Is het Plan Cruijff wel echt mislukt?

Ajax speelt almaar Cruijffiaanser

Twee jaar nadat de zogenaamde Fluwelen Revolutie openlijk als een verloren zaak werd beschouwd, speelt Ajax op een manier die Cruijff niet slecht zou zijn bevallen.

Tegen FC Kopenhagen gaf het elftal negentig minuten lang druk naar voren, de tegenstanders kregen nauwelijks tijd een bal aan te nemen, er was vleugelspel, er waren mooie balaannames, het publiek werd vermaakt met een soms listige trucjes. En ook toen Ajax alle reden had achterover te leunen om zo de 2-0 voorsprong vast te houden, werd geen mogelijkheid onbenut gelaten om het Deense doel onder vuur te nemen.

Als Cruijff op zijn wolkje boven de Arena zat, moet hij af en toe hebben geglimlacht om de sfeer daar beneden, om de goals, de passeeracties. En dat terwijl coach Peter Bosz een team met slechts drie spelers van de eigen opleiding het veld in had gestuurd. Het spel van Ajax is lang niet altijd vloeiend, ook donderdag was dat zeker het eerste half uur niet het geva. Maar onder Bosz, die nooit voor Ajax speelde, wordt er bepaald Cruijffiaanser gevoetbald dan in de vijfenhalf jaar onder ex-Ajacied Frank de Boer. Ook als Ajax geen landskampioen wordt en in de kwartfinale van de Europa League wordt uitgeschakeld, kan dat moeilijk worden ontkend.

Had Cruijff dus wel gelijk met zijn najaar 2010 gestarte ‘revolutie’? Het lijkt er niet op, althans niet helemaal. Na het slaapverwekkende spel van het vorige seizoen is ‘opleidingsclub’ Ajax weer ouderwets aan het kopen en huren geslagen. Liever aankopen die vooruit voetballen dan eigen kweek die de Arena verveelt met schuiffie-schuiffie-voetbal — toch?

Voetbal is een pragmatische aangelegenheid en misschien waren de Cruijffianen, die de complete opleiding en begeleiding binnen Ajax tot achter de komma wilden veranderen, wel gewoon te star bezig. Een eerste elftal met grotendeels ‘eigen’ spelers en slechts enkele gerichte aankopen van buiten: dat kan het spel ook eenzijdig maken, los van de vraag of het haalbaar is. Hoe sprankelend zou het huidige Ajax zijn zonder de in Colombia, Heerenveen en Denemarken opgeleide verdediger Davinson Sanchez, middenvelder Hakim Ziyech en spits Kasper Dolberg?

De waan van de dag zegt dat de Ajaxdirectie in 2016 terecht bakzeil heeft gehaald en ‘normaal’ is gaan doen. Juist door het granieten weerwerk van Sanchez kon zijn pas zeventienjarige collega in de verdediging, Matthijs de Ligt, zich moeiteloos het elftal in voetballen. Met een eerste selectie in Oranje als gevolg.

Niet lang voor zijn betreurde overlijden trok Cruijff zijn handen af van Ajax. Maar over de snelheid waarmee de bal nu naar voren gaat zou hij vermoedelijk weinig te klagen hebben; over het inpassen van jonge talenten als De Ligt, Donny van de Beek en Justin Kluivert ook niet; over het tactisch leidinggeven door Ajaxtelg Davy Klaassen evenmin.

In het Bosz-tijdperk wordt al met al niet volgens de letter van Cruijffs adviezen gehandeld, maar wel in zijn geest, en dat pakt voorlopig niet slecht uit.

In de catacomben van de Arena ging donderdag het gerucht dat op Cruijffs sterfdag 24 maart bekend zal worden gemaakt dat het stadion zijn naam zal dragen. Terecht natuurlijk. Het spel van de club die hem zo dierbaar was, is daar niet mee in tegenspraak.