Waarom Donald Trump zijn belastingaangifte niet openbaart

Donald Trump riep in mei van dit jaar dat de rijken in de VS méér belasting moeten gaan betalen. Wat hij zelf betaalt is vooralsnog een raadsel. Het is een goed gebruik dat Amerikaanse presidentskandidaten tijdens hun campagne hun belastingaangifte openbaar maken. Donald Trump weigert dat. ‘Er staat niets in waaruit men iets kan leren’, zo stelde hij. Bovendien zouden zijn aangiftes door de IRS, de Amerikaanse tegenhanger van onze Belastingdienst, nog niet zijn afgewikkeld.

Zonder zijn aangiftes te kennen kunnen we toch al wel een aardig beeld krijgen van zijn belastingmoraal. Want in een ander document – ook een goed gebruik onder presidentskandidaten en dit keer een die Trump wel overlegde – krijgen we een idee hoe Trump zich in bochten wringt om in elk geval zo min mogelijk te betalen. Ik zou zeggen van niet, ik ken geen mensen die vrijwillig meer belasting betalen dan ze zouden moeten, binnen de normen van de wet. Dan kom je al in de buurt van de huidige discussie over de multinationals: allemaal binnen de wet en de internationale belastingverdragen, vaak zwart op wit vastgelegd in rulings met de lokale belastingdienst. Is dat moreel ook acceptabel?

In augustus vorig jaar gaf Trump aan het Amerikaanse persbureau Associated Press een 94 pagina’s tellend document waarin de 102 miljoen dollar aan donaties aan goede doelen worden gespecificeerd die Trump sinds 2010 zou hebben gedaan. Daarover is al veel gepubliceerd. Hilarisch is dat hij zelfs het meevliegen van personen in een van zijn privé-jets aanmerkt als een schenking, als die mede-passagier ook maar enigszins kan worden geassocieerd met een goed doel.

Wat onder de radar bleef is het grootste bedrag – 63,8 miljoen dollar – voor een aantal conserverende toezeggingen en maatregelen. Dat verdient uitleg. Wie in de VS de bezitter is van een flink stuk grond of een historisch gebouw heeft een paar keuzes: verkopen, ontwikkelen of in oorspronkelijke staat behouden. Dat laatste – behouden – biedt de eigenaar de mogelijkheid miljoenenbedragen af te trekken voor de belastingen. In het geval van Trump dus ruim 63 miljoen dollar, er zijn voordelen tot 50 procent te behalen. Waar moeten we dan aan denken? Je geeft aan de grond of het gebouw in de oorspronkelijke staat te laten en draagt het beheer over aan een stichting of zelfs de overheid. Een taxateur van de overheid bepaalt hoezeer de waarde van grond of gebouw vervolgens daalt door toe te zeggen er niks meer mee te doen. Het verschil tussen de commerciële en geconserveerde waarde levert de aftrekpost op. Nu zit Donald Trump nogal in de golfbanen. Van zijn baan bij Los Angeles bracht hij een flink stuk in, zijn opgegeven waarde was 39 miljoen dollar. Vervolgens breekt dan, traditioneel, het ‘gevecht’ uit met de IRS, de Belastingdienst. Die willen er uiteraard zoveel mogelijk af halen. Er werd na een jarenlange juridische strijd 8 miljoen dollar uitgefietst. Argumentatie van de overheid: Trump had bestrijdingsmiddelen gebruikt die de kwaliteit van de grond hadden aangetast. Nog altijd blijft er dan zo’n $31 miljoen aan aftrekposten over en dan hebben we het over één vastgoedobject. Zoals bekend is hij er wel bij wat meer betrokken.

Zo zou het zomaar zo kunnen zijn dat ‘wat wij niet kunnen leren’ uit de belastingaangifte van Donald Trump het woord ‘nihil’ is.