Lijsttrekkers overschatten zichzelf met hun prognoses

De Twentse krant Tubantia haalde de afgelopen campagne geregeld het nieuws met de debattenreeks Van Torentje naar Torentje. Na die debatten mochten de lijsttrekkers hun eigen verkiezingsprognose invullen. De heren en dames gaven zichzelf opvallenderwijs meer kans dan er zetels in de Tweede Kamer zijn.    

Vrijwel alle lijsttrekkers voorspelden dat de VVD wederom als grootste partij uit de verkiezingen komt. Alleen Sybrand Buma en Lodewijk Asscher tipten hun eigen partij als overwinnaar. Henk Krol verwachtte dat de PVV van Geert Wilders – die wederom schitterde door afwezigheid – de grootste zou worden. GroenLinks-leider Jesse Klaver weerhield zich van een prognose.

Opvallend is dat de lijsttrekkers zich – zelfs zonder de voorspelling van Klaver – overschatten. Wanneer je de zetels optelt, die ze voor hun eigen partij voorspellen, kom je op een totaalaantal van 175 zetels.

Zo ziet de Tweede Kamer van de lijsttrekkers eruit:
VVD: 41 zetels
GL: geen prognose
ChristenUnie: 7 zetels
PvdA: 26 zetels
D66: 24 zetels
50Plus: 10 zetels
VNL: 4 zetels
CDA: 28 zetels
SP: 21 zetels
SGP: 4 zetels
Artikel 1: 4 zetels
PvdD: 6 zetels
Totaal: 175 zetels