Kutje quotumkip

Dit is een kipcolumn. Dat wil zoveel zeggen als dat er een quotum op zit. De tekst moét voor 40 procent door vrouwen tot zich genomen worden. Dus als u een man bent, stop dan nu en geef dit schrijfwerk onmiddellijk aan een clittige collega, borstige maîtresse, of dat zeikwijf waar u mee getrouwd bent. U brengt anders de cijfers in gevaar. Mocht zo’n taboe-tepelige in kwestie zeggen dat ze niet kan lezen, of dyslectisch is, bedenk dan dat de meeste dames aan bescheidenheid lijden. Typisch kippenkwaaltje. Ze zijn hun eigen glazen plafond en staan het dan vaak nog te schrobben ook. Stel ze gerust en laat ze vooral verder lezen.

De Amerikaanse schrijfster Catherine Nichols stuurde ooit een uittreksel van haar manuscript onder haar eigen naam en onder een mannennaam naar vijftig verschillende uitgevers. Haar mannen-alias kreeg beduidend meer positieve reacties dan haar eigen naam. Uitgevers wilden acht keer vaker het hele manuscript lezen toen het van ‘George’ afkomstig was en noemden het ook eerder ‘slim’ en ‘opwindend’. Zelfs de afwijzingsmails aan haar mannelijk alter ego waren positiever en uitgebreider dan die aan haarzelf. Ze kreeg meer opbouwende kritiek als man dan als vrouw en voelde zich, al met al, serieuzer genomen.

Met de feedback die ze als man kreeg kon ze echt verder om haar boek te verbeteren, terwijl ze als vrouw eigenlijk impliciet ontmoedigd werd dit te doen. Als ‘Catherine’ kreeg ze regelmatig te horen dat het manuscript nogal ambitieus was en dat haar karakters wel erg ‘pittig’ waren. George kreeg helemaal geen commentaar op het temperament van zijn hoofdpersonen. Zijn ambitieuze opzet werd eerder als uitdagend en prikkelend gezien.

Kritik der reinen Vernunft

Ik bewijs niets wetenschappelijks met dit voorbeeld. Ik ben tenslotte een vrouw. Ik wil eigenlijk vooral illustreren dat objectiviteit in beoordeling nog best een hele toestand is. Sterker nog, het bestaat niet. De wereld op zich bestaat al niet, toonde Immanuel Kant aan in Kritik der reinen Vernunft. Wij kunnen de werkelijkheid niet kennen buiten wat wij waarnemen. En onze waarneming heeft weer invloed op wat we waarnemen. De categorieën, de hokjes die wij in ons hoofd hebben, bepalen wat wij gadeslaan en hoe we dat indelen in ons kensysteem. In hoeverre onbewuste motieven hierbij een rol spelen is vrij moeilijk te bepalen vanwege, je raadt het al, het onbewuste karakter van voornoemde motieven. We delen de wereld dus in naar hoe wij geleerd hebben die in te delen en kunnen helaas nooit uit ons eigen hoofd stappen. Daardoor is het idee van objectiviteit eigenlijk niet meer dan een illusie.

Furie Jinek

Eva Jinek deed afgelopen maandag gewoon haar werk als talkshowhost toen zij Jan Roos een aantal kritische vragen stelde, maar kreeg in de pers meteen het predicaat furie opgeplakt. Op een feministisch blog werd ze juist weer bejubeld. Zou er zo ook op Pauw gereageerd zijn als hij zijn gast op dezelfde manier had aangepakt? Of is het toch nog altijd zo dat we van een vrouw ander gedrag verwachten? Als dat het geval is, hoe kunnen we dan denken dat dit verwachtingspatroon geen invloed heeft op bijvoorbeeld de kansen bij een sollicitatie naar een belangrijke functie?

Zelf had Jinek het over wijverig, toen ze negatief gedrag van Roos wilde benoemen. Misschien deed ze dit expres om de kijker op de eerdere misogynie van Jan te wijzen, maar het feit blijft dat er aan iets vrouwelijks werd gerefereerd om onprettig gedrag aan te duiden. Een mannelijk equivalent van dit woord bestaat niet eens. Dat zegt al genoeg.

Laten we ons dus niet al te gozerig gedragen en toegeven dat het de mens soms aan zelfreflectie ontbreekt waar het objectiviteit en rechtvaardigheid betreft. Vooral bij minderheden hebben we vaak de gekste dingen in die Kant-categorieën in ons hoofd zitten. Frenk van der Linden wilde in DWDD een lans breken voor de gekleurde medemens en had het twee zinnen later over ‘dat soort mensen’. Blij verrast riep hij uit dat vrouwen, invaliden en ‘negers’ in Canada ‘gewoon’ in de regering zitten. Hoe gewoon is dit eigenlijk, als je het op die manier formuleert?

Denkfout

Daarom vind ik dat mensen die tegen een vrouwen-, allochtonen- of wat voor quotum dan ook zijn, met kwaliteitsverlies als argument, een enorme denkfout maken. Ze gaan ervan uit dat iedereen bij gelijke kwaliteit en geschiktheid ook gelijke kansen heeft en dat dit de situatie is waarin we nu al verkeren. Als dat zo is, hoe kan het dan dat nu in vrijwel alle topposities witte mannen oververtegenwoordigd zijn? Het moet dan wel zo zijn dat die meer kwaliteit leveren en geschikter zijn voor bijna alle functies. Dat is de enige logische conclusie die volgt uit de voorgaande redenatie.

Een ogenschijnlijk rechtvaardig standpunt over kwaliteitsverlies is dus impliciet racistisch of seksistisch. Mensen willen heus eerlijk zijn, maar slaan de eerste stap over in hun denken. Ze beginnen bij een ideale situatie van gelijke kansen. Het nulpunt waar iedereen gelijk is. Dat punt is er niet. Er is +10 voor de een en -5 voor de ander. De wereld heeft een uitgangspositie die wij niet meer kunnen zien. We worden geboren in een wereld waar allang een quotum geldt.

Kutje plofquotum

Welkom op aarde baby’s, het is hier best leuk, maar houd rekening met ons standaard witte-mannen-quotum. Dat betekent dat je als meisje soms in een mandje de rivier af moet, dat je altijd je clit goed in de gaten moet houden, dat je manuscript gemiddeld acht keer vaker teruggestuurd wordt, dat je als mens van kleur de hele tijd het gevoel hebt op visite te zijn in je eigen land en dat je in de politiek weleens geholpen zou kunnen zijn met het quotum van Jesse Kleuter. Echt? Wel Godverdomme, zou Ronald Giphart zeggen. God, god, godverdomme, zeg. Da’s oneerlijk. Laat de senatoren daar eens Kamervragen over stellen.

Ja, quotumkipjes, en mannen die stiekem nog meelezen, pas als het beginpunt echt nul is, als iedereen werkelijk hetzelfde wordt beoordeeld, bewust én onbewust, pas dan kunnen we dat discriminerende idee van die malle quota loslaten. Maar dat zou nog weleens een flink tijdje kunnen duren als we deze Europarlementariër mogen geloven. Kutje plofkip zou Ferry Doedens hier aan toevoegen en ik kan eigenlijk niet anders dan dat hartgrondig beamen. God, god, god, godverdomme. Pikkie plofquotum met peren. Wanneer schiet het nou eens op?