Messi komt een verticuteermachine lenen

‘Ik knapte er enorm van op’

Zaterdag ging ik wat gebukt onder een zwaar gemoed. Dat kwam door de sneeuw, en de wereld en door Piet Keizer. Dat gaat maar dood de hele tijd.
Er was niemand thuis. Alle lampen waren uit, en het boek ook. Misschien kon thee (die dure) troost bieden, dacht ik. De waterkoker hikte, aarzelde even en besloot toen de geest te geven.
Het was een prima moment om nietsziend voor je uit te staren.

Toch zette ik de televisie aan.
Randomtube, zoals cabaretduo De Partizanen het noemt.
Ik klikte wat rond, bleef hangen bij een consumentenprogramma – ‘Dat is mij in de winkel destijds niet verteld’ – en daarna bij gesponsorde snowboardellende.
Uiteindelijk belandde ik op kanaal 14. Ziggo Sport. Ziggo Sport is zo’n zender die er opeens is. Je hebt er niet om gevraagd, je hebt er niet voor betaald, maar je hebt het wel gewoon. Een gegeven paard dat ik af en toe graag in de bek mag kijken.

Een faillissementsverkoop? Oeioeioei!

Op Ziggo Sport was Deportivo Alaves – Barcelona in volle gang. Verslaggever was Sierd de Vos, opperbevelhebber van de vanuit bezemkasten commentaar gevende strijdkrachten. Op Ziggo Sport becommentarieert Sierd bijna alles, als het maar uit Spanje komt. Geef Sierd een Spaanse bankencrisis en hij gaat aan de slag. “Dit is Angel Maria Bananes Rivera. Ja, Bananes, zo heet ie echt. Misschien omdat hij van die kromme financiële constructies bedenkt. Nou ja. De vader trouwens van deze Angel Maria Bananes Rivera is een architect uit Galicia, in het uiterste noordwesten van Spanje. En in het dorpje waar die man werkt, noemen ze hem El Banano, omdat alle gebouwen die hij ontwerpt in een paar jaar tijd kromtrekken. Dat is echt waar. Sabrosa sin Sentido heet dat plaatsje. Gaat u maar kijken. Die vader – Bolero Bananes Gonzalez heet hij – drinkt trouwens iedere ochtend een fles pure alcohol. Echt waar. En de zus van Angel Maria Bananes Rivera, dat is ook een verhaal. Die heet Maria Dolores Bananes Rivera en zij is, tja, bekend van heel andere dingen dan van banken. U moet haar maar eens opzoeken op internet. Een tip: wet T-shirt is in het Spaans ley camiseta. Succes. Ho, wat gebeurt daar? Een faillissementsverkoop? Oeioeioei. Koekkoek!”

No problemo, voor El Sierd – zo noemt Sierd zich. Zijn biografie heet El Sierd. Ik heb hem nog niet gelezen door tijdgebrek. Er is trouwens ook een programma dat Bodega El Sierd heet. Ook op Ziggo Sport, de zender vol onverwachte presentjes. Bodega El Sierd is erg goed. In dat programma neemt Sierd (El Sierd) iedere maandag de Spaanse competitie door in een tapasrestaurant. Naast hem zit een kale man met een gitaar en achter hem hangt een ham ter grootte van een forse kleuter.
(El Sierd klinkt trouwens een beetje als een tropische storm die niet helemaal waarmaakt wat ie heeft beloofd. Enfin.)

Messi

Een van Sierd de Vos’ sterkste punten is dat hij kan lezen. En hij is niet bang het te doen ook. Zo leest hij bijvoorbeeld Alle Kranten. Er zijn hartstikke veel kranten. De meeste mensen maken een keuze, maar Sierd leest ze gewoon Allemaal. Zo heeft hij nieuwtjes die niemand anders heeft. Zaterdag vertelde hij bijvoorbeeld over een interview van Barcelona’s Ivan Rakitic in een Kroatische krant. Kon hij aanraden, Kroatische kranten. Wel gekke letters trouwens. In dat artikel, zo vertelde Sierd, mijn postillon des nouvelles, vertelde Rakitic dat hij nog nooit op de Ramblas was geweest. Terwijl hij dus bij Barcelona voetbalt.
Dat stond in zijn contract.

Even was het stil. Het zachte gonzen van een voetbalstadion ver weg vulde de huiskamer. El Sierd weer: “Wist u trouwens dat op de Ramblas iedere zaterdag de wereldkampioenschappen zakkenrollen worden gehouden?”
Het fijnste nieuwtje uit El Sierds bodemloze koker ging over Lionel Messi. Nu vind ik bijna ieder nieuwtje over Messi fijn. Als je nieuwtjes kon stalken, was ik een Messinieuwtjesstalker. Ik zit er bovenop. Niet zo bovenop als Sierd natuurlijk, maar toch.

Dit was echt een fijn nieuwtje. Het ging zo: Lionel Messi had een nieuw huis, in Castelldefels. Castelldefels is het Bergen van Barcelona en Lionel Messi had last van irritante buren. Ze maakten teveel herrie, vaak precies als het tijd was voor zijn middagslaapje. Dus, aldus El Sierd, belde Messi op een dag bij die buren aan en vroeg hij ze wat ze voor hun huis hadden betaald.
“Acht ton,” zeiden de buren.
“Ik geef je twee miljoen als je volgende week vertrokken bent,” schijnt Messi toen te hebben geantwoord.

Buurtbarbecue

Stel: je zit op de bank, nietsvermoedend, zaterdagmiddag. Raampjes open, muziek (Nickelback? The Rasmus? Abel? Of gewoon Kanye?) goed hard, hand in de broek, ramen open. Chillmodus aan. De boel de boel latend. Je werkt hard, je hebt je ontspanning nodig. Dan: de deurbel. Je verwacht geen bezoek. Moet je opendoen? Kan dat, in deze kleren? Misschien, denk je, is het een pakketje, of een vreemdeling zeker die verdwaald is zeker. En wie weet is het iemand die je heel veel geld komt geven. Je weet maar nooit.

Voor de deur staat de beste voetballer aller tijden. Hij ziet er wat verkreukeld uit, er loopt een vouw van zijn rechteroog schuin over zijn gezicht, tot onder zijn baard. Wat komt hij doen? Je uitnodigen voor de buurtbarbecue? Vragen of hij je verticuteermachine mag lenen – alweer? Zaniken over de overhangende takken van je palm?
Hij is kleiner dan jij, je kunt hem zo op  zijn bolletje tuffen. Maar dat doe je niet, natuurlijk niet. Maar wat doe je wel? Wat zeg je? “We hebben al kinderpostzegels”? Een grapje, kan dat?

Dat moment, die stilte, dat Once upon a time in the West-moment op een stoep ergens in Castelldefels, daar knapte ik enorm van op.