Vrouwen en feestdagen eerst: het complot tegen de Nederlandse identiteit

Wanneer het gaat over de moeilijk definieerbare ‘Nederlandse identiteit’ komen onze feestdagen al snel ter sprake. De emoties die loskomen als over Pasen of Kerstmis gaat – om over Zwarte Piet nog maar te zwijgen – zijn van ongeëvenaarde proporties. Elke vorm van ratio wordt overboord gegooid als iemand dreigt feestdagen te relativeren. ‘Het is allemaal een complot tegen de Nederlandse cultuur’.

Er moet haast een apart deel van onze hersenen geactiveerd worden wanneer over feestdagen gaat. Ogenschijnlijk verstandige, rationele mensen schieten in een enorme kramp als er ook maar enige relativering op dat vlak voorbij komt. Deze week was het weer raak: Elsevier-columnist Syp Wynia bezong het ‘lot’ van de feestdagen. Met de kop Wordt Pasen vieren de volgende verzetsdaad? was de toon gezet.

Waartegen die daad zich precies verzet is de logische vervolgvraag. Hoewel niet letterlijk zo geformuleerd lijkt het antwoord: tegen de aanval op ‘onze identiteit’. Die aanvallers zijn volgens Wynia: ‘moslim-fluisteraars, cultuur-relativisten, identity-politici; importeurs van Angelsaksische commercie en multiculturaliteit’. Je zou door deze oorlogsmetaforen bijna vergeten dat het om het schilderen van eieren gaat.

Syp Wynia en Pasen

Wynia gaat alle facetten van het paasweekend langs. Pasen bestaat uit de paashaas, The Passion, de Matthäus Passion, paastakken maken en op Tweede Paasdag naar de meubelboulevard. Je zal maar in een land wonen dat zijn identiteit ontleent aan het culturele bezit van een speciale dag om naar de meubelboulevard te gaan.

Klaarblijkelijk is dat het grootste goed van Wynia en de zijnen. De Elsevier-columnist zegt het zelf: de paashaas is hooguit twee eeuwen geleden geïmporteerd uit Duitsland, en The Passion kennen we pas een aantal jaar. Je zou ook kunnen zeggen: het is ook maar net wat je doet met zo’n lang vrij weekend. Maar zo is het beslist ook weer niet. Wynia ziet Pasen als de nieuwe frontlijn na Sinterklaas en kerst. Terwijl het nog twee discussies zijn waar alle ratio verloren ging.

Mark Rutte en kerst

Afgelopen december wist Mark Rutte zich nog op te winden over mensen die ‘fijne feestdagen’ zeiden, of zelfs de gruwelspreuk ‘fijne december’. Zelfs de NPO maakte zich hier schuldig aan. Het was natuurlijk ook schrikken, als iemand het in zijn hoofd haalt fijne feestdagen te zeggen, ‘niet normaal’ in VVD-jargon. Het ging Rutte er om dat we in Nederland Kerstmis vieren, en dat gewoon tegen elkaar moeten kunnen zeggen.

Maar wat bleek: de NPO gebruikte ‘gewoon’ het woord kerst in haar spotjes. Wie dat niet deed: Mark Rutte en zijn VVD, die hadden op hun ‘kerstkaarten’ de tekst ‘fijne feestdagen’ staan. Ware het niet dat Rutte zich er zelf boos over maakte, was er overigens niks opmerkelijks aan die kaarten te beleven geweest. Want waar hebben we het in hemelsnaam over?  Een discussie dieper in de marge kan ik me bijna niet voorstellen.

Tekst gaat door onder de video (zie het einde van de video voor de VVD-‘kerstkaarten’).

Zwarte Piet is het summum van deze overgevoeligheid. Met gevaar voor eigen leven brand ik mij kort aan deze materie. Rutte’s partijgenoot Halbe Zijlstra sprak in december – mag ik nog wel december zeggen? – vorig jaar over het feit dat RTL schoorsteenpieten had geïntroduceerd in haar programma. Hij schreeuwde moord en brand. Dat wil zeggen: voornamelijk moord. RTL ‘vermoordde’ het Sinterklaasfeest in de ogen van Zijlstra. Weer zo’n loodzware metafoor. Het lijkt misschien onmogelijk te rijmen met de vermindering van schmink, niets is minder waar in het hoofd van Halbe Zijlstra.

Jan Roos en de kerstboom

Afgelopen campagne zat Jan Roos aan tafel bij Pauw en Jinek: de verkiezingen. Zijn overbuurman aan de tafel was Alexander Pechtold. Toen laatstgenoemde het waagde om in tweespan met Jeroen Pauw enigszins relativerend deze hetze rond feestdagen te beschouwen, was Roos het zat. Wat volgde was een betoog over de kerstboom, die volgens Roos niet meer in de Hogeschool van Amsterdam mocht staan. De Volkskrant factcheckte zijn betoog. Lang verhaal kort: het was onwaar.

Terug naar Pasen. In diezelfde uitzending van Pauw en Jinek: de verkiezingen ging het over de Hema-folder die afgelopen voorjaar in omloop was. Op de voorkant daarvan stond de tekst – pas op, dit kan als schokkend ervaren worden – ‘vrolijk voorjaar’. Binnenin stond meermaals het woord Pasen, maar dat kan natuurlijk nooit voldoende zijn: de cultuur in de uitverkoop. Bij de Hema werden ruiten ingegooid. De reden van de paasloze leus op de voorkant van de folder was echter simpel.

Pasen viel vrij vroeg in de periode en de folder moest het hele voorjaar mee. Ergo: vrolijk voorjaar. Hoeveel winkels hebben ‘we’ wel niet moeten boycotten, omdat ze een ander tekeningetje op hun snoepjes deden. Je zal maar net een pak yoghurt nodig hebben, maar in de buurt alleen supermarkten hebben die niet de tekeningetjes hebben die jou aanstaan: pech, geen yoghurt.

Complot tegen de Nederlandse cultuur

Wynia gaat in zijn betoog van meubelboulevard naar ‘assertieve migrantengroepen’ die de baas willen zijn, en identity politics van ‘zwarte slachtoffers en witte schuldigen’. Onze feestdagen worden zo gepromoveerd tot een culturele strijdtoneel waarbij je een landverrader bent als je niet van taaitaai houdt. En iedereen die wel eens twijfelt wat we ook alweer vieren met Pinksteren is onderdeel van een complot tegen de Nederlandse cultuur!

Ik ben nog nooit op de meubelboulevard geweest op Tweede Paasdag, The Passion heb ik maximaal vijf minuten gekeken in mijn leven en sinds ik de leeftijd van acht ben gepasseerd laat ik haas en het schilderen van zijn eieren links liggen. Sterker: ik houd eigenlijk helemaal niet zo van feestdagen. Aan Syp Wynia de vraag waar ik mijn paspoort in moet leveren. Nu we toch dramatisch aan het doen zijn over wat eieren en een haas.