Wat heeft Ronaldinho te zoeken bij de rouwenden van Chapecoense?

Als op een roze wolkje zal de mededeling van Ronaldinho zijn neergestreken boven het geplaagde provinciestadje Chapeó in Zuid-Brazilië. Het bericht alleen al dat de Goddelijke Overbite overweegt enkele potjes gratis en voor niks te komen voetballen is balsem op de wonde.

De 71 doden zullen er niet van tot leven komen, maar na de vliegramp met de LAMIA 933 is alles welkom. Ronaldinho is inmiddels 36 jaar, zwaarlijvig en al veertien maanden niet in de running — waarbij je ook in de jaren daarvoor nauwelijks meer van running kon spreken — dan nog is het een dagdroompje waard.

Fantaseren over een met panna’s strooiende paardenstaart in het stadionnetje van de Braziliaanse middenmoter Chapecoense verdrijft voor even de tranen over het verlies van zovele spelers, trainers en begeleiders. In plaats van een finale om de Zuid-Amerikaanse versie van de Europa League in Medellín, Colombia, kwam er door de lege benzinetank en de uitvallende elektronica aan boord een de rampzalige landing. Er waren nog meer betreurden bij de crash – onder wie journalisten – maar sportteams spreken nu eenmaal tot de verbeelding dus de ellende voor Associação Chapecoense de Futebol staat overal in de media centraal.

Qua verbeelding: denk aan het in 1972 neergestorte rugbyteam in de Andes. Leidde niet toevallig tot een meeslepend boek (Alive van Piers Paul Read) en dito film. Alleen waren er toen veel meer overlevenden dan nu (zes).

Levensgenieter 
Het is daarom lief van Ronaldinho om te overwegen gratis te komen voetballen. Veel goals zal de levensgenieter vast niet maken in de Braziliaanse competitie. Sinds de jammerlijk vroege teloorgang van zijn ambities lacht Ronaldinho zich onbezorgd de wereld rond. Na zijn hoogtepunt in 2006, de Champions League-zege met Barcelona, volgden aardig wat teleurstellingen. Afgezien van een korte opleving in Milaan exposeerde de voetballende goochelaar al vanaf zijn dertigste meer trucjes in nachtclubs dan in stadions.

Doodzonde, maar aan de andere kant: hij mag doen wat hij wil en misschien was Ronaldinho nooit een echte prof, geen hardgekookte winnaar, eerder een Gutmensch op noppen die na zijn laatste deceptie bij Fluminense rondtrekt om goed te doen. Mogelijk vormen demonstratiewedstrijden zijn ware biotoop. Ronaldinho, aanvoerder van FC Charitas: waarom niet?

Laatst nog tijdens een potje voor de paus in Rome grijnsde hij, in zijn toptijd in Spanje al De Kleine Dikke genoemd, al zijn reusachtige tanden bloot. Lekker dollen met Totti en de twintig kilo te zware Maradona in het Olympisch Stadion, dan de hand van paus Franciscus drukken: Kleine Dikke helemaal blij.

Groot voordeel van Braziliaanse katholieken is dat ze niet snel zullen klagen over een uitgerangeerd supertalent dat over de ruggen van dode voetballers zichzelf in de picture zet. In Chapeó zien ze Ronaldinho lachen en lachen ze dankbaar terug.