Dierenrechtenorganisatie PETA ging in de fout met veganismespandoek

Dierenrechtenorganisatie PETA hing vorige week een spandoek aan de voorgevel van hun kantoor met de tekst ‘Don’t go ballistic, go vegan‘. Dit deed de organisatie om hun steun te betuigen aan de minister van Buitenlandse zaken, Rex Tillerson. Hij deed een oproep aan Noord-Korea om te stoppen met het nucleaire programma. PETA weet een andere manier om de heetgebakerde Kim Jung-un te kalmeren. Hij moet veganistisch eten. Waar haalt de dierenrechtenorganisatie – los van de bagatellisering van de ernst van de zaak – haar claim vandaan?

De strijd van de veganisten en vegetariërs is een moeizame weg waarin elke denkbare munitie wordt ingezet. We weten dat vlees eten slecht is voor je lijf, slecht voor het milieu en zorgt voor dierenleed. Het vorige week verschenen filmpje over de verschrikkelijk behandeling van varkens in Tielt, was weer een bevestiging van de misstanden in de slachthuizen. Maar vleesindustrie ligt nog lang niet op zijn gat.

De westerse eeuwenoude traditie rond ons dagelijkse stukje vlees is zo hardnekkig dat gigantische plantaardige bergen verschoven moeten worden, voor een meerderheid echt bereid is om hun eetpatroon aan te passen. Vandaar de nieuwste poging: eet veganistisch, zo krijg je wereldvrede. Een nieuwe leuze, die aanspreekt vanwege het rigoureuze statement, maar tegelijkertijd vooral vragen laat opdoemen. De gedachtegang van de campagne van dierenrechtenorgansiatie PETA (People for the Ethical Treatment of Animals) is dat mensen vrediger en minder agressief worden, zodra ze minder vlees eten. Deze stelling doet een belletje rinkelen op eigen bodem.

Een ‘Stapeltje’

Nederlands bekendste en door zijn fraude beruchtste onderzoeker, Diederik Stapel, ging vanwege deze claim onderuit. Door zijn bedrog, inmiddels al meer dan 6 jaar geleden, viel al het onderzoek over de koppeling tussen vleeseters en agressiviteit volledig in het water en werd niet meer serieus genomen. Stapel stelde immers op basis van frauduleus onderzoek vast dat vleeseters ‘egoïstische hufters’ zijn, een directe link tussen het eten van vlees en agressiviteit. Na de val van de hoogleraar en al zijn onderzoeken kon er weer met gerust hart vlees gegeten worden, zonder bang te zijn dat men spontane woedeaanvallen kreeg.

Al jarenlang doen meerdere niet-gouvernementele organisaties pogingen om mensen minder vlees te laten eten. Argumenten zoals de verwoesting van het milieu en de slechte effecten die het heeft op je lijf zijn bekend. Maar nu lijkt ook weer de agressiviteitsclaim van Stapel bezig aan een comeback. De banner buiten het kantoor van PETA in Washington D.C. was een tekening van Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un zittend op een kernraket, met de tekst; ‘Don’t go ballistic, go vegan. And make love not war.’

Agressie

Vanwege Stapel weten we waar het spandoekje naar refereert, maar voor de Amerikaanse leek is de slogan nogal verwarrend. Dat de banner inderdaad nogal omslachtig was, werd des te duidelijker toen aan PETA werd gevraagd waar ze deze uitspraak op baseerde. Ingrid Newkirk, de voorzitter van de organisatie, stelde dat veganistisch en vegetarisch eten bijdraagt aan onze mogelijkheid agressie te kunnen onderdrukken.

De rechtvaardiging van deze uitspraak kwam van een experiment dat uitgevoerd was in een gevangenis in Alabama, Verenigde Staten. Daar was gebleken dat gevangenen die vegetarische maaltijd kregen, als onderdeel van een geweldsverminderingprogramma, een significant verschil constateerde in hun gedrag. Vandaar, als Kim Jong-un nou wat minder vlees of veganistisch ging eten, wellicht ontwikkelde hij een afkeer tegen kernwapens. Appeltje, eitje. Nou, geen ei dan.

‘Uit onderzoekt blijkt’

De banner was luchtig bedoeld en PETA verklaart dat zij zich buiten de politiek willen houden. Al staan ze volledig achter de eigen koppeling van agressie en vleesconsumptie. Echter, relevant om te benoemen is dat het experiment in de gevangenis veel breder was dan alleen het minderen van het aantal hamburgers of andere vleesproducten. De gevangenen gingen mediteren, mochten niet meer roken of koffiedrinken en kregen constante begeleiding in het onderdrukken van hun agressie. Hierbij is het significante effect tussen vlees, of andere dierlijke producten en agressiviteit geenszins bewezen.

Daarmee maakt PETA misbruik van een wetenschappelijk onderzoek. Door een enkel een directe koppeling te maken tussen vlees eten en agressief gedrag wordt de lezer een verkeerd beeld voorgeschoteld.  En bovenal, we weten inmiddels dat er veel sterkere argumenten zijn om mensen minder vlees te laten eten. Het vergt alleen iets meer geduld.

Er schuilt een gevaar in het misbruiken van een experiment om een belangrijk doel op de kaart te zetten. Een ‘wetenschapsargumenten’ is altijd goede krantenkoppen en leidt ook tot gesprekstof in de kroeg. Het creëert even een bewustzijn en geloofwaardigheid. Het argument is immers onderzocht. Als vervolgens blijkt dat de conclusie niet strookt met je argument of dat zelfs het hele onderzoek onwaar is, zet je eigenlijk drie stappen terug.

Blijf vooral de werkelijk argumenten gebruiken, wellicht met het gevaar dat er nog een lange weg te gaan is. Maar integriteit, in het gebruik van wetenschappelijk argumenten, zal uiteindelijk overwinnen. Misschien is Kim Jong-un daarmee wel te overtuigen.