De vleesgeworden natte droom Humberto Tan is óveral

Ik had een droom vannacht, of nee, een nachtmerrie. Ik was op weg naar een afspraak en iedereen die ik ontmoette zag er hetzelfde uit. De koffieverkoper in de stationskiosk, de conducteur, de taxichauffeur, de receptionist van het bedrijf waar ik moest zijn: allemaal hadden ze een glimmend, kaal hoofd met bruine ogen en een lach van oor tot oor. Allemaal droegen ze een hagelwit shirt, een helderblauw colbert van kasjmier met klepzakjes en een tweeknoops sluiting, een flat front-broek, een bijpassende donkerblauwe strop en daaronder grijs lederen veterbooties. Allemaal waren ze opgewekt en gedienstig – op het dociele af. Ze spraken met twee woorden, bedankten me en wensten me ‘nog een hele fijne dag’. Zelfs de doorgaans nogal morsige CEO die ik zou interviewen.

Ik schrok wakker. Buiten was het nog donker. Ik peinsde me suf. Wie was deze man? De middelbareschoolvriend die naar Portugal was geëmigreerd? Tommy Wieringa? Jeroen van Koningsbrugge? Die had ik afgelopen weekend nog zien schitteren in de rol van Riphagen, de meedogenloze Amsterdamse oorlogsmisdager die de hoofdrol speelt in de gelijknamige film.

Toen de kerktoren zes heide en het begon te schemeren viel het kwartje. Die man, dat was Humberto Tan. De niet te vermijden Humberto Tan – geen Umberto schrijven, dan wordt-ie boos las ik ooit – hij kan het dus wel.

Wat deed die Tan in mijn walnoot? RTL Late Night, de latenightshow die hij dagelijks presenteert, zie ik zelden tot nooit. Een te hoog wc-eendgehalte. Verder kan ik me alleen nog herinneren dat hij ooit bij Studio Sport werkte. Ergens in een vorig millennium toen voetbal nog leuk was.

Maar hoe kwam ik dán bij Humberto Tan? En, wat moest hij van mij? Ik wist het! Ik had hem een paar dagen daarvoor in de krant zien staan. In een paginagrote advertentie van een stoelenproducent, een merk dat ik vooral associeer met advertenties waarin bejaarden zich, al lachend, vrijwillig laten katapulteren. Tan moet dit merk kennelijk van zijn stoffige imago verlossen.

De talkshowhost is volgens onderzoek de meest relaxte BN’er, op de voet gevolgd door collega-presentator Chris Zeegers en historicus Maarten van Rossem. Dit voor wat het waard is – het ‘onderzoek’ is uitgevoerd in opdracht van diezelfde stoelenproducent. En Tan is ook al jaren achtereen de best geklede BN’er. Een ideaal boegbeeld, moet de stoelenfabrikant hebben gedacht. Dus vroeg hij de stijlicoon mee te denken over een ‘eigentijdse collectie relaxstoelen’.

Bij stoelen blijft het niet. Nog geen maand geleden zat ik bij de opticien. Een montuur van Humberto Tan, was dat niets voor mij? Ik bedankte en vroeg of er ook al Tan-rookworst te koop was. De opticien fronste zijn wenkbrauwen.

Vraag is hoe lang die worst nog op zich laat wachten. Relaxstoelen, brillen, kleding, schoenen, boeken, cd’s, discofeesten: Humberto Tan is óveral.

Grote kans dat het daar niet bij blijft. Tan is een merk, een sterk merk. Hij is niet alleen de meest relaxte BN’er en best geklede Nederlander, hij is goed van de tongriem gesneden, good looking, aimabel, intelligent en ook in Hilversum heeft hij inmiddels zo’n beetje alle prijzen – beste televisiepresentator, Omroepman van het Jaar, winnaar van de Zilveren Televizier-Ster – gewonnen die er maar te winnen zijn. Kortom, voor commerçanten en marketeers is Tan de vleesgeworden natte droom.

Aan mogelijkheden geen gebrek. Humberto, de e-mountainbike voor bikkels. HUMBERTO, de glossy. De VW Golf HT of, nog beter, de Saab Cabrio HT – Victor Muller kan niet wachten. En, wat te denken van een Humberto-dildo. Met relaxknop, maar dat spreekt voor zich.

Op reclamezuilen, in commercials en de spam, uit de kraan: langzaam en zen sluipt het Humberto-virus onder onze huid.

Daar is geen vaccin tegen bestand.