid op hun donder krijgen, hoe beter we het naar de zin hebben. Bescheidenheid en saamhorigheid moeten winnen – hoe maakt niet uit.

Dat wordt dus kijken woensdag naar een wedstrijd in Celtic Parc, waar de complete bevolking van Gibraltar (30.000) twee keer in past. Gelukzalige cijfers zijn dat, nog leuker dan IJsland met evenveel mensen als de stad Utrecht. Het cijfer nul achter de hekken van het Victoria Stadium, toen politieman Lee Casciaro zijn historische goal maakte tegen Celtic: helemaal goed.

De paar duizend toeschouwers in deze grappige variant op Woudestein zaten met z’n allen achter de camera die het geblunder van Celtic en de gloriërende halfprof vastlegde tegen een volkomen leeg decor.

Lachen!

Maar pas op, het is juichen voor de zondvloed. Of camp met een verzekerde kater na afloop. Want natuurlijk zullen de ultragewone ballers van de Britse kroonkolonie woensdag de bus parkeren. Massaal voor het doel in Celtic Park: als dwergen mogen ze dat. Zo beschouwd kan het spel er met die prutsers onmogelijk beter op worden.

Aan de andere kant, als deze trend aanhoudt, zou het voor het narcistische gilde van de profvoetballers een lesje in nederigheid kunnen worden. In dat geval is het nuchtere antivoetbal van de dwergen niet voor niets geweest.