Een Youpie van eigen deeg

Eigenlijk was ik na de Bucklerlul al wel klaar met het getier en geraas van cabaretier/columnist Youp van ‘t Hek, maar toen kwamen er nog bijna dertig jaar achteraan. Nog even en het keffende kakkertje uit het Gooi heeft Blokker voorbijgestreefd. Die zat wel veertig jaar bij De Volkskrant. Columnisten zijn soms net politici: niet van het pluche af te krijgen. Toch kun je je bij Youp afvragen of zijn uiterste houdbaarheidsdatum als columnist niet in zicht is. Tijd voor een ‘Youpie’ van eigen deeg.

Zijn column van 17 februari, over dat voetbalcluppie in Bladel, was voor mij de spreekwoordelijke druppel. Nadat eerst de NOS het voetbalclubje onderuit had gehaald omdat vier jeugdspelers niet meer het veld op mochten omdat ze te weinig loten hadden verkocht voor de Nieuwjaarsloterij van de club, deed Youp het in zijn zaterdagcolumn nog eens dunnetjes over. Bestuursleden waren ‘lootzakken’, ‘sneuneuzen’ en ‘geestelijk bont en blauw geslagen zielepoten’. Ze werden weer eens aan Youps hoogste boom opgeknoopt. De werkelijkheid zat echter anders in elkaar dan de media en Youp voorspiegelden.

Geknipt en geschoren

De voetbalclub besloot in 2010 al in de ledenraad dat er jaarlijks een loterij gehouden zou worden en dat ouders dat eventueel konden afkopen. Dat gebeurt bij talloze clubjes in Nederland. Bovendien waren aan de ouders nog alternatieve opties voorgelegd. Toen enkele dagen later bleek hoe de vork echt in de steel zat – en dat de ouders gewoon de contributie te hoog vonden – nam ook Marjan Olfers, hoogleraar sport en recht aan de Vrije Universiteit in Amsterdam, haar kritiek terug. Zij was door de hysterische berichtgeving in de media op het verkeerde been gezet. Er bleek geen sprake van een royement en het opzeggen van het lidmaatschap is gerechtvaardigd als de contributie niet wordt betaald. Maar ja, toen was het bestuur van de voetbalvereniging al geknipt en geschoren.

Kakkers

Op 3 februari kregen de kakkers van een villawijk in Bussum ervanlangs. Ze zouden protesteren tegen de komst van een school in hun wijk (Het Spiegel). Volgens Youp was het allemaal miljonairsgeneuzel en rijkemensengezeik. En dat ‘terwijl op de Middellandse Zee wanhopige Afrikaanse dobberzielen zich vastklampen aan een halflekke rubberboot in de hoop dat er redding komt.’ Wat het een met het ander te maken heeft, is mij volstrekt onduidelijk. Een columnist als Youp schuwt kennelijk geen drogreden om zijn punt te maken.

De boze kakkers sloegen natuurlijk terug en lieten de ombudsman van de NRC Sjoerd de Jong weten helemaal niet tegen de komst van een school te zijn. Ze hadden vooral problemen met het formaat van de school (400 leerlingen) in verhouding tot het formaat van het Loman-pleintje en de te verwachtte drukte en parkeeroverlast. De Jong gaf toe dat de lezer over dit relletje wel erg weinig feitelijke informatie had gekregen en dat de krant moet streven naar een striktere scheiding tussen nieuws, analyse en opinie.

Overleefd

De vraag is of de NRC zichzelf niets eens moet afvragen of Youp van ‘t Hek nog wel past bij een krant waar je als lezer enigszins genuanceerde opinies verwacht. Natuurlijk moet een columnist kunnen schrijven wat hij of zij wil en bestaan Youps schrijfsels bij de gratie van vrije meningsuiting, maar ook van een columnist mag je enige feitelijke onderbouwing verwachten en oog voor de werkelijkheid. Een goede column stemt tot nadenken en plaatst het nieuws idealiter in een groter verband. Als dat ontbreekt is een columnist niet meer dan een van de vloekende en tierende vaders die aan de zijlijn op het voetbalveld staan. Barbertje moet hangen, het liefst met een verbale nekklem, want dat verkoopt lekker: dat is de gemakzucht van Youp waar ik zo ondertussen helemaal klaar mee ben.

Moe

Ik ben moe van Youp; moe van het geschop, het gebral en geraas. Moe van de gemakzucht waarmee hij afgelopen zaterdag weer eens ‘Gekke Henkie’ (Krol) en Tunahan Kuzu richting het gesticht verwees. Moe van hetzelfde kunstje dat hij al dertig jaar doet en het totale gebrek aan (zelf)relativering. Youp als columnist is een schrijvende conferencier, maar de werkelijkheid van het theater is een andere dan die van de krant.

In een samenleving die toch al tot op het bot gepolariseerd is, en waar dagelijks dezelfde soort ongenuanceerde meningen worden rondgetwittert en gefacebookt, is het voorspelbare gestamp van die olifant in de porseleinkast wel het laatste waar ik als lezer behoefte aan heb. Ik vind het wel goed met Youp van ‘t Hek.

Oswin Schneeweisz