Beledigd? Get a life, zielepoten

In mijn eigenste Volkskrant las ik dat 2016 het Jaar van de Belediging is. Nou heb ik mij nog nooit beledigd gevoeld want een belediging is namelijk een krenkende uiting die iemands eer en goede naam kan aantasten. Ik heb en ken geen eer en en mijn goede naam, ach, heeft u even?

Alleen zielige, primitieve en bijgelovige mensen en keeping up appearances-non-valeurs kunnen beledigd worden. Eer is een volstrekt hol begrip dat je vooral in primitieve landen als Afghanistan en Pakistan tegenkomt maar ook in Noord-Afrika en de Levant. Dan heeft de vrouw van een of andere tandeloze voddenboer (van goede naam en goede reputatie, proest & roflol) met een zwarte slijtplek van het bidden op zijn voorhoofd en met een baard van een meter door haar boerka naar de kamelenslager geknipoogd en wordt ze stante pede gestenigd door 4000 woedende mannen omdat ze de eer van de voddenboer heeft geschonden.

Ik zag per ongeluk eens zo’n weerzinwekkend filmpje op YouTube. Het schuim stond op de haatbaarden, en ze brulden maar: ze heeft de eer van Mo de voddenboer geschonden, ze heeft de eer van Mo de Voddenboer geschonden. Na een paar minuten gleed de hoofddoek van het tot pulp gestenigde hoofd van de arme vrouw en was de imam er als de kippen bij om de door bloed doorweekte lap weer recht te trekken, een en ander om haar goede eer te bewaken.

Ze hadden er best wel lol in, in het stenigen, want heel veel vermaak is er niet in Afghanistan naast bacha bazi en buzkashi. Buzkashi is de nationale sport en betekent letterlijk ‘geit grijpen’. Je kunt het spel vergelijken met polo, alleen speel je dan niet met een bal maar met het karkas (zonder kop) van een geit. Deze wordt in een cirkel geplaatst en omgeven door twee teams op paarden. Het doel van buzkashi is om het karkas te pakken, om een vlag heen te rijden en het in het doelcirkel te leggen. Bacha bazi kent u natuurlijk ook sinds GroenLinks een motie indiende om dit nationale Afghaanse cultuurgoed legaal te maken in de diverse asielzoekercentra.

Dan is er die bespottelijke eer van de familie. Als je in mohammedaanse landen een onschuldig grapje maakt over deze of gene’s moeder of zus, dan speel je met de dood. Dat zo’n knul met hetzelfde gemak de loverboy uithangt met minderjarig white trash maakt verder niet uit.

Mensen die zich steeds maar beledigd voelen hebben uiteraard geen enkel gevoel voor humor en zijn gespeend van welke vorm van zelfspot dan ook. Ik heb eens een Marokkaanse stand-upcomedian geïnterviewd en vroeg toen wat zijn taboes waren. Hij zei, in principe maak ik over alles keiharde grappen behalve over mijn familie, seks, de profeet, de koran en Allah. Verder over alles. Hij is nu stand-upcomedian bij IS in Oost-Aleppo. A tonic for the troops!

Gisteren was er een of andere Marokkaanse grollenbakker bij Pauw, zo las ik op twitter. Die brulde de hele boel bij elkaar, dat de witte kaffers respect moesten tonen voor hem omdat hij een vrome moslim was etc, etc. Volgens mij was hij (correct me if I am wrong, ze heten allemaal hetzelfde) het die een jaar of wat geleden een voorstelling gaf in een theater in Tilburg en toen moesten de mannen en vrouwen gescheiden in de zaal zitten en mocht er tijdens de voorstelling geen alcohol verkocht worden. En dat noemt zich dan stand-upcomedian.

Edgar Davids en Regilio Tuur waren ook altijd beledigd, gekwetst en in hun goede eer aangetast. Toevallig lijken ze ook nog op elkaar, en met name in lengte. Allebei notoire vrouwenmeppers al moet ik daar bij aantekenen dat hun slachtoffers altijd een paar koppen groter waren zodat meneer Edgar en Regilio altijd een krukje mee moesten nemen om zich af te reageren op de levende boksballen. In de regel kunnen Surinamers trouwens heel goed tegen grapjes en hebben ze een smakelijke zelfspot.

Davids en Tuur hebben al dat geouwehoer over eer en respect natuurlijk gewoon gejat van al die Amerikaanse rappers die – in een jacuzzi vol met hoeren, champagne en stijf van de coke en de crystal meth – ‘respect’ brullen. Daarna jagen de brothers elkaar lood door de kop omdat er eentje met de bitch of ho van de ander vandoor is.

Enfin, ik ben dus nog nooit beledigd. Misschien zijn er wel pogingen gedaan, op internet of zo, maar meestal heb ik dat niet door en ervaar ik dat soort teksten als een enorm compliment. Ik vind het heerlijk als mensen de moeite doen om mij aan te schrijven. Jammer dat die fanmail altijd wemelt van de taalfouten (het ‘Nederlands’ van DENK, zeg maar). De taalnazi in mij ontwaakt dan en dat is voor niemand prettig hoor.

Goed, ik resumeer: beledigd worden is voor zielepoten met een minderwaardigheidscomplex, zonder enige zelfspot en humor. Vaak zijn ze ook nog eens religieus (als het ze uitkomt). Het mooiste vertoog over beledigen komt overigens van dominee Gremdaat, daar kan ik niet over heen. Respect voor Paul Haenen!